Archief 745
Inventaris 745-329
Pagina 146
Dossier 55
Jaar 1940
Stadsarchief

Zakelijke brief (typoscript).

2 juli 1940. Van: Corn. Kuiper Wz., Groothandel in Land- en Tuinbouwproducten, Noordscharwoude. Dossier: 55, 69749

Origineel

Zakelijke brief (typoscript). 2 juli 1940. Corn. Kuiper Wz., Groothandel in Land- en Tuinbouwproducten, Noordscharwoude. CORN. KUIPER Wz. - NOORDSCHARWOUDE (Holland)
Land- en Tuinbouwproducten Groothandel - Conserven
Gemüse-Export

Telefoon:
No. 55 Broek op Langendijk
Postrekening No. 69749
Bankrekening:
Twentsche Bank N.V., Alkmaar
Telegram-adres: CORWEK

Noordscharwoude, 2 Juli 1940.

№ 37/102/M.1940 5/j [handgeschreven:] ni. Dir

Aan de heeren Dr.A.v.d.Laan en J.Broerse,
Centrale Markt,
A M S T E R D A M .


Mijne Heeren,

Door dezen bevestig ik ons onderhoud van heden, waarbij ik bij U een standplaats op de Centrale Markt heb aangevraagd,....en voor slechts 5 minuten gekregen.

Ik zal U thans het geheele geval van begin tot einde bevestigen, zoodat ook anderen hiervan nota kunnen nemen.

Bij mijn aankomst om ca.7 uur s'morgens,trof ik het eerst de Heer Broerse,met wie ik het even over mijn aanvraag had,waarvoor ik gisteravond opbelde. Dat ik geen benzine-vergunning gekregen had verwonderde mij al niet,ik had zoo'n vermoeden dat de heeren van de Centrale Markt in Haarlem bij de verkeersinspectie er voor gepleit hadden,aan mij geen vergunning te verstrekken.Deze gedachte deed mij aan den Heer Broerse vragen,of dit het geval was,maar ik kreeg een ontkennend antwoord.

Hierna kon ik mij om 12 uur weder melden,en zou mijn aanvraag intusschen besproken worden.

Bij mijn terugkomst werd ik door de beide bovengenoemde heeren ontvangen,en werd mij de vraag gesteld door den Heer Dr.v.d.Laan of ik een benzinevergunning gekregen had,.....daar ik het ontkennende antwoord op mijn vraag wegens de benzinevergunning van den Heer Broerse niet vertrouwde heb ik geantwoord met JA (ofschoon ik geen benzinevergunning voor mijn vrachtwagen had) ...toen gaf de Heer Dr.v.d.Laan een klap op tafel,en zich naar Mijnheer Broerse wendend, zeide hij...dan hebben ze in Haarlem bij vergissing toch een benzinevergunning aan hem afgegeven....dat ik de benzine-vergunning had was aan een grove fout te danken, zeker door de overstelpende drukte in Haarlem.

Nu kwam weder het gesprek over een standplaats op de Markt,en werd mij er een toegewezen van ƒ 30,-- per maand,ik zou deze meteen gaan bezichtigen,en de heele zaak was in orde.

zie blad.2. In deze brief legt Cornelis Kuiper een verslag vast van een gesprek dat hij diezelfde dag voerde met de directie van de Centrale Markt in Amsterdam. De kern van het schrijven is een conflict over een standplaats en een benzinevergunning.

Kuiper vermoedde dat de marktmeesters in Amsterdam (of Haarlem) zijn aanvraag voor een benzinevergunning dwarsboomden. Om dit te bewijzen, loog hij tijdens het tweede gesprek door te beweren dat hij de vergunning al had. De woedende reactie van Dr. v.d. Laan ("een klap op tafel") bevestigde Kuipers vermoeden: de directie dacht dat er in Haarlem een fout was gemaakt, omdat zij ervan uitgingen dat de vergunning geweigerd zou worden. Ondanks deze gespannen situatie kreeg Kuiper uiteindelijk toch een standplaats toegewezen voor 30 gulden per maand. De brief is gedateerd op 2 juli 1940, slechts zeven weken na de Nederlandse capitulatie aan het begin van de Tweede Wereldoorlog. In deze periode begon de schaarste aan brandstof direct voelbaar te worden, waardoor "benzinevergunningen" essentieel waren voor het transport van goederen.

Het document geeft een inkijkje in de stroeve bureaucratie en de onderlinge machtsverhoudingen tussen handelaren en marktautoriteiten in de vroege bezettingstijd. Het laat zien hoe ondernemers soms list en bluf moesten gebruiken om hun bedrijfsvoering veilig te stellen in een tijd van toenemende restricties en mogelijke vriendjespolitiek of obstructie door officiële instanties. A. v.d. Laan J. Broerse

Samenvatting

In deze brief legt Cornelis Kuiper een verslag vast van een gesprek dat hij diezelfde dag voerde met de directie van de Centrale Markt in Amsterdam. De kern van het schrijven is een conflict over een standplaats en een benzinevergunning.

Kuiper vermoedde dat de marktmeesters in Amsterdam (of Haarlem) zijn aanvraag voor een benzinevergunning dwarsboomden. Om dit te bewijzen, loog hij tijdens het tweede gesprek door te beweren dat hij de vergunning al had. De woedende reactie van Dr. v.d. Laan ("een klap op tafel") bevestigde Kuipers vermoeden: de directie dacht dat er in Haarlem een fout was gemaakt, omdat zij ervan uitgingen dat de vergunning geweigerd zou worden. Ondanks deze gespannen situatie kreeg Kuiper uiteindelijk toch een standplaats toegewezen voor 30 gulden per maand.

Historische Context

De brief is gedateerd op 2 juli 1940, slechts zeven weken na de Nederlandse capitulatie aan het begin van de Tweede Wereldoorlog. In deze periode begon de schaarste aan brandstof direct voelbaar te worden, waardoor "benzinevergunningen" essentieel waren voor het transport van goederen.

Het document geeft een inkijkje in de stroeve bureaucratie en de onderlinge machtsverhoudingen tussen handelaren en marktautoriteiten in de vroege bezettingstijd. Het laat zien hoe ondernemers soms list en bluf moesten gebruiken om hun bedrijfsvoering veilig te stellen in een tijd van toenemende restricties en mogelijke vriendjespolitiek of obstructie door officiële instanties.

Genoemde Personen 2

Locaties

Centrale Markt

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Huishoudelijk: Brandstof Huishoudelijk: Pan Huishoudelijk: Pannen Textiel & Kleding: Broek Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Ambtenaren

J. Broerse

Gerelateerde Documenten 6