Getypte brief (doorslag of archiefkopie).
Origineel
Getypte brief (doorslag of archiefkopie). 22 augustus 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Den Heer M. Blitz, p/a Mevr. De Vrindt, Tweede Jan Steenstraat 14 I, Amsterdam-Zuid. [Handgeschreven, rechtsboven:] Lsn. M. de Boer
[Handgeschreven, middenboven:] extra
[Rechtsboven:] vP/HG.
[Linksmidden:] 25/134/2 M.
[Rechtsmidden:]
den Heer M. Blitz,
p/a Mevr. De Vrindt,
Tweede Jan Steenstraat 14 I,
Amsterdam-Zuid.
Wijk 17.
22 Augustus 1940.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 14 Juli jl. bericht ik
U, dat het daarin vervatte verzoek niet voor inwilliging in aan-
merking kan komen. Indien U andermaal een plaats op de markt Albert
Cuypstraat verlangt, kunt U zich, na 23 October a.s. opnieuw op de
sollicitantenlijst voor de bedoelde markt laten inschrijven.
De Directeur, Dit document is een formele correspondentie van de gemeente Amsterdam betreffende marktstaanplaatsen. De heer M. Blitz heeft in juli 1940 een verzoek ingediend, waarschijnlijk voor een vaste of tijdelijke plek op de Albert Cuypmarkt. Dit verzoek wordt door de directeur afgewezen.
De brief is kort en zakelijk. Er wordt geen specifieke reden voor de afwijzing gegeven, maar de geadresseerde krijgt de instructie dat hij zich na 23 oktober 1940 opnieuw mag inschrijven op de wachtlijst (sollicitantenlijst). Het adres van de ontvanger, de Tweede Jan Steenstraat, bevindt zich in de directe nabijheid van de Albert Cuypmarkt in de wijk De Pijp. De brief is gedateerd op 22 augustus 1940, slechts drie maanden na de Nederlandse capitulatie aan nazi-Duitsland. De achternaam 'Blitz' is een veelvoorkomende Joodse achternaam in het toenmalige Amsterdam.
Hoewel de brief op het eerste gezicht een routinematige administratieve handeling lijkt, valt deze in een periode waarin de Duitse bezetter begon met het invoeren van anti-Joodse maatregelen. In de loop van 1941 werden Joodse marktkooplieden stapsgewijs geweerd van de reguliere markten zoals de Albert Cuypmarkt en gedwongen te verhuizen naar specifieke 'Joodse markten' (zoals op het Waterlooplein of het Gaaspstraatje), voordat zij uiteindelijk volledig uit het economische leven werden uitgesloten. Het is onduidelijk of de afwijzing in deze brief al een discriminerende grondslag had of een reguliere weigering wegens gebrek aan plaats was, maar het document vormt een snipper in de geschiedenis van de Joodse middenstand in Amsterdam aan het begin van de bezetting. M. Blitz M. de Boer Gemeente Amsterdam Marktwezen