Handgeschreven ambtelijke notitie / bespreekverslag.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie / bespreekverslag. 25 oktober 1940. Noppen + Westshaeck :
[Rechtsboven]
70/2 400.000
35.000 m2
per week
[In kader]
28909
Smits
1/ Spreken over rapport Kling
2/ " " " koop van E’onhuine
3/ Uren van reiniging : Thans begint men om 9 u
(tot 5 1/2 u), doch dan is de markt in
vollen gang en heeft de Reiniging geen zin.
Uren van 9-11 à 12 u zijn improductief.
Men moet beginnen om 11 uur, dat scheelt
ons 25% kosten; dat wordt voorlopig nog
later.
4/ Vroeger losten de schepen vóór markttijd,
nu overdag. Dus blijft er overdag afval komen.
Er moet dus telkens nageveegd worden.
Besproken met Hr Noppen op 25-10-40 :
Afgesproken werd :
1e. Kop E’ gaan verhuren
2e Reiniging Cell. voortaan halve dagjes (na den
schafttijd) met naar behoefte versterkte ploeg. Het document is een verslag van een zakelijke bespreking over de operationele efficiëntie van de stadsreiniging, vermoedelijk in Amsterdam. De kernpunten zijn:
* Tijdsplanning en Efficiëntie: Er wordt geconstateerd dat de huidige schoonmaaktijden botsen met de marktactiviteiten. Door de starttijd te verschuiven van 9:00 naar 11:00 uur (wanneer de marktactiviteit afneemt), kan een directe kostenbesparing van 25% gerealiseerd worden omdat de uren daarvoor als 'improductief' worden beschouwd.
* Veranderende logistiek: Door een wijziging in de lostijden van schepen (nu tijdens de markt in plaats van ervoor) ontstaat er gedurende de hele dag afval, wat vraagt om een continue inzet ('navegen').
* Besluitvorming: Er zijn concrete besluiten genomen over het verhuren van een specifiek terrein ("Kop E’", mogelijk de Kop van het Entrepot) en het aanpassen van de werkroosters voor een specifieke afdeling ("Cell.") naar halve dagen na de schafttijd, met een flexibele personeelsinzet. De datum van het document, 25 oktober 1940, plaatst deze notitie in de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland. Ir. Petrus Noppen was in deze periode directeur van de Amsterdamse Stadsreiniging. In deze tijd was er een grote druk op de gemeentelijke budgetten en de noodzaak om efficiënter te werken met beperkte middelen. De notitie geeft een inkijk in de dagelijkse beslommeringen van het stadsbeheer, waarbij de logistiek van de markten en de haven (het lossen van schepen) direct van invloed was op de reinigingsplanning. De referentie naar "Kop E’" duidt waarschijnlijk op een terrein nabij het Entrepotdok in Amsterdam, een gebied dat destijds intensief werd gebruikt voor opslag en handel.