Archief 745
Inventaris 745-271
Pagina 36
Dossier 83
Jaar 1939
Stadsarchief

Getypte ambtelijke brief (doorslag).

5 oktober [vermoedelijk 1939, gezien de referentie naar mobilisatie]. Van: Onbekend (waarschijnlijk de directeur van de Centrale Markt).

Origineel

Getypte ambtelijke brief (doorslag). 5 oktober [vermoedelijk 1939, gezien de referentie naar mobilisatie]. Onbekend (waarschijnlijk de directeur van de Centrale Markt). 2 5 October 9
8A/129/1 den Heer Wethouder voor de
Amsterdam. Levensmiddelen,

personeel meer beschikbaar is voor de contrôle op de naleving
van artikel 344 A der Algemeene Politieverordening (het zooge-
naamde "leurverbod"), maar dat bovendien slechts één contrôleur
toezicht houdt op het geheele Oostelijke havencomplex der markt
(de pieren A, B, C, D en E), alwaar hij de entrée-kaarten van de
"natte" tuinders en van hun personeel moet contrôleeren, het
verkeer moet regelen, toezicht moet houden op de orde, de rein-
heid, de weegwerktuigen, enz. Dit is practisch voor één man een
onmogelijke taak, die dan ook momenteel beslist onvoldoende
wordt uitgevoerd. Het storten van vuil op de rijwegen der markt
neemt belangrijk toe, hetgeen veel extra kosten voor de reini-
ging veroorzaakt.

In de hal doen voorts thans slechts drie contrôleurs
per etmaal dienst, in plaats van vier in normale tijden. Terwijl
in den regel tijdens de markturen twee contrôleurs aldaar aan-
wezig zijn is daar thans één dienst namelijk die van 4.30 uur
v.m. tot 12.30 uur n.m. vervallen.

De bezetting van het kaartenkantoor waar de toe-
gangsbewijzen voor de Centrale Markt worden verkocht, is onvol-
doende, omdat daar niet steeds op de drukke uren twee contrô-
leurs aanwezig kunnen zijn. Dit veroorzaakt langdurig oponthoud
voor de kooplieden, die toegang tot het marktterrein verlangen.

Dat de bezetting volstrekt onvoldoende is blijkt
ook nog uit het feit, dat den laatsten tijd door het personeel
der markt 135 uren is overgewerkt, waarvoor zelfs de gelegenheid
niet bestaat, ze door vrije uren te compenseeren.

Op deze bezetting kan onmogelijk meer personeel
worden gemist, integendeel ik meen, dat als de mobilisatie
voortduurt, aanvulling van het aantal contrôleurs niet te ver-
mijden zal zijn. Alvorens terzake voorstellen te doen, meen ik
Uw beslissing op mijn rapport d.d. 10 Augustus jl. (No. 8A/78/3
M.) omtrent de personeelsbezetting van het Marktwesen te moeten
afwachten. Intusschen kan niet worden gewacht op de voorziening,
die noodig is voor de uitreiking der legitimatiekaarten. De
drie man, die daarvoor aan het personeel der Centrale Markt
moeten worden onttrokken, dienen mijns inziens noodzakelijker-
wijs terstond te worden vervangen. In deze brief uit de beheerder van de Centrale Markt in Amsterdam zijn ernstige zorgen over de onderbezetting van het toezichthoudend personeel. Door de mobilisatie zijn veel mannen opgeroepen voor militaire dienst, waardoor cruciale functies op de markt onderbezet zijn geraakt.

De schrijver somt de directe gevolgen op:
1. Handhaving: Het verbod op venten ("leurverbod") kan niet worden gehandhaafd.
2. Hygiëne en orde: Eén enkele controleur moet een enorm gebied (vijf pieren) beheren. Dit leidt tot een toename van zwerfvuil en hogere schoonmaakkosten.
3. Logistiek: Bij het kaartenkantoor ontstaan lange wachtrijen voor kooplieden, wat de doorstroming van de markt belemmert.
4. Arbeidsomstandigheden: Het overgebleven personeel heeft al 135 uur overgewerkt zonder uitzicht op compensatie.

De toon is urgent en zakelijk. De schrijver wijst de wethouder erop dat er direct drie vervangers nodig zijn, puur om de uitreiking van legitimatiekaarten mogelijk te maken zonder de rest van de operatie volledig te laten vastlopen. Het document dateert zeer waarschijnlijk uit oktober 1939. Nederland was op dat moment gemobiliseerd vanwege de oorlogsdreiging in Europa (de Tweede Wereldoorlog was in september uitgebroken). Tienduizenden mannen werden uit hun civiele beroepen gehaald om de grenzen te bewaken.

De Centrale Markt (gevestigd aan de Jan van Galenstraat) was de spil in de voedselvoorziening van Amsterdam. "Natte" tuinders waren groentetelers uit waterrijke gebieden (zoals het Westland of de regio Aalsmeer) die hun producten per schuit naar de pieren van de markt brachten. Een goede werking van deze markt was essentieel voor de rust in de stad en het voorkomen van voedseltekorten of zwarte handel. De brief illustreert hoe de naderende oorlog al diepe sporen trok in het dagelijks leven en de gemeentelijke organisatie, nog voordat de feitelijke strijd in Nederland begon.

Samenvatting

In deze brief uit de beheerder van de Centrale Markt in Amsterdam zijn ernstige zorgen over de onderbezetting van het toezichthoudend personeel. Door de mobilisatie zijn veel mannen opgeroepen voor militaire dienst, waardoor cruciale functies op de markt onderbezet zijn geraakt.

De schrijver somt de directe gevolgen op:
1. Handhaving: Het verbod op venten ("leurverbod") kan niet worden gehandhaafd.
2. Hygiëne en orde: Eén enkele controleur moet een enorm gebied (vijf pieren) beheren. Dit leidt tot een toename van zwerfvuil en hogere schoonmaakkosten.
3. Logistiek: Bij het kaartenkantoor ontstaan lange wachtrijen voor kooplieden, wat de doorstroming van de markt belemmert.
4. Arbeidsomstandigheden: Het overgebleven personeel heeft al 135 uur overgewerkt zonder uitzicht op compensatie.

De toon is urgent en zakelijk. De schrijver wijst de wethouder erop dat er direct drie vervangers nodig zijn, puur om de uitreiking van legitimatiekaarten mogelijk te maken zonder de rest van de operatie volledig te laten vastlopen.

Historische Context

Het document dateert zeer waarschijnlijk uit oktober 1939. Nederland was op dat moment gemobiliseerd vanwege de oorlogsdreiging in Europa (de Tweede Wereldoorlog was in september uitgebroken). Tienduizenden mannen werden uit hun civiele beroepen gehaald om de grenzen te bewaken.

De Centrale Markt (gevestigd aan de Jan van Galenstraat) was de spil in de voedselvoorziening van Amsterdam. "Natte" tuinders waren groentetelers uit waterrijke gebieden (zoals het Westland of de regio Aalsmeer) die hun producten per schuit naar de pieren van de markt brachten. Een goede werking van deze markt was essentieel voor de rust in de stad en het voorkomen van voedseltekorten of zwarte handel. De brief illustreert hoe de naderende oorlog al diepe sporen trok in het dagelijks leven en de gemeentelijke organisatie, nog voordat de feitelijke strijd in Nederland begon.

Kooplieden in dit dossier 89

A. Cuypstraat Waterlooplein
A. Cuypstraat Waterlooplein 53
A. Bepaling 1.942
A J v Meukekers
A. Markt-, standplaats- en ventgelden (volgn. 87) ......... Waterlooplein $f$ 162.500.—
A v Rijswijk
Bokking kisten 2.127
A. Ontvangsten Waterlooplein „ 3.050.—
C. Blom 25-9-1939
C. Markt Uilenburg 6.490.000,--
C. Markt Uilenburg 104.242,—
C. Markt Uilenburg 6.490.000,--
C. Markt Uilenburg 380.200,--
C. Markt Uilenburg 104.242,--
C. Markt Uilenburg 380.200,—
C. Markt Uilenburg 6.490.000,-- ✓
C. Markt Uilenburg 380.300,-- ✓
C. Markt Uilenburg 104.242,-- ✓
C. Markt Uilenburg 6.490.000,—
C. Markt Uilenburg 104.242,--
C. Markt Uilenburg 380.200,--
Centrale Markt **verlies** Uilenburg 244.000,—
Centrale Markt **verlies** Uilenburg 244.000,--
Centrale Markt verlies Uilenburg 244.000,-- ✓
Alle 89 kooplieden →