Getypt voorstel / ambtelijke correspondentie.
Origineel
Getypt voorstel / ambtelijke correspondentie. 1 maart 1940. Amsterdam, 1 Maart 1940.
Voorstel tot het in eigen beheer nemen van het reinigen der Centrale Markt.
Zooals U bekend is, heeft de werkwijze van de Gemeente-Reiniging bij het reinigen van de Centrale Markt nooit mijn volle tevredenheid weggedragen.
De laatste winterperiode heeft mij doen besluiten U voor te stellen deze reiniging in eigen beheer te nemen.
Momenteel is het zoo, dat het reinigingspersoneel op de Centrale Markt geheel werkt volgens de inzichten van den Inspecteur aangewezen voor de 7e Sectie, waaronder de Centrale Markt ressorteert.
Dit brengt mede, dat bedoelde Inspecteur slechts zeer tijdelijk op de Centrale Markt aanwezig kan zijn, waardoor mijns inziens het toezicht niet intensief genoeg is.
Marktwezen kan, bij deze organisatie, niet rechtstreeks werkzaamheden aan het personeel der Reiniging opdragen. Daarvoor is eerst overleg noodig met den betreffenden Inspecteur. Dit geeft in de practijk moeilijkheden vooral bij werkzaamheden, die in het belang van de Centrale Markt terstond moeten worden uitgevoerd. Bij het reinigen der Centrale Markt moet namelijk ook rekening worden gehouden met de belangen van den op de Centrale Markt gevestigden handel, waarvan natuurlijk de Inspecteur niet op de hoogte kan zijn. Bij voorbeeld na een nachtelijken sneeuwval heeft de handel wenschen ten opzichte van het vrijmaken van bepaalde wegen; of wel er komt een convooi spoorwagens op de Centrale Markt aan en de rails moeten schoongemaakt worden, opdat de wagens niet uit de rails loopen; verstopte putten moeten bij dooiweer of sterken regenval terstond worden doorgestoken, enz. Al deze en dergelijke werkzaamheden moeten dadelijk verricht worden, omdat anders de handel daar nadeelen van ondervindt.
Vóór het begin der markt is geen overleg met den Inspecteur mogelijk en blijven bij de huidige regeling niet zelden noodzakelijke werkzaamheden te langen tijd achterwege. Dit geeft bij herhaling klachten bij het Marktwezen door den handel. Mijns inziens is het dan ook noodzakelijk dat het reinigingspersoneel onder de bevelen komt te staan van Marktwezen.
Ik stel U daarom voor 5 reinigingsmenschen aan te stellen door Marktwezen, die zullen worden belast met het schoonhouden van de Centrale Markt. De Gemeentereiniging blijft dan belast met den afvoer van het marktvuil en is op aanvraag ons behulpzaam met het verwijderen van drijfvuil in onze havens. Het werkrooster van die 5 man wordt zoodanig gemaakt, dat zij te allen tijde ter beschikking van Marktwezen zijn. Het toezicht op de werkzaamheden kan worden gedaan door de Heeren Steenbeek en Joghems, waarvan steeds één tot 5 uur n.m. op de Centrale Markt aanwezig is.
De marktcontrôleur L. de Vries kan tevens belast worden met het geven van technische aanwijzingen (was vroeger voorman bij de Reiniging). Het document is een zakelijk voorstel van de directeur van het Marktwezen (vermoedelijk gericht aan het College van B&W of de verantwoordelijke wethouder) om de organisatiestructuur van de schoonmaak op de Centrale Markt te veranderen.
De kern van het probleem is een gebrek aan directe controle en flexibiliteit. Omdat de schoonmakers onder de 'Gemeente-Reiniging' vallen, kan het Marktwezen hen niet direct aansturen. Dit leidt tot vertragingen bij acute situaties zoals sneeuwval, spoorwerkzaamheden of verstopte riolering. De auteur argumenteert dat de specifieke behoeften van de handelaren op de markt niet worden begrepen door de externe inspecteur van de 7e sectie.
De voorgestelde oplossing is hybride:
1. Eigen personeel: 5 man direct in dienst bij Marktwezen voor de dagelijkse, acute schoonmaaktaken.
2. Gedeelde verantwoordelijkheid: Gemeentereiniging blijft verantwoordelijk voor de grote afvoer van afval en ondersteuning in de havens.
3. Toezicht: Intern toezicht door eigen personeel (Steenbeek, Joghems en De Vries), gebruikmakend van de specifieke technische expertise van L. de Vries. Dit document stamt uit maart 1940, slechts twee maanden voor de Duitse inval in Nederland. Het geeft een inkijkje in het dagelijks reilen en zeilen van de Centrale Markthallen in Amsterdam (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat).
In deze periode was de Centrale Markt het kloppend hart van de voedselvoorziening van Amsterdam. De logistiek was afhankelijk van een eigen spoorwegnet op het terrein (waarover in de tekst gesproken wordt met betrekking tot het schoonmaken van rails). De efficiëntie van de markt was cruciaal voor de stad, zeker in een tijd van toenemende internationale spanningen en dreigende tekorten. De tekst illustreert de typische bureaucratische wrijving tussen verschillende gemeentediensten (Marktwezen vs. Reiniging) en de wens naar meer autonomie om de handel beter te kunnen faciliteren.