Zakelijke brief / Geleidebrief bij huurcontract.
Origineel
Zakelijke brief / Geleidebrief bij huurcontract. 19 januari 1940. Directie van het Marktwezen, Amsterdam. DIRECTIE VAN HET MARKTWEZEN.
No. 37/1/19 M.
Amsterdam-West, 19 Januari 1940.
Jan van Galenstraat 14.
[Handgeschreven:] Verzonden 19/1-'40
Aan
den Heer C. Coms,
Pakhuisafdeeling no. E 20,
Alhier-W.
In bijlage dezes heb ik de eer U het geregistreerde huurcontract betreffende een door U gehuurde pakhuisafdeeling op de Centrale Markt te doen toekomen.
Ik verzoek U beleefd rekening te houden met het feit, dat, ingevolge het bepaalde in artikel 1619 van het Burgerlijk Wetboek reparatiën, zooals van rolluiken, ruiten, sloten, enz., voor Uw rekening zijn.
Tevens breng ik, voor zoo ver noodig, in herinnering, dat artikel 8 van het contract verbiedt om reclamemiddelen of aankondigingen te Uwen behoeve of ten behoeve van derden aan of op het gehuurde aan te brengen, zonder mijn schriftelijke toestemming. U gelieve zich in alle gevallen, waarin U tot het aanbrengen van eenig bord of andere aanduiding wenscht over te gaan, vóóraf met mij te verstaan.
De Directeur,
--- * Inhoud: De brief dient als officiële overdracht van een geregistreerd huurcontract voor een pakhuis (sectie E 20) op de Centrale Markt in Amsterdam. De directeur van het Marktwezen wijst de huurder, de heer Coms, expliciet op twee belangrijke verplichtingen:
1. Onderhoud: Kleine herstellingen (zoals sloten en rolluiken) zijn volgens de wet (oud artikel 1619 BW) voor rekening van de huurder.
2. Reclame: Het is verboden om zonder schriftelijke toestemming borden of reclame-uitingen aan te brengen op het pand.
* Taalgebruik: Het taalgebruik is uiterst formeel en ambtelijk ("heb ik de eer U ... te doen toekomen", "U gelieve zich ... met mij te verstaan"). Dit is typerend voor overheidscommunicatie uit de vooroorlogse periode.
* Administratieve sporen: De handgeschreven notitie linksboven bevestigt het moment van verzending, wat cruciaal was voor de dossiervorming en eventuele bewijslast omtrent de ontvangst van de voorwaarden.
--- * Locatie: De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam werden geopend in 1934. Het was het centrale punt voor de voedselvoorziening en groothandel in de stad. De Directie van het Marktwezen beheerde dit terrein en de bijbehorende pakhuizen.
* Tijdsgewricht: De brief is gedateerd januari 1940, enkele maanden voor de Duitse inval in Nederland. Hoewel de oorlogsdreiging groot was, ging de normale ambtelijke gang van zaken en de handel op de markt destijds nog gewoon door.
* Juridisch: De verwijzing naar artikel 1619 van het Burgerlijk Wetboek betreft de wettelijke regeling voor 'kleine herstellingen' die door de huurder moeten worden verricht, een principe dat in de basis nog steeds terug te vinden is in het huidige huurrecht. C. Coms M. Gemeente Amsterdam Marktwezen