Archief 745
Inventaris 745-311
Pagina 145
Dossier 44
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte ambtelijke brief/rapportage.

11 maart 1940. Van: De Directeur (van een gemeentelijke dienst, waarschijnlijk Levensmiddelen of Financiën). Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier.

Origineel

Getypte ambtelijke brief/rapportage. 11 maart 1940. De Directeur (van een gemeentelijke dienst, waarschijnlijk Levensmiddelen of Financiën). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier. [Rechtsboven handgeschreven:] M. Müller

VP/DV.

10/4/2 M.
1

11 Maart 1940.

Voor- en nadeelen van
den oorlogstoestand.

den Heer Wethouder voor de
Levensmiddelen,
A l h i e r.

Gevolg gevende aan de opdracht vervat in de circulaire van Burgemeester en Wethouders d.d. 20 September 1939 (No. 1164/208 Fin. 1939) heb ik de eer in bijlage dezes een opgave van 728 L.M. de nadeelige en van de voordeelige gevolgen van den oorlogstoestand in te dienen, welke opgave betrekking heeft op de maand Januari 1940.

Evenals dit in de vorige opgave is geschied (vide mijn rapport d.d. 19 Januari 1940 No. 10/4/1 M.), is bij het berekenen van het nadeel ontstaan door huurderving, aangenomen, dat onder normale omstandigheden de huurders, die wegens mobilisatie ontheffing van hun verplichtingen hebben gekregen, na afloop van hun contract een zelfde object zouden hebben gehuurd.

Nadeel tengevolge van prijsstijgingen werd opnieuw Pro Memorie opgenomen.

Mindere opbrengst van belastingheffingen. Deze post betreft uitsluitend de Vischmarkt. De gemiddelde opbrengst in de maanden Januari 1936, 1937 en 1938 werd gesteld tegenover de opbrengst in Januari 1940. De vorstperiode in Januari 1940 is mede van grooten invloed geweest op de ontvangsten. Hieruit blijkt, dat juiste cijfers omtrent het nadeel ontstaan door den oorlogstoestand, niet kunnen worden gegeven.

De Directeur, Dit document is een ambtelijk verslag over de economische impact van de "oorlogstoestand" (de periode van mobilisatie vóór de feitelijke Duitse inval in mei 1940) op de gemeentelijke financiën.

De belangrijkste punten uit het rapport zijn:
1. Huurderving door mobilisatie: Er is sprake van inkomstenderving omdat huurders die gemobiliseerd zijn, ontheffing hebben gekregen van hun huurverplichtingen. De gemeente rekent hierbij met de aanname dat deze contracten normaal gesproken verlengd zouden zijn.
2. Prijsstijgingen: Deze worden "Pro Memorie" (P.M.) genoteerd, wat betekent dat de kosten erkend worden maar nog niet exact gekwantificeerd zijn in dit overzicht.
3. Belastingderving Vischmarkt: Er is een opvallende daling in belastingopbrengsten bij de Vischmarkt.
4. Verstorende factoren: De directeur merkt scherp op dat de nadelige cijfers niet louter aan de oorlogstoestand toegeschreven kunnen worden; de extreme vorst in januari 1940 (een historisch koude maand) speelde een grote rol in de economische stagnatie. De brief is geschreven op 11 maart 1940, slechts twee maanden voor de Duitse inval in Nederland. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, was de samenleving sinds september 1939 in staat van mobilisatie. Dit had grote gevolgen voor de lokale economie: mannen waren uit hun beroep gehaald voor militaire dienst, distributiesystemen werden opgezet en de handel ondervond hinder van de internationale spanningen.

De genoemde "vorstperiode" verwijst naar de winter van 1939-1940, die te boek staat als een van de strengste winters van de 20e eeuw. De combinatie van oorlogsdreiging en natuurverschijnselen zorgde voor complexe administratieve vraagstukken voor gemeentebesturen, zoals dit document illustreert. De handgeschreven naam "M. Müller" rechtsboven kan duiden op de ambtenaar of wethouder die het document in behandeling heeft genomen.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk verslag over de economische impact van de "oorlogstoestand" (de periode van mobilisatie vóór de feitelijke Duitse inval in mei 1940) op de gemeentelijke financiën.

De belangrijkste punten uit het rapport zijn:
1. Huurderving door mobilisatie: Er is sprake van inkomstenderving omdat huurders die gemobiliseerd zijn, ontheffing hebben gekregen van hun huurverplichtingen. De gemeente rekent hierbij met de aanname dat deze contracten normaal gesproken verlengd zouden zijn.
2. Prijsstijgingen: Deze worden "Pro Memorie" (P.M.) genoteerd, wat betekent dat de kosten erkend worden maar nog niet exact gekwantificeerd zijn in dit overzicht.
3. Belastingderving Vischmarkt: Er is een opvallende daling in belastingopbrengsten bij de Vischmarkt.
4. Verstorende factoren: De directeur merkt scherp op dat de nadelige cijfers niet louter aan de oorlogstoestand toegeschreven kunnen worden; de extreme vorst in januari 1940 (een historisch koude maand) speelde een grote rol in de economische stagnatie.

Historische Context

De brief is geschreven op 11 maart 1940, slechts twee maanden voor de Duitse inval in Nederland. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, was de samenleving sinds september 1939 in staat van mobilisatie. Dit had grote gevolgen voor de lokale economie: mannen waren uit hun beroep gehaald voor militaire dienst, distributiesystemen werden opgezet en de handel ondervond hinder van de internationale spanningen.

De genoemde "vorstperiode" verwijst naar de winter van 1939-1940, die te boek staat als een van de strengste winters van de 20e eeuw. De combinatie van oorlogsdreiging en natuurverschijnselen zorgde voor complexe administratieve vraagstukken voor gemeentebesturen, zoals dit document illustreert. De handgeschreven naam "M. Müller" rechtsboven kan duiden op de ambtenaar of wethouder die het document in behandeling heeft genomen.

Kooplieden in dit dossier 26

Gebouw Jan van Galenstraat 8/22 Waterlooplein
Sportveld nabij terrein Waterloosing [doorgehaald]
Stads-bank-van-leening, rek. 49
Strook Visseringkade gratis
Strook Vlissingkade zie 96/12/1 m
Terrein, bestemd voor de uitbreiding van het marktterrein Waterlooplein
Terreinstuk langs kade F id.
Waterleidingen, rek. 43

Gerelateerde Documenten 6