Ambtelijke notitie / bijblad bij een dossier.
Origineel
Ambtelijke notitie / bijblad bij een dossier. 26 september 1940 (datum doorzending), 1 oktober 1940 (kantlijnnotitie), 2 oktober 1940 (gezien-stempel). (Linksboven, in stempelkader):
BIJBLAD VAN:
M. No. 10/36/2 1940
DOORGEZONDEN: 26/9
(Rechtsboven, handgeschreven notitie):
De winter 39/40 was abnormaal streng, dus was het gasverbruik abnormaal!
In de komende winter letten op niet te groot gebruik.
1-10-40 [Paraaf, mogelijk W. Roo.]
(Uiterst rechtsboven, schuin geschreven):
808
Gezien
2-10-40
[Paraaf]
(Hoofdtekst):
Indien de verklaring van het Energie-bedrijf juist is, zou het verbruik in de eerste 4 maanden van 1940 op het marktkantoor Waterlooplein aan gas zijn geweest: 1000. m³.
tegen resp: 460 m³ en 584 m³ in 1938 en 1939.
dus het dubbele van normale jaren.
Sterker nog: in 4 maanden zou dan even veel gas zijn verbruikt als anders in een heel jaar. De winter is lang en streng geweest toch is m.i. het gasverbruik abnormaal en moet een oorzaak
(Verticaal in de rechterkantlijn):
worden onderzocht.
(Linksonder, gedrukte tekst):
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 In deze notitie uit een ambtenaar zijn zorgen over het excessieve gasverbruik bij het marktkantoor op het Waterlooplein in de eerste maanden van 1940. De cijfers laten een verdubbeling zien ten opzichte van de voorgaande twee jaren (van ca. 500 m³ naar 1000 m³). Hoewel wordt erkend dat de winter van 1939-1940 bijzonder streng was, vindt de auteur het verbruik zodanig hoog dat hij een onderzoek naar de oorzaak (mogelijk een defect of verspilling) noodzakelijk acht. Een latere aantekening in de kantlijn (gedateerd 1 oktober) bevestigt de strengheid van de winter als verklaring, maar maant direct tot zuinigheid voor het komende seizoen. Het document dateert van kort na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De winter van 1939-1940 was meteorologisch gezien inderdaad een van de strengste van de 20e eeuw. In de context van de beginnende oorlogstijd en de daaropvolgende schaarste aan brandstoffen (zoals kolen en gas) werd er door de gemeente Amsterdam scherp gelet op het energieverbruik van overheidsgebouwen en instellingen. Het marktkantoor Waterlooplein was een centraal punt voor de regulering van de handel op de beroemde Amsterdamse markt.