Archief 745
Inventaris 745-324
Pagina 253
Dossier 90
Jaar 1940
Stadsarchief

Doorslag van een officiële brief (ambtelijke correspondentie).

19 juli 1940. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Aan: Den Heer G. Walvis, Weesperstraat 18, Amsterdam-Centrum.

Origineel

Doorslag van een officiële brief (ambtelijke correspondentie). 19 juli 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Den Heer G. Walvis, Weesperstraat 18, Amsterdam-Centrum. [Handgeschreven bovenaan:] Verzonden 19/7
[Handgeschreven rechtsboven:] m. de Leeuw [?]

den Heer G. Walvis,
Weesperstraat 18,
Amsterdam-Centrum.

Wyk 10.
33/60/2 M 19 Juli 1940.

Naar aanleiding van Uw brief d.d. 25 Juni 1940 bericht
ik U, dat U Uw plaats op de markt aan de Westerstraat vanaf
heden geregeld, d.w.z. ten minste drie maal in de vier weken,
moet innemen, daar Uw plaats anders, overeenkomstig de desbe-
treffende bepalingen van het Reglement op de Markten, zal worden
ingetrokken.

De Directeur, Deze brief is een formele sommatie aan een marktkoopman, de heer G. Walvis. De kern van de boodschap is een handhaving van de marktvoorschriften: de ontvanger wordt verplicht gesteld zijn staanplaats op de Westerstraatmarkt in Amsterdam weer regelmatig te gebruiken. De norm die hierbij gesteld wordt, is een aanwezigheid van minimaal 75% (drie van de vier weken). Indien hij hier niet aan voldoet, zal zijn vergunning worden ingetrokken conform het vigerende Reglement op de Markten.

De brief is een reactie op een eerdere schrijven van de heer Walvis van 25 juni 1940, waarin hij waarschijnlijk een reden heeft opgegeven voor zijn afwezigheid of heeft gevraagd om behoud van zijn plek. De directie wijst een eventueel verzoek om langdurige afwezigheid hiermee impliciet af. De datum van de brief, 19 juli 1940, is historisch zeer relevant. Het is slechts twee maanden na de Nederlandse capitulatie en het begin van de Duitse bezetting. Hoewel de brief op het eerste gezicht een louter administratieve kwestie lijkt, krijgt het adres van de ontvanger een extra lading in de historische context: de Weesperstraat was het hart van de Joodse buurt in Amsterdam.

Veel Joodse marktkooplieden kregen in deze periode te maken met toenemende onzekerheid en bureaucratische druk. Hoewel de grootschalige uitsluiting van Joden van de markten pas later in de bezetting (1941) formeel beslag kreeg, toont deze brief de strikte handhaving van regels door het Amsterdamse ambtelijke apparaat in de eerste maanden van de oorlog. Voor een marktkoopman was zijn staanplaats zijn bron van inkomsten; de dreiging met intrekking was dan ook een zware sanctie. Uit genealogische bronnen (zoals het Joods Monument) valt op te maken dat de familie Walvis die op dit adres woonachtig was, de oorlog grotendeels niet heeft overleefd, wat dit alledaagse document achteraf bezien een tragische ondertoon geeft. G. Walvis Marktwezen

Samenvatting

Deze brief is een formele sommatie aan een marktkoopman, de heer G. Walvis. De kern van de boodschap is een handhaving van de marktvoorschriften: de ontvanger wordt verplicht gesteld zijn staanplaats op de Westerstraatmarkt in Amsterdam weer regelmatig te gebruiken. De norm die hierbij gesteld wordt, is een aanwezigheid van minimaal 75% (drie van de vier weken). Indien hij hier niet aan voldoet, zal zijn vergunning worden ingetrokken conform het vigerende Reglement op de Markten.

De brief is een reactie op een eerdere schrijven van de heer Walvis van 25 juni 1940, waarin hij waarschijnlijk een reden heeft opgegeven voor zijn afwezigheid of heeft gevraagd om behoud van zijn plek. De directie wijst een eventueel verzoek om langdurige afwezigheid hiermee impliciet af.

Historische Context

De datum van de brief, 19 juli 1940, is historisch zeer relevant. Het is slechts twee maanden na de Nederlandse capitulatie en het begin van de Duitse bezetting. Hoewel de brief op het eerste gezicht een louter administratieve kwestie lijkt, krijgt het adres van de ontvanger een extra lading in de historische context: de Weesperstraat was het hart van de Joodse buurt in Amsterdam.

Veel Joodse marktkooplieden kregen in deze periode te maken met toenemende onzekerheid en bureaucratische druk. Hoewel de grootschalige uitsluiting van Joden van de markten pas later in de bezetting (1941) formeel beslag kreeg, toont deze brief de strikte handhaving van regels door het Amsterdamse ambtelijke apparaat in de eerste maanden van de oorlog. Voor een marktkoopman was zijn staanplaats zijn bron van inkomsten; de dreiging met intrekking was dan ook een zware sanctie. Uit genealogische bronnen (zoals het Joods Monument) valt op te maken dat de familie Walvis die op dit adres woonachtig was, de oorlog grotendeels niet heeft overleefd, wat dit alledaagse document achteraf bezien een tragische ondertoon geeft.

Genoemde Personen 1

Locaties

Westerstraat

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Kruidenier (Droog): Meel Olie & Techniek: Lood Olie & Techniek: Olie Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Paling Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Hart Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Gerelateerde Documenten 6