Archief 745
Inventaris 745-311
Pagina 149
Dossier 21
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtelijke brief/rapportage.

19 januari 1940. Van: Onbekend (mogelijk een hoofdadministrateur of directeur van de Markten), kenmerk vP/DV. 10/4/1 M. Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam ("Alhier").

Origineel

Ambtelijke brief/rapportage. 19 januari 1940. Onbekend (mogelijk een hoofdadministrateur of directeur van de Markten), kenmerk vP/DV. 10/4/1 M. Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam ("Alhier"). [Linksboven:]
vP/DV.
10/4/1 M.

[Midden boven, handgeschreven:]
Verzonden 19/1-'40

[Rechtsboven, handgeschreven:]
ter. M. Müller

[Rechtsmidden:]
19 Januari 1940.

[Onderwerp:]
Voor- en nadeelen van
den oorlogstoestand.

[Adressering:]
den Heer Wethouder voor de
Levensmiddelen,
A l h i e r.

Gevolge gevende aan de opdracht vervat in de circulaire van Burgemeester en Wethouders d,d. 20 September jl. (No. 1164/208 Fin. 1939 / 728 L.M.) heb ik de eer in bijlage dezes een opgave van de nadeelige en van de voordeelige gevolgen van den oorlogstoestand in te dienen, welke opgave betrekking heeft op de maanden September tot en met December 1939. In overleg met de afdeeling Financiën is de toezending dezer gegevens tijdelijk uitgesteld; zij zal voortaan maandelijks plaatsvinden.

Met betrekking tot de nadeelige gevolgen doen zich een tweetal vraagpunten voor, waaromtrent ik te zijner tijd gaarne zal worden ingelicht. Deze vraagpunten zijn:

1e. In het algemeen kan worden aangenomen, dat huurders van pakhuisafdeelingen of bezetters van plaatsen op de Centrale Markt, deze, na beëindiging van het huurcontract respectievelijk van het kalenderjaar opnieuw zouden hebben gehuurd, respectievelijk bezet. Mogen dus de nadeelige gevolgen van de verbreking van het contract door de mobilisatie ook worden geacht in de toekomst te blijven voortduren en de oorlogstoestand lang duurt wore [doorhalingen/onleesbaar] elachtig, omdat het ook in normale tijden [onleesbaar], dat grossiers van de markt verdwijnen.

2e. In de laatste vier maand van 1939 kan de prijsstijging voor het Marktwezen nog niet van grooten invloed zijn geweest; deze nadeelige post is daarom Pro Memorie opgenomen. Hoe moet echter in de toekomst het geldelijke nadeel tengevol- [tekst breekt af] * Inhoud: De brief is een voortgangsrapportage over de economische impact van de "oorlogstoestand" op de gemeentelijke markten (specifiek de Centrale Markt in Amsterdam). Hoewel Nederland op dit moment nog neutraal was, had de algemene oorlogssituatie in Europa en de Nederlandse mobilisatie (augustus 1939) direct effect op de handel.
* Kernpunten:
1. Leegstand door mobilisatie: Veel handelaren en grossiers moesten hun bedrijfsvoering staken omdat zij werden opgeroepen voor militaire dienst. De auteur vraagt zich af of de gederfde inkomsten (huur) voor de gemeente puur aan de oorlog moeten worden toegeschreven, aangezien er in normale tijden ook verloop is onder grossiers.
2. Inflatie: De prijsstijgingen aan het eind van 1939 vielen nog mee, maar men voorzag voor 1940 grotere financiële nadelen.
* Taalgebruik: Formeel ambtelijk Nederlands met de toen geldende spelling (bijv. "nadeelige", "dezer"). Dit document stamt uit de periode van de 'Schemeroorlog' (Phoney War). Nederland was in opperste staat van paraatheid, maar nog niet direct betrokken bij gevechtshandelingen. De brief illustreert hoe de Amsterdamse bureaucratie zich voorbereidde op de economische gevolgen van een langdurig conflict. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" speelde een cruciale rol in de voedselvoorziening en het beheer van de markten. De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center aan de Jan van Galenstraat) was de spil in de voedseldistributie van de stad. De genoemde "M. Müller" in de kantlijn verwijst zeer waarschijnlijk naar een ambtenaar die belast was met de afhandeling van dit dossier.

Samenvatting

  • Inhoud: De brief is een voortgangsrapportage over de economische impact van de "oorlogstoestand" op de gemeentelijke markten (specifiek de Centrale Markt in Amsterdam). Hoewel Nederland op dit moment nog neutraal was, had de algemene oorlogssituatie in Europa en de Nederlandse mobilisatie (augustus 1939) direct effect op de handel.
  • Kernpunten:
    1. Leegstand door mobilisatie: Veel handelaren en grossiers moesten hun bedrijfsvoering staken omdat zij werden opgeroepen voor militaire dienst. De auteur vraagt zich af of de gederfde inkomsten (huur) voor de gemeente puur aan de oorlog moeten worden toegeschreven, aangezien er in normale tijden ook verloop is onder grossiers.
    2. Inflatie: De prijsstijgingen aan het eind van 1939 vielen nog mee, maar men voorzag voor 1940 grotere financiële nadelen.
  • Taalgebruik: Formeel ambtelijk Nederlands met de toen geldende spelling (bijv. "nadeelige", "dezer").

Historische Context

Dit document stamt uit de periode van de 'Schemeroorlog' (Phoney War). Nederland was in opperste staat van paraatheid, maar nog niet direct betrokken bij gevechtshandelingen. De brief illustreert hoe de Amsterdamse bureaucratie zich voorbereidde op de economische gevolgen van een langdurig conflict. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" speelde een cruciale rol in de voedselvoorziening en het beheer van de markten. De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center aan de Jan van Galenstraat) was de spil in de voedseldistributie van de stad. De genoemde "M. Müller" in de kantlijn verwijst zeer waarschijnlijk naar een ambtenaar die belast was met de afhandeling van dit dossier.

Kooplieden in dit dossier 26

Gebouw Jan van Galenstraat 8/22 Waterlooplein
Sportveld nabij terrein Waterloosing [doorgehaald]
Stads-bank-van-leening, rek. 49
Strook Visseringkade gratis
Strook Vlissingkade zie 96/12/1 m
Terrein, bestemd voor de uitbreiding van het marktterrein Waterlooplein
Terreinstuk langs kade F id.
Waterleidingen, rek. 43

Gerelateerde Documenten 6