Krantenknipsel (fragment).
Origineel
Krantenknipsel (fragment). 27 februari (jaar geschat op 1940, gezien de ambtstermijn van Minister Welter en de context van de 'Volksraad'). TWEEDE BLAD
GELEIDELIJKE ON[T...]
__ ⬥ __
Minister Welter over het Indische [beleid?]
met sprongen zou tot niets goeds [leiden?]
den Volksraad. Een socialis[t...]
__ ⬥ __
CONJUNCTUUR-GEVOELIGHEID | transmigr[atie]
VAN INDIË | [Ja]vaansche
__ ⬥ __ | opnieuw
| gebracht
(Van onzen parlementairen redacteur.) | De st[...]
| king v[...]
's-Gravenhage, 27 Februari. | deele d[...]
| zorgt
§§ — Men kan, wat de staatkundige ont- | voor z[...]
wikkeling van Indië betreft minister Welter | lemme[...]
nauwelijks een cons[...] | voorz[...]
staat hij — gel[...]
in wezen[...] Dit fragment bevat een verslag van een parlementair debat of een officiële verklaring van de toenmalige Minister van Koloniën, Charles Welter. De kernboodschap is een pleidooi voor "geleidelijke ontwikkeling" in plaats van abrupte politieke hervormingen ("met sprongen zou tot niets goeds [leiden]").
De tekst noemt specifiek:
1. Staatkundige ontwikkeling: De minister waarschuwt tegen overhaaste onafhankelijkheid of te snelle democratisering.
2. De Volksraad: Het半-parlementaire orgaan in Nederlands-Indië waar deze zaken besproken werden.
3. Economie: De kop "CONJUNCTUUR-GEVOELIGHEID VAN INDIË" duidt op de kwetsbaarheid van de Indische economie, die sterk afhankelijk was van de export van grondstoffen en dus van de wereldmarkt.
4. Sociale kwesties: In de rechterkolom zijn flarden te zien van termen als "transmigratie" en "Javaansche", wat wijst op het beleid om de overbevolking op Java aan te pakken door verhuizing naar andere eilanden. Het document dateert zeer waarschijnlijk uit februari 1940. Charles Welter was minister van Koloniën in de kabinetten-Colijn IV, V en De Geer II (1937-1941). Dit was een periode van grote spanning: de nationalistische beweging in Nederlands-Indië (onder leiding van o.a. Soekarno en Hatta, die toen overigens vastzaten of verbannen waren) eiste meer autonomie, terwijl de Nederlandse regering vasthield aan een behoedzaam, paternalistisch beleid.
De term "geleidelijkheid" was een kernbegrip in het Nederlandse koloniale beleid van die tijd; men geloofde dat de kolonie nog niet 'rijp' was voor zelfstandigheid. Slechts enkele maanden na dit bericht, in mei 1940, werd Nederland bezet door nazi-Duitsland, wat de verhouding met Nederlands-Indië en de positie van de Volksraad fundamenteel zou veranderen. De "conjunctuurgevoeligheid" was op dat moment extra relevant vanwege de naderende wereldoorlog en de verstoring van de handelsroutes.