Dienstverslag / Rapport.
Origineel
Dienstverslag / Rapport. 27 januari 1940. [Stempel linksboven:] № 37/19/1 M. 1940 29/1
[Handgeschreven aantekening in potlood:] in Dienst(?)
[Ronde stempel met initialen en datum:] Olb Wha(?) 3-2-40
R A P P O R T .
Hedenmorgen omstreeks 7.15 uur, wilde de expediteur C.Timmerman mét een 20-tons vrachtwagen de hal uitrijden. Nadat ik hiertoe, zooveel als mogelijk was, den rijweg vrij had gemaakt, bleek dit toch nog niet mogelijk te zijn, wilde Timmermans althans niet eenige kisten met peren welke op hoekplaats no. 31 in de hal van grossier L.Polak stonden, omverrijden. Ik verzocht daarom aan Polak om deze kisten achteruit te zetten. Omdat deze kisten niet buiten zijn verkoopplaats stonden weigerde Polak aan mijn verzoek te voldoen, waardoor mijns inziens het verkeer, dat, gezien de weersomstandigheden in de hal zeer druk was, noodeloos werd belemmerd. Ik heb toen zelf deze kisten eenigszins achteruit gezet en kon na eenig manouvreeren Timmermans met zijn vrachtauto de hal uitrijden. Voorts kan ik U nog melden, dat L.Polak bij den heer Directeur van het Marktwezen een klacht tegen mij zou indienen, omdat ik hem met jij en jou in plaats van met U had aangesproken. Ik kan echter verklaren, dat ik, behoudens de reden tot deze klacht, tegen Polak niet onbeleefd ben opgetreden.
Amsterdam, 27 Januari 1940.
Aan den Heer
Bedrijfschef der Centrale Markt.
[Handtekening links]
[Handtekening rechts, mogelijk: F. Vethman] Dit rapport beschrijft een incident op de werkvloer van de Amsterdamse Centrale Markt in de vroege ochtend van 27 januari 1940. De essentie van het conflict is een verkeersopstopping: een grote 20-tons vrachtwagen kon de markthal niet verlaten omdat kisten peren van grossier L. Polak in de weg stonden.
Er ontstaat een bevoegdheidsconflict: de ambtenaar/toezichthouder vindt dat de kisten moeten wijken voor de doorstroming (vooral omdat het door het weer extra druk is in de hal), terwijl de koopman (Polak) weigert omdat hij strikt genomen binnen de grenzen van zijn gehuurde standplaats staat. De toezichthouder lost het eigenhandig op door de kisten te verplaatsen.
Interessant is de staart van het document, waarin melding wordt gemaakt van een dreigende klacht over de bejegening. Polak stoort zich er niet alleen aan dat zijn kisten zijn verplaatst, maar vooral aan het feit dat hij door de ambtenaar met "jij en jou" is aangesproken. In 1940 was het hanteren van de juiste beleefdheidsvormen (U versus jij) een serieuze zaak, zeker in de verhouding tussen overheid en burger/ondernemer. De rapporteur ontkent onbeleefd te zijn geweest, maar geeft tussen de regels door toe dat hij inderdaad heeft getutoyeerd. Het document dateert van vlak voor de Duitse inval in Nederland (mei 1940). De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat was het logistieke hart van de voedselvoorziening in Amsterdam. De spanningen die uit het rapport spreken — drukte, slecht weer, krappe ruimtes voor steeds groter wordende vrachtwagens (20 ton was destijds zeer fors) en strikte hiërarchie — zijn tekenend voor de sfeer op de markt in die periode.
Daarnaast werpt de naam "L. Polak" in de context van Amsterdam 1940 een schaduw vooruit. Gezien de naam is het zeer waarschijnlijk dat deze grossier van Joodse afkomst was. Slechts enkele maanden na dit rapport zouden de anti-Joodse maatregelen van de bezetter de positie van Joodse ondernemers op de markt drastisch en op tragische wijze veranderen. Dit rapport toont hem nog in zijn volle recht als ondernemer die opkomt voor zijn standplaats en de bijbehorende etiquette. C. Timmerman F. Vethman L. Polak Marktwezen