Politie- of marktrapport (proces-verbaal van bevindingen).
Origineel
Politie- of marktrapport (proces-verbaal van bevindingen). Inschrijving
№ 25/125/I M. 1940 5/7
Onderwerp: Vechtpartij op markt Albert Cuypstraat.
Den Heer Inspecteur v/h Marktwezen Alhier.
Rapport
Volgens mededeeling van eenige markthooflieden (A. Meyer, pl 270, W. Y. Oyevaar, pl 292, B. Acheen v. h 496) en den agent van Politie A. Engels, kl. n: 61, heeft op 2 Juli j.l. om ± 12.15 uur een vechtpartij plaatsgevonden tusschen de markthooflieden S. Pinto Sr, pl 319 AC en S. Pinto Jr, pl 261 AC, vader en zoon.
Het is U bekend, dat de familieverhouding m. treurig is, terwijl vaak om kleinigheden groote ruzie’s ontstaan, die door genoemde familie op de markt worden gebracht.
Zulks is eveneens geschied op 2 Juli ’40:
S. Pinto Sr verkoopt als groentenhandelaar o.m. een soort boon, die veel gelijkenis vertoont met de spercieboon, nl. „Hagenaar”, een goedkoope boonensoort.
Zijn zoon S Pinto Jr handelt eveneens in groenten, doch verkoopt echte spercieboonen, die duurder zijn.
Dagelijks staan beide kooplieden schuinsrechts [einde pagina] Dit rapport beschrijft een handgemeen op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam tussen twee familieleden. De kern van het conflict is commerciële concurrentie vermengd met verstoorde familieverhoudingen.
Vader en zoon Pinto staan met hun kramen schuin tegenover elkaar. De vader (Sr.) verkoopt "Hagenaars", een goedkopere boon die uiterlijk lijkt op de duurdere sperzieboon die de zoon (Jr.) verkoopt. Dit prijsverschil en de gelijkenis tussen de producten leidde blijkbaar tot een confrontatie op 2 juli 1940. De rapporteur merkt op dat de familiebanden "meer dan treurig" zijn en dat zij hun privéconflicten stelselmatig op de marktvloer uitvechten.
Het document is formeel gericht aan de Inspecteur van het Marktwezen, wat aangeeft dat dergelijke incidenten direct invloed hadden op de marktvergunningen of de ordehandhaving op de markt. Het document dateert van begin juli 1940, slechts enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel het incident zelf een alledaags marktconflict lijkt, is de context van de familie Pinto relevant. De naam Pinto is van Sefardisch-Joodse oorsprong. In de zomer van 1940 begonnen de eerste anti-Joodse maatregelen van de bezetter door te sijpelen in het openbare leven, hoewel de Albert Cuypmarkt op dat moment nog een gemengde markt was (pas later in de oorlog werden Joodse handelaren verbannen naar specifieke "Jodenmarkten").
De Albert Cuypmarkt was en is een centrale plek in de Amsterdamse Pijp waar sociale spanningen en economische concurrentie vaak zichtbaar werden in officiële rapportages van het Marktwezen. De vermelding van "Hagenaars" (stamslabonen) versus "echte spercieboonen" geeft bovendien een mooi tijdsbeeld van de toenmalige groentehandel en de prijsgevoeligheid van de consument. A. Engels A. Meyer B. Acheen S. Pinto Y. Oyevaar Marktwezen Politie