Archief 745
Inventaris 745-325
Pagina 188
Dossier 90
Jaar 1940
Stadsarchief

Handgeschreven verzoekschrift/brief.

16 december 1940. Van: Joh. van Andel, Transvaalstraat 166, Amsterdam.

Origineel

Handgeschreven verzoekschrift/brief. 16 december 1940. Joh. van Andel, Transvaalstraat 166, Amsterdam. A-dam 16/12 - 40

Mijnheer!

Ondergetekende verzoekt
beleefd, uitstel voor het
bezetten van zijn stand
plaats op de Markt
Westerstraat, daar er
niet voldoende han-
del is

Hoogachtend
Joh. van Andel

Transvaalstraat 166
A-dam 33

(Marginale aantekening in paars potlood: mogelijk "niet" of een paraaf) In deze korte brief verzoekt de heer Joh. van Andel om uitstel voor het innemen van zijn standplaats op de markt in de Westerstraat te Amsterdam. De reden die hij hiervoor opgeeft, is dat er op dat moment "niet voldoende handel" is.

Het handschrift is verzorgd en de toon is formeel-beleefd. De afzender woonde in de Transvaalstraat 166 (gelegen in de Transvaalbuurt in Amsterdam-Oost), terwijl de markt zich in de Jordaan (Amsterdam-West) bevindt. Het feit dat hij schriftelijk om uitstel vraagt, wijst erop dat marktkooplui destijds verplicht waren hun plek te bezetten op straffe van verlies van hun vergunning of standplaatsrecht.

De paarse aantekening rechtsboven lijkt door een ambtenaar te zijn geplaatst. Hoewel het woord moeilijk leesbaar is, lijkt er "niet" te staan, wat zou kunnen betekenen dat het verzoek is afgewezen. De brief is geschreven in december 1940, ruim zeven maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Dit was een periode waarin de economische gevolgen van de oorlog steeds merkbaarder werden.

  1. Economische malaise: De "beperkte handel" waar Van Andel over spreekt, is kenmerkend voor de winter van 1940. Door schaarste, het begin van de distributie (bonkaarten) en de onzekere politieke situatie hielden consumenten de hand op de knip.
  2. De Westerstraatmarkt: De lapjesmarkt/markt in de Westerstraat is een van de oudste markten van Amsterdam. Voor kleine zelfstandigen was het behouden van een standplaats cruciaal voor hun bestaanszekerheid, maar de kosten (marktgeld) moesten wel opwegen tegen de opbrengsten.
  3. Transvaalbuurt: De Transvaalbuurt, waar de afzender woonde, was in 1940 een buurt met veel Joodse inwoners en kleine ondernemers. Hoewel de naam "Van Andel" niet direct Joods is, bevond de schrijver zich midden in een wijk die kort daarna zwaar getroffen zou worden door de maatregelen van de bezetter.
  4. Tijdgeest: Het gebruik van "A-dam 33" (het postdistrict) en de formele aanspreekvormen zijn typerend voor de zakelijke correspondentie uit het midden van de 20e eeuw.

Samenvatting

In deze korte brief verzoekt de heer Joh. van Andel om uitstel voor het innemen van zijn standplaats op de markt in de Westerstraat te Amsterdam. De reden die hij hiervoor opgeeft, is dat er op dat moment "niet voldoende handel" is.

Het handschrift is verzorgd en de toon is formeel-beleefd. De afzender woonde in de Transvaalstraat 166 (gelegen in de Transvaalbuurt in Amsterdam-Oost), terwijl de markt zich in de Jordaan (Amsterdam-West) bevindt. Het feit dat hij schriftelijk om uitstel vraagt, wijst erop dat marktkooplui destijds verplicht waren hun plek te bezetten op straffe van verlies van hun vergunning of standplaatsrecht.

De paarse aantekening rechtsboven lijkt door een ambtenaar te zijn geplaatst. Hoewel het woord moeilijk leesbaar is, lijkt er "niet" te staan, wat zou kunnen betekenen dat het verzoek is afgewezen.

Historische Context

De brief is geschreven in december 1940, ruim zeven maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Dit was een periode waarin de economische gevolgen van de oorlog steeds merkbaarder werden.

  1. Economische malaise: De "beperkte handel" waar Van Andel over spreekt, is kenmerkend voor de winter van 1940. Door schaarste, het begin van de distributie (bonkaarten) en de onzekere politieke situatie hielden consumenten de hand op de knip.
  2. De Westerstraatmarkt: De lapjesmarkt/markt in de Westerstraat is een van de oudste markten van Amsterdam. Voor kleine zelfstandigen was het behouden van een standplaats cruciaal voor hun bestaanszekerheid, maar de kosten (marktgeld) moesten wel opwegen tegen de opbrengsten.
  3. Transvaalbuurt: De Transvaalbuurt, waar de afzender woonde, was in 1940 een buurt met veel Joodse inwoners en kleine ondernemers. Hoewel de naam "Van Andel" niet direct Joods is, bevond de schrijver zich midden in een wijk die kort daarna zwaar getroffen zou worden door de maatregelen van de bezetter.
  4. Tijdgeest: Het gebruik van "A-dam 33" (het postdistrict) en de formele aanspreekvormen zijn typerend voor de zakelijke correspondentie uit het midden van de 20e eeuw.

Locaties

Westerstraat

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Fruit): Peren Kruidenier (Droog): Meel Olie & Techniek: Lood Olie & Techniek: Olie Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 6