Ambbtelijke missive (brief)
Origineel
Ambbtelijke missive (brief) 16 januari 1939 De Directeur (vermoedelijk van het Marktwezen) extra
G.
8B/2/1 M.
16 Januari 1939.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
Ter voldoening aan de missive van Uw Ambtgenoot
voor de Pensioenen d.d. 27 Januari 1936 No.201 A.P.B.(No.86
L.M.) heb ik de eer U te berichten, dat gedurende het vierde
kwartaal 1938 by het Marktwezen geen werkzaamheden zyn opge-
dragen aan personen, wien pensioen ex de Pensioenwet 1922 (S.
240) was toegekend.
De Directeur, * Inhoud: De brief is een formele rapportage waarin wordt bevestigd dat er in het vierde kwartaal van 1938 geen werkzaamheden zijn verricht door gepensioneerden (onder de Pensioenwet 1922) bij de afdeling Marktwezen.
* Taalgebruik: Het document hanteert de voor die tijd gebruikelijke ambtelijke stijl, inclusief verouderde spelling ("zyn" in plaats van "zijn", "by" in plaats van "bij", en hoofdletters voor titels en maanden). De term "Alhier" geeft aan dat de brief binnen dezelfde gemeente is verstuurd.
* Verwijzingen: Er wordt verwezen naar een eerdere instructie of vraag ("missive") van de Wethouder voor de Pensioenen uit 1936, wat duidt op een langlopende administratieve controle op de neveninkomsten of werkzaamheden van gepensioneerden. Dit document stamt uit het begin van 1939, een periode van economische onzekerheid en toenemende bureaucratische controle in Nederland, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Pensioenwet van 1922 was de eerste algemene pensioenregeling voor ambtenaren. In die tijd was het van belang om strikt bij te houden of gepensioneerden naast hun uitkering nog betaald werk verrichtten voor de overheid, vaak om te voorkomen dat zij 'dubbele' inkomsten genoten ten laste van de publieke middelen. Het "Marktwezen" was de gemeentelijke dienst verantwoordelijk voor het beheer van markten en de handel in levensmiddelen, wat direct onder de portefeuille van de geadresseerde wethouder viel. Marktwezen
Samenvatting
- Inhoud: De brief is een formele rapportage waarin wordt bevestigd dat er in het vierde kwartaal van 1938 geen werkzaamheden zijn verricht door gepensioneerden (onder de Pensioenwet 1922) bij de afdeling Marktwezen.
- Taalgebruik: Het document hanteert de voor die tijd gebruikelijke ambtelijke stijl, inclusief verouderde spelling ("zyn" in plaats van "zijn", "by" in plaats van "bij", en hoofdletters voor titels en maanden). De term "Alhier" geeft aan dat de brief binnen dezelfde gemeente is verstuurd.
- Verwijzingen: Er wordt verwezen naar een eerdere instructie of vraag ("missive") van de Wethouder voor de Pensioenen uit 1936, wat duidt op een langlopende administratieve controle op de neveninkomsten of werkzaamheden van gepensioneerden.
Historische Context
Dit document stamt uit het begin van 1939, een periode van economische onzekerheid en toenemende bureaucratische controle in Nederland, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Pensioenwet van 1922 was de eerste algemene pensioenregeling voor ambtenaren. In die tijd was het van belang om strikt bij te houden of gepensioneerden naast hun uitkering nog betaald werk verrichtten voor de overheid, vaak om te voorkomen dat zij 'dubbele' inkomsten genoten ten laste van de publieke middelen. Het "Marktwezen" was de gemeentelijke dienst verantwoordelijk voor het beheer van markten en de handel in levensmiddelen, wat direct onder de portefeuille van de geadresseerde wethouder viel.