Archief 745
Inventaris 745-332
Pagina 212
Dossier 83
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtelijke brief/adviesnota.

26 juli 1940. Van: Waarschijnlijk een directeur van een gemeentelijke dienst (gezien de initialen VP/G en de verwijzing naar de "afdeeling Werktuigen van den Dienst der Publieke Werken").

Origineel

Ambtelijke brief/adviesnota. 26 juli 1940. Waarschijnlijk een directeur van een gemeentelijke dienst (gezien de initialen VP/G en de verwijzing naar de "afdeeling Werktuigen van den Dienst der Publieke Werken"). [Links boven:]
48/24/5 M
1

[Midden boven, handgeschreven:]
extra

[Rechts boven:]
VP/G.

26 Juli 1940.

Voorstel van Ir.H.H.W.van Eyk
inzake inrichting koelhuis
Centrale Markt.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.

Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 19 dezer om advies ontvangen stuk heb ik de eer U te berichten, dat tot nu toe het koelhuis op de Centrale Markt door de Nederlandsche Veehoudery-Centrale niet is gevorderd voor het invriezen van vleesch. De voornoemde Centrale is belast met de doelmatige verdeeling van de in Nederland aanwezige koelhuisruimte. Zy heeft, in verband daarmede, voorgeschreven, dat in het algemeen voor één gegadigde niet meer dan 100 kg goederen mag worden opgeslagen. In uitzondering daarop heeft zy echter aan myn dienst algeheele dispensatie van dit voorschrift verleend, zoodat daarin, evenals voorheen, onbeperkt partyen fruit kunnen worden opgeslagen.

Het is niet waarschynlyk, dat het koelhuis op de Centrale Markt ooit voor den opslag van vleesch zal worden gevorderd. Van de ruimte in het koelhuis is namelyk slechts 2% ingericht voor vriezen; een zeer kostbare wyziging van de installatie zou noodig zyn, indien men de vriesruimte zou willen uitbreiden. Tenzy men het koelhuis permanent van bestemming zou willen doen veranderen en het tot een vleeschvrieshuis maken, zou een dergelyke wyziging nimmer rendabel kunnen zyn. Bovendien is geruime tyd noodig, alvorens de wyziging kan worden aangebracht.

Hierby komt nog, dat in het aanstaande winterseizoen groote vraag naar koelhuisruimte voor den opslag van fruit - in het byzonder van appelen - is te verwachten. Reeds in de vorige seizoenen heeft het koelhuis op de Centrale Markt niet aan alle aanvragen om koelhuisruimte kunnen voldoen.

Mocht, ondanks dit alles, toch de inrichting van het koelhuis tot vrieshuis voor varkens worden geeischt, dan zal het project daarvoor door de afdeeling Werktuigen van den Dienst der Publieke Werken moeten worden gemaakt. Dit werd dezerzyds bereids aan Ir.Van Eyk op 11 Juli jl. bericht, in antwoord op een overeenkomstig voorstel, dat hy aan my richtte. Zou de afdeeling Werktuigen eventueel toepassing van

[Einde pagina / Tekst breekt af]

--- In dit document adviseert een ambtenaar (mogelijk de directeur van de Markten of Publieke Werken) de Wethouder voor de Levensmiddelen negatief over een voorstel van Ir. H.H.W. van Eyk. Het voorstel behelst het ombouwen van het koelhuis op de Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam) naar een vrieshuis voor vlees, specifiek varkensvlees.

De belangrijkste argumenten tegen dit plan zijn:
1. Regelgeving: De Nederlandsche Veehoudery-Centrale (NVC) heeft het koelhuis nog niet gevorderd voor vlees. Bovendien geniet het koelhuis een uitzonderingspositie waardoor er onbeperkt fruit mag worden opgeslagen, terwijl andere locaties aan een limiet van 100 kg per klant zijn gebonden.
2. Technisch/Financieel: Slechts 2% van het koelhuis is geschikt voor vriezen. Uitbreiding is zeer kostbaar, technisch complex en alleen rendabel bij een permanente bestemmingswijziging.
3. Economische noodzaak: Er wordt een grote behoefte aan opslagcapaciteit voor fruit (appels) verwacht voor de komende winter. De capaciteit was in voorgaande jaren al ontoereikend.

De schrijver concludeert dat indien de vordering toch wordt doorgezet, de afdeling Werktuigen van de Dienst der Publieke Werken het technische ontwerp moet maken.

--- Dit document stamt uit juli 1940, slechts twee maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De voedselvoorziening en de opslag van voorraden werden direct onder strikt toezicht geplaatst.

De genoemde Nederlandsche Veehoudery-Centrale (NVC) was een crisis-instelling die toezicht hield op de veestapel en de distributie van vlees. De discussie over het ombouwen van fruitkoeling naar vleesvriescapaciteit weerspiegelt de verschuiving in prioriteiten tijdens de oorlog: van commerciële marktwerking naar strategische voedselvoorraden en distributie onder dwang.

Ir. H.H.W. van Eyk was een ingenieur die vaker betrokken was bij technische projecten voor de gemeente Amsterdam. De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat was het logistieke hart van de Amsterdamse voedselvoorziening. Het spanningsveld tussen lokale behoeften (fruitopslag voor de stad) en centrale vorderingen (vlees voor landelijke distributie of de bezetter) is in dit document duidelijk zichtbaar.

Samenvatting

In dit document adviseert een ambtenaar (mogelijk de directeur van de Markten of Publieke Werken) de Wethouder voor de Levensmiddelen negatief over een voorstel van Ir. H.H.W. van Eyk. Het voorstel behelst het ombouwen van het koelhuis op de Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam) naar een vrieshuis voor vlees, specifiek varkensvlees.

De belangrijkste argumenten tegen dit plan zijn:
1. Regelgeving: De Nederlandsche Veehoudery-Centrale (NVC) heeft het koelhuis nog niet gevorderd voor vlees. Bovendien geniet het koelhuis een uitzonderingspositie waardoor er onbeperkt fruit mag worden opgeslagen, terwijl andere locaties aan een limiet van 100 kg per klant zijn gebonden.
2. Technisch/Financieel: Slechts 2% van het koelhuis is geschikt voor vriezen. Uitbreiding is zeer kostbaar, technisch complex en alleen rendabel bij een permanente bestemmingswijziging.
3. Economische noodzaak: Er wordt een grote behoefte aan opslagcapaciteit voor fruit (appels) verwacht voor de komende winter. De capaciteit was in voorgaande jaren al ontoereikend.

De schrijver concludeert dat indien de vordering toch wordt doorgezet, de afdeling Werktuigen van de Dienst der Publieke Werken het technische ontwerp moet maken.


Historische Context

Dit document stamt uit juli 1940, slechts twee maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De voedselvoorziening en de opslag van voorraden werden direct onder strikt toezicht geplaatst.

De genoemde Nederlandsche Veehoudery-Centrale (NVC) was een crisis-instelling die toezicht hield op de veestapel en de distributie van vlees. De discussie over het ombouwen van fruitkoeling naar vleesvriescapaciteit weerspiegelt de verschuiving in prioriteiten tijdens de oorlog: van commerciële marktwerking naar strategische voedselvoorraden en distributie onder dwang.

Ir. H.H.W. van Eyk was een ingenieur die vaker betrokken was bij technische projecten voor de gemeente Amsterdam. De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat was het logistieke hart van de Amsterdamse voedselvoorziening. Het spanningsveld tussen lokale behoeften (fruitopslag voor de stad) en centrale vorderingen (vlees voor landelijke distributie of de bezetter) is in dit document duidelijk zichtbaar.

Kooplieden in dit dossier 100