Archief 745
Inventaris 745-331
Pagina 283
Dossier 55
Jaar 1940
Stadsarchief

Dienstbrief (administratieve correspondentie)

4 oktober 1940 Van: De Directeur van de Nederlandsche Visscherijcentrale, 's-Gravenhage Aan: Den Heer Directeur van den Gemeentelijken Vischafslag te Amsterdam

Origineel

Dienstbrief (administratieve correspondentie) 4 oktober 1940 De Directeur van de Nederlandsche Visscherijcentrale, 's-Gravenhage Den Heer Directeur van den Gemeentelijken Vischafslag te Amsterdam NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE
JULIANA VAN STOLBERGPLEIN 3-4 'S-GRAVENHAGE
POSTGIROREKENING 245271 TELEFOON 720080*
TELEGRAMADRES: NEDVISCEN INTERCOMM. XX

[Handgeschreven rechtsboven:] 825

Afd. II 's-Gravenhage, 4 October 1940.
Nº 1692/102
Betreffende: wijzigingen schepenlijst.

[Stempel links:] Nº 46 B/29/III. 1940 [met handgeschreven toevoeging '20']

[Handgeschreven aantekening onder stempel:]
Gezien
11-10-40
dehaas [?]

[Midden rechts, handgeschreven:] Ur Stam

Den Heer Directeur van den
Gemeentelijken Vischafslag
te
AMSTERDAM.-

Hiermede verzoek ik U de onderstaande wijzigingen aan te brengen op de lijst (Nº 402), waarop de schepen, welke in aanmerking komen voor steun volgens de Crisis-Steunbeschikking 1936 (kleine zeevisscherij), zijn vermeld.

Afvoeren per

Bijschrijven per 3 October 1940.
Sch.297 Reederij J.J.v.d.Toorn, Scheveningen. [vinkje]

[Handgeschreven links in de marge:]
Genoteerd [?]
A
21/10-40

DE DIRECTEUR,
[Onduidelijke handtekening]

Ko/NP.

[Onderaan links:] (A) 19589 - '40 Dit document is een formele administratieve instructie van de Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) aan de directeur van de visafslag in Amsterdam. De brief dient om de officiële lijst van vissersschepen die aanspraak maken op financiële steun te actualiseren. Concreet wordt verzocht om het schip Sch. 297 (Scheveningen 297), behorend tot de Reederij J.J. v.d. Toorn, met ingang van 3 oktober 1940 aan de lijst toe te voegen.

De diverse handgeschreven aantekeningen en parafen tonen het administratieve traject van de brief aan: hij is binnengekomen, gezien door een medewerker (mogelijk De Haas) op 11 oktober, en uiteindelijk verwerkt of genoteerd op 21 oktober 1940. De datum van de brief, 4 oktober 1940, is historisch relevant omdat Nederland zich op dat moment in de eerste maanden van de Duitse bezetting bevond. De genoemde "Crisis-Steunbeschikking 1936" was een maatregel die tijdens de Grote Depressie was ingevoerd om de noodlijdende kleine zeevisserij financieel te ondersteunen.

Uit dit document blijkt dat dergelijke vooroorlogse sociale en economische regelingen in de beginfase van de bezetting nog werden gecontinueerd door de bestaande Nederlandse bureaucratie. De Nederlandsche Visscherijcentrale bleef gedurende de oorlog een centrale rol spelen in de regulering van de visserij, die door de bezetter streng werd gecontroleerd om de voedselvoorziening te beheersen en vluchtpogingen naar Engeland te dwarsbomen. Het schip uit de brief, de Sch. 297, betreft een vaartuig uit Scheveningen, een haven die tijdens de oorlog grotendeels werd gesloten voor de visserij vanwege de aanleg van de Atlantikwall.

Samenvatting

Dit document is een formele administratieve instructie van de Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) aan de directeur van de visafslag in Amsterdam. De brief dient om de officiële lijst van vissersschepen die aanspraak maken op financiële steun te actualiseren. Concreet wordt verzocht om het schip Sch. 297 (Scheveningen 297), behorend tot de Reederij J.J. v.d. Toorn, met ingang van 3 oktober 1940 aan de lijst toe te voegen.

De diverse handgeschreven aantekeningen en parafen tonen het administratieve traject van de brief aan: hij is binnengekomen, gezien door een medewerker (mogelijk De Haas) op 11 oktober, en uiteindelijk verwerkt of genoteerd op 21 oktober 1940.

Historische Context

De datum van de brief, 4 oktober 1940, is historisch relevant omdat Nederland zich op dat moment in de eerste maanden van de Duitse bezetting bevond. De genoemde "Crisis-Steunbeschikking 1936" was een maatregel die tijdens de Grote Depressie was ingevoerd om de noodlijdende kleine zeevisserij financieel te ondersteunen.

Uit dit document blijkt dat dergelijke vooroorlogse sociale en economische regelingen in de beginfase van de bezetting nog werden gecontinueerd door de bestaande Nederlandse bureaucratie. De Nederlandsche Visscherijcentrale bleef gedurende de oorlog een centrale rol spelen in de regulering van de visserij, die door de bezetter streng werd gecontroleerd om de voedselvoorziening te beheersen en vluchtpogingen naar Engeland te dwarsbomen. Het schip uit de brief, de Sch. 297, betreft een vaartuig uit Scheveningen, een haven die tijdens de oorlog grotendeels werd gesloten voor de visserij vanwege de aanleg van de Atlantikwall.

Kooplieden in dit dossier 45

Gerelateerde Documenten 2