Getypte brief/nota met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte brief/nota met handgeschreven kanttekeningen. 21 mei 1940. Ter. Dr. Broese
VP/HG.
extra
37/28/2 M.
21 Mei 1940.
Regeling van aan- en
afvoer der Centrale Markt
bij benzine gebrek.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Overeenkomstig Uw opdracht heb ik hedenmorgen een bespreking gevoerd met de vertegenwoordigers van de Amsterdamsche groothandelaren, tuinders en kleinhandelaren, inzake de regeling van den aanvoer naar en den afvoer van de Centrale Markt, voor het geval daarvoor geen benzine meer beschikbaar zou zijn. Bij deze bespreking kwamen voorloopig eenige punten vast te staan, welke eventueel nog nader moeten worden uitgewerkt en misschien gewijzigd. Deze punten zijn de navolgende:
A. De aanvoer naar de Centrale Markt.
1. De natte tuinders.
De kleinste helft van deze groep van ± 200 producenten gebruikt roeibooten, teneinde de producten naar de markt te voeren; de grootste helft heeft (grootere) motorbooten, welke desnoods kunnen worden ingericht om te worden geroeid.
2. Droge tuinders.
Van deze groep hebben 24 nog paard en wagen; bijna 200 hebben auto's. Het vervoer zal voor deze producenten moeten worden geregeld, door hun gezamenlijk in de gelegenheid te stellen vanaf bepaalde verzamelpunten hun producten met dekschuiten, die dan gesleept moeten worden, naar de Centrale Markt te brengen of, voor zoover zij niet dicht bij water zijn gevestigd, met groote met paarden bespannen wagens, Het document is een verslag van een overleg over de voedselvoorziening in Amsterdam, specifiek gericht op de aanvoer naar de Centrale Markt. De kern van de problematiek is het dreigende tekort aan benzine. Er wordt onderscheid gemaakt tussen:
* Natte tuinders: Producenten in waterrijke gebieden (zoals de polders rond Amsterdam) die veelal per boot vervoeren. Er wordt voorgesteld om motorboten om te bouwen zodat er met riemen geroeid kan worden.
* Droge tuinders: Producenten die over land aanvoeren. Hier is het probleem groter omdat bijna 200 van hen afhankelijk zijn van auto's. Als alternatief worden sleepschepen (dekschuiten) en grote paardenwagens voorgesteld om de producten vanaf verzamelpunten te transporteren.
De toon is zakelijk en pragmatisch, gericht op het waarborgen van de continuïteit van de voedselketen onder extreme omstandigheden. De datum van de brief, 21 mei 1940, is cruciaal. Nederland was op dat moment net een week bezet door nazi-Duitsland (de capitulatie vond plaats op 14/15 mei). Door de oorlogshandelingen en de daaropvolgende bezetting ontstonden er direct grote tekorten aan essentiële middelen zoals brandstof (benzine).
De "Centrale Markt" verwijst naar de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam, destijds het zenuwcentrum voor de voedseldistributie in de stad. De term "natte tuinders" refereert aan de tuinders uit gebieden zoals de Watergraafsmeer of de regio Aalsmeer/Sloten die traditioneel veel gebruik maakten van schuiten. "Droge tuinders" kwamen vaak uit gebieden met meer zandgrond of hogere ligging.
Dit document toont aan hoe het gemeentebestuur (de "Wethouder voor de Levensmiddelen") onmiddellijk na de inval probeerde de stad draaiende te houden door terug te grijpen op pre-industriële vervoersmiddelen zoals roeiboten en paard-en-wagen.