Officieel bijblad/geleideformulier van een dossier met handgeschreven ambtelijke notitie.
Origineel
Officieel bijblad/geleideformulier van een dossier met handgeschreven ambtelijke notitie. [Linksboven in voorgedrukt kader:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 10/40/1 1940
DOORGEZONDEN: 1/10
[Rechtsboven handgeschreven:]
mr Müller
[Centraal handgeschreven tekst:]
Na overleg met Afd. C.V.
blijkt dit stuk niet voor
munitiewezen bestemd te zijn.
Opbergen.
[Linksonder voorgedrukt:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 * Inhoud: De notitie is een instructie voor het archiveren van een document. Na overleg tussen afdelingen is geconcludeerd dat het betreffende stuk niet relevant is voor de administratie van het "munitiewezen" (de tak van dienst die zich bezighield met munitie en bewapening).
* Functionaris: De notitie is gericht aan of afkomstig van "mr. Müller". De titel 'mr.' wijst op een jurist (meester in de rechten), wat gebruikelijk was voor hogere ambtenaren in die tijd.
* Administratieve route: Het "Bijblad" diende om de route en de besluitvorming rondom een specifiek dossierstuk (No. 10/40/1) vast te leggen. De term "Opbergen" markeert het einde van de actieve behandeling van dit stuk voor de betreffende afdeling. Dit document dateert van 1 oktober 1940, enkele maanden na de Nederlandse capitulatie. Het laat zien dat de Nederlandse rijksadministratie (in dit geval het departement van Algemene Zaken) onder de Duitse bezetting in eerste instantie doorging met het gebruik van bestaande vooroorlogse formulieren en procedures. De referentie naar het "munitiewezen" is historisch interessant, aangezien de controle over militair materieel en munitie in deze periode een zeer gevoelige zaak was onder het gezag van de Wehrmacht en het Reichskommissariat. De genoemde "Afd. C.V." verwijst waarschijnlijk naar een specifieke afdeling binnen het ministerie, mogelijk gerelateerd aan comptabiliteit of veiligheid. M. No Wehrmacht
Samenvatting
- Inhoud: De notitie is een instructie voor het archiveren van een document. Na overleg tussen afdelingen is geconcludeerd dat het betreffende stuk niet relevant is voor de administratie van het "munitiewezen" (de tak van dienst die zich bezighield met munitie en bewapening).
- Functionaris: De notitie is gericht aan of afkomstig van "mr. Müller". De titel 'mr.' wijst op een jurist (meester in de rechten), wat gebruikelijk was voor hogere ambtenaren in die tijd.
- Administratieve route: Het "Bijblad" diende om de route en de besluitvorming rondom een specifiek dossierstuk (No. 10/40/1) vast te leggen. De term "Opbergen" markeert het einde van de actieve behandeling van dit stuk voor de betreffende afdeling.
Historische Context
Dit document dateert van 1 oktober 1940, enkele maanden na de Nederlandse capitulatie. Het laat zien dat de Nederlandse rijksadministratie (in dit geval het departement van Algemene Zaken) onder de Duitse bezetting in eerste instantie doorging met het gebruik van bestaande vooroorlogse formulieren en procedures. De referentie naar het "munitiewezen" is historisch interessant, aangezien de controle over militair materieel en munitie in deze periode een zeer gevoelige zaak was onder het gezag van de Wehrmacht en het Reichskommissariat. De genoemde "Afd. C.V." verwijst waarschijnlijk naar een specifieke afdeling binnen het ministerie, mogelijk gerelateerd aan comptabiliteit of veiligheid.