Handgeschreven notitieblad met berekeningen.
Origineel
Handgeschreven notitieblad met berekeningen. De notitie bevat twee afzonderlijke rekenblokken.
Linker berekening (verticaal):
```
1,35
25
675
2700
33,75
9
```
Rechter berekening (gekanteld):
```
1,35
7
9,45
10.-
``` * Linker berekening: Dit is een handmatige vermenigvuldiging van $1,35 \times 25$.
* De eerste tussenstap ($5 \times 1,35$) resulteert in $6,75$ (genoteerd als $675$).
* De tweede tussenstap ($20 \times 1,35$) resulteert in $27,00$ (genoteerd als $2700$).
* De som hiervan is correct berekend als $33,75$. De betekenis van de '9' onder de streep is onduidelijk; mogelijk een begin van een volgende bewerking of een restant.
* Rechter berekening: Dit betreft een vermenigvuldiging van $1,35 \times 7$.
* De uitkomst $9,45$ is genoteerd.
* Er staat een streep door de $9,45$, met daarnaast het bedrag "10.-". Dit suggereert een transactie waarbij een bedrag van $9,45$ moet worden voldaan met een biljet van $10$ (bijv. gulden of euro), waarbij het wisselgeld ($0,55$) de logische volgende stap zou zijn. Het document is een typisch voorbeeld van 'vluchtige administratie'. De getallen lijken te verwijzen naar een eenheidsprijs van $1,35$ (bijvoorbeeld voor een product of postzegel) waarbij het totaalbedrag voor respectievelijk 25 en 7 eenheden wordt uitgerekend. De notatiewijze "10.-" is kenmerkend voor de Nederlandse administratieve traditie om een rond bedrag aan te geven. Gezien het papier en het handschrift dateert dit waarschijnlijk uit de tweede helft van de 20e eeuw.
Samenvatting
- Linker berekening: Dit is een handmatige vermenigvuldiging van $1,35 \times 25$.
- De eerste tussenstap ($5 \times 1,35$) resulteert in $6,75$ (genoteerd als $675$).
- De tweede tussenstap ($20 \times 1,35$) resulteert in $27,00$ (genoteerd als $2700$).
- De som hiervan is correct berekend als $33,75$. De betekenis van de '9' onder de streep is onduidelijk; mogelijk een begin van een volgende bewerking of een restant.
- Rechter berekening: Dit betreft een vermenigvuldiging van $1,35 \times 7$.
- De uitkomst $9,45$ is genoteerd.
- Er staat een streep door de $9,45$, met daarnaast het bedrag "10.-". Dit suggereert een transactie waarbij een bedrag van $9,45$ moet worden voldaan met een biljet van $10$ (bijv. gulden of euro), waarbij het wisselgeld ($0,55$) de logische volgende stap zou zijn.
Historische Context
Het document is een typisch voorbeeld van 'vluchtige administratie'. De getallen lijken te verwijzen naar een eenheidsprijs van $1,35$ (bijvoorbeeld voor een product of postzegel) waarbij het totaalbedrag voor respectievelijk 25 en 7 eenheden wordt uitgerekend. De notatiewijze "10.-" is kenmerkend voor de Nederlandse administratieve traditie om een rond bedrag aan te geven. Gezien het papier en het handschrift dateert dit waarschijnlijk uit de tweede helft van de 20e eeuw.