Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen. 10 mei 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt). Het Gemeente Energiebedrijf (GEB), Tesselschadestraat 1, Amsterdam-West. [Handgeschreven, rechtsboven:] ten. Hr. Müller
[Getypt, linksboven:] M/HG. [Handgeschreven:] extra
[Getypt, linksonder kenmerk:] 10/25/1 M.
[Getypt, rechts:] 10 Mei 1940.
[Adresblok, rechts:]
het Gemeente Energiebedrijf,
Tesselschadestraat 1,
Amsterdam-West.
Wijk 21.
Hiermede verzoek ik U beleefd het gasverbruik ten
behoeve van de Stadsreiniging over den tusschenmeter no.
202668, zich bevindende in pakhuisafdeeling E 11 op de Cen-
trale Markt aan laatstgenoemd bedrijf in rekening te brengen.
In afwijking van alle voorafgaande maanden werd
het gasverbruik over dezen meter over de maanden Februari en
Maart 1940 aan de Stadsreiniging in rekening gebracht omdat
volgens telefonische mededeeling van gisteren deze aanslui-
ting in Uw administratie op naam van de Stadsreiniging staat.
U gelieve den meter no.202668 op naam van het
bedrijf van de Centrale Markt te doen overschrijven en mij
voor het verbruik over de maanden Februari en Maart jl. als-
nog een suppletie-nota te doen toekomen.
De Directeur, In deze zakelijke correspondentie verzoekt de directeur van de Centrale Markt om een administratieve rechtzetting betreffende een gasmeter. Het gaat om tussenmeter nummer 202668, die zich bevindt in pakhuisafdeling E 11 op het terrein van de Centrale Markt.
Blijkbaar is het verbruik over de maanden februari en maart 1940 per abuis in rekening gebracht bij de Stadsreiniging, terwijl dit voorheen altijd via de Centrale Markt liep. De oorzaak hiervan lijkt een wijziging of fout in de administratie van het Gemeente Energiebedrijf (GEB) te zijn, waarbij de aansluiting op naam van de Stadsreiniging was komen te staan. De directeur verzoekt de meter weer op naam van de Centrale Markt te zetten en vraagt om een 'suppletie-nota' (een aanvullende factuur) voor de genoemde maanden, zodat de kosten alsnog correct verrekend kunnen worden. De datum van de brief is hoogst opmerkelijk: 10 mei 1940. Dit is de dag van de Duitse inval in Nederland. Terwijl de oorlog uitbrak, ging de stedelijke bureaucratie in Amsterdam in eerste instantie gewoon door met alledaagse zaken zoals de facturatie van gasverbruik tussen gemeentelijke diensten.
De brief illustreert de nauwe verwevenheid van verschillende gemeentelijke instanties in Amsterdam: het Gemeente Energiebedrijf (verantwoordelijk voor gas en licht), de Stadsreiniging (verantwoordelijk voor afval en reiniging) en de Centrale Markt (de centrale groothandelsmarkt van de stad). De genoemde locatie, de Centrale Markt, bevond zich in Amsterdam-West (tegenwoordig het terrein van het Food Center aan de Jan van Galenstraat). Het GEB was destijds gevestigd aan de Tesselschadestraat, nabij het Leidseplein. De handgeschreven notitie "ten. Hr. Müller" duidt op de interne doorgeleiding van de brief naar een specifieke ambtenaar binnen het GEB.