Archief 745
Inventaris 745-328
Pagina 415
Dossier 55
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtelijke brief/memorandum.

15 april 1940. Van: Bureau voor Organisatie en Efficiency (Amsterdam). Aan: De Heer Burgemeester (van Amsterdam).

Origineel

Ambtelijke brief/memorandum. 15 april 1940. Bureau voor Organisatie en Efficiency (Amsterdam). De Heer Burgemeester (van Amsterdam). BUREAU VOOR ORGANISATIE EN EFFICIENCY.
No. 5/25.9 Fin. 1940.

Onderwerp: Vervanging groote personen-dienst-auto's door kleinere en goedkoopere wagens.

Amsterdam, 15 April 1940.

Aan den Heer Burgemeester.

Marktwezen.

Voor de z.g. leurcontrôle heeft deze dienst een tweede-hands-Fordauto van 1935, doch deze contrôle heeft sedert ± 3/4 jaar niet meer plaats gevonden. De wagen wordt voor andere doeleinden eveneens gebruikt. Dezer dagen zal principieel worden uitgemaakt of de leurcontrôle blyft of vervalt. Blyft zy, dan kan de bestaande wagen door een kleinen wagen (4 persoons stalen carrosserie) worden vervangen. Besparing minstens f 150,- per jaar. Het document is een zakelijk voorstel van het 'Bureau voor Organisatie en Efficiency', een afdeling die zich bezighield met het optimaliseren van de gemeentelijke uitgaven en processen. De toon is zakelijk en direct.

De kern van de zaak betreft de afdeling 'Marktwezen'. Er wordt geconstateerd dat een Ford uit 1935, die oorspronkelijk werd gebruikt voor de "leurcontrôle" (het toezicht op straathandel/venters), momenteel niet voor dat specifieke doel wordt ingezet omdat de controle al negen maanden stilligt. Er wordt een afweging gemaakt: als de controlefunctie behouden blijft, adviseert het bureau om de huidige grote wagen te vervangen door een kleiner, goedkoper model met een stalen carrosserie. Dit zou de gemeente een jaarlijkse besparing van minstens 150 gulden opleveren.

Opvallend is het gebruik van de verouderde spelling (bijv. "groote", "goedkoopere", "blyft") en de nadruk op 'efficiency', een concept dat in de jaren '30 en '40 sterk in opkomst was binnen het openbaar bestuur. Dit schrijven dateert van 15 april 1940, minder dan een maand voordat Nederland betrokken raakte bij de Tweede Wereldoorlog door de Duitse inval op 10 mei 1940. In deze periode heerste er door de mobilisatie en de algemene economische spanning een behoefte aan soberheid en efficiëntie binnen de overheid.

De term "leurcontrôle" verwijst naar de handhaving van de regels rondom leurders (straatverkopers). In de crisisjaren was dit een gevoelig punt, aangezien veel werklozen probeerden wat bij te verdienen met straathandel, wat vaak leidde tot strenge gemeentelijke regulering om de gevestigde winkeliers te beschermen en de openbare orde te handhaven. Het feit dat men overwoog deze controle te laten "vervallen", suggereert een herziening van het beleid of de prioriteiten binnen de Amsterdamse marktmeesterij.

Samenvatting

Het document is een zakelijk voorstel van het 'Bureau voor Organisatie en Efficiency', een afdeling die zich bezighield met het optimaliseren van de gemeentelijke uitgaven en processen. De toon is zakelijk en direct.

De kern van de zaak betreft de afdeling 'Marktwezen'. Er wordt geconstateerd dat een Ford uit 1935, die oorspronkelijk werd gebruikt voor de "leurcontrôle" (het toezicht op straathandel/venters), momenteel niet voor dat specifieke doel wordt ingezet omdat de controle al negen maanden stilligt. Er wordt een afweging gemaakt: als de controlefunctie behouden blijft, adviseert het bureau om de huidige grote wagen te vervangen door een kleiner, goedkoper model met een stalen carrosserie. Dit zou de gemeente een jaarlijkse besparing van minstens 150 gulden opleveren.

Opvallend is het gebruik van de verouderde spelling (bijv. "groote", "goedkoopere", "blyft") en de nadruk op 'efficiency', een concept dat in de jaren '30 en '40 sterk in opkomst was binnen het openbaar bestuur.

Historische Context

Dit schrijven dateert van 15 april 1940, minder dan een maand voordat Nederland betrokken raakte bij de Tweede Wereldoorlog door de Duitse inval op 10 mei 1940. In deze periode heerste er door de mobilisatie en de algemene economische spanning een behoefte aan soberheid en efficiëntie binnen de overheid.

De term "leurcontrôle" verwijst naar de handhaving van de regels rondom leurders (straatverkopers). In de crisisjaren was dit een gevoelig punt, aangezien veel werklozen probeerden wat bij te verdienen met straathandel, wat vaak leidde tot strenge gemeentelijke regulering om de gevestigde winkeliers te beschermen en de openbare orde te handhaven. Het feit dat men overwoog deze controle te laten "vervallen", suggereert een herziening van het beleid of de prioriteiten binnen de Amsterdamse marktmeesterij.

Gerelateerde Documenten 6