Archief 745
Inventaris 745-337
Pagina 62
Dossier 76
Jaar 1940
Stadsarchief

Archiefdocument

9 augustus 1940. Dossier: 14, 39/209/1

Origineel

9 augustus 1940. [Stempel linksboven]
BIJBLAD VAN:
M. No. 39/209/1 1940
DOORGEZONDEN: 3/5

[Aantekeningen rechtsboven]
574
oproepen
7/8 '40

[Hoofdtekst]
G. P. Koning op 9/8 '40 bij mij.
Jan Evertsenstr. is hopeloos. Politie treedt wel
telkens op tegen fruitventers, doch de bloemen- [kantlijn: 9/8 5 uur]
venters laten ze staan. Er zijn een tiental bloemen-
venters, die clandestiene standplaatsen innemen.

S. Koot, P. de Vries, S. Brands, J. Landbergen, J. Kuyper
G. Hesman, Koot, W. Steen met kar; bovendien nog
enkelen met een mand. Ze staan op enkele meters van
de bona fide standplaatshouders. Komen s'morgens om
8 uur en gaan s'avonds het laatste naar huis (8.30)
Ruzie als een van hen op een andere plaats (N.B) gaat staan.
Concurreeren tegen elkaar S Koot + de Vries tegen Brands + Landbergen
verkoopen tegen minimum prijs der veilingen.
Het is voor de standplaatshouders onhoudbaar
Ventverbod moet daar komen. Ook voor de
winkeliers is het onhoudbaar. De venters bezetten alle hoeken
der straat. De notitie legt een klacht vast die is ingediend door de heer G.P. Koning over de ongecontroleerde straathandel in de Jan Evertsenstraat. De kern van de klacht betreft oneerlijke concurrentie en overlast door een groep van circa tien onvergunde ('clandestiene') bloemenventers.

Belangrijkste punten uit het verslag:
* Namenlijst: Het document noemt specifiek de namen van de overtreders: S. Koot, P. de Vries, S. Brands, J. Landbergen, J. Kuyper, G. Hesman en W. Steen.
* Concurrentievervalsing: De illegale venters verkopen hun waren tegen de minimumprijzen van de veiling, waardoor de legale standplaatshouders en winkeliers hun omzet zien verdwijnen.
* Handhavingsproblematiek: De klager merkt op dat de politie inconsistent optreedt; fruitventers worden wel aangepakt, maar bloemenventers worden gedoogd.
* Logistieke overlast: De venters bezetten "alle hoeken van de straat", staan zeer dicht op de legale handelaren en maken extreem lange dagen (van 08:00 tot 20:30 uur).
* Verzoek: De situatie wordt als "onhoudbaar" omschreven, met als gewenste oplossing een algeheel ventverbod voor die locatie. Dit document is opgesteld in augustus 1940, de vroege maanden van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode nam de informele straathandel toe als gevolg van groeiende economische schaarste en werkloosheid. De Jan Evertsenstraat was destijds een van de belangrijkste en drukste winkelstraten in de toen nieuwe wijken van Amsterdam-West.

Dergelijke archiefstukken geven inzicht in de spanningen tussen de gevestigde middenstand (die gebonden was aan strikte vergunningen en belastingen) en de informele sector. De opmerking over het inconsistente politieoptreden suggereert mogelijk een gebrek aan duidelijke richtlijnen of prioriteitsstelling bij de lokale politie in de chaotische begindagen van de bezetting. G. Hesman G.P. Koning J. Kuyper J. Landbergen M. No P. Koning P. de Vries S. Brands S. Koot W. Steen Politie

Samenvatting

De notitie legt een klacht vast die is ingediend door de heer G.P. Koning over de ongecontroleerde straathandel in de Jan Evertsenstraat. De kern van de klacht betreft oneerlijke concurrentie en overlast door een groep van circa tien onvergunde ('clandestiene') bloemenventers.

Belangrijkste punten uit het verslag:
* Namenlijst: Het document noemt specifiek de namen van de overtreders: S. Koot, P. de Vries, S. Brands, J. Landbergen, J. Kuyper, G. Hesman en W. Steen.
* Concurrentievervalsing: De illegale venters verkopen hun waren tegen de minimumprijzen van de veiling, waardoor de legale standplaatshouders en winkeliers hun omzet zien verdwijnen.
* Handhavingsproblematiek: De klager merkt op dat de politie inconsistent optreedt; fruitventers worden wel aangepakt, maar bloemenventers worden gedoogd.
* Logistieke overlast: De venters bezetten "alle hoeken van de straat", staan zeer dicht op de legale handelaren en maken extreem lange dagen (van 08:00 tot 20:30 uur).
* Verzoek: De situatie wordt als "onhoudbaar" omschreven, met als gewenste oplossing een algeheel ventverbod voor die locatie.

Historische Context

Dit document is opgesteld in augustus 1940, de vroege maanden van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode nam de informele straathandel toe als gevolg van groeiende economische schaarste en werkloosheid. De Jan Evertsenstraat was destijds een van de belangrijkste en drukste winkelstraten in de toen nieuwe wijken van Amsterdam-West.

Dergelijke archiefstukken geven inzicht in de spanningen tussen de gevestigde middenstand (die gebonden was aan strikte vergunningen en belastingen) en de informele sector. De opmerking over het inconsistente politieoptreden suggereert mogelijk een gebrek aan duidelijke richtlijnen of prioriteitsstelling bij de lokale politie in de chaotische begindagen van de bezetting.

Genoemde Personen 10

Locaties

Amsterdam (Jan Evertsenstraat).

Producten

A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Huishoudelijk: Pan Kruidenier (Droog): Bloem Tuin & Plant: Bloemen Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Politie

Kooplieden in dit dossier 2

Bur.v.Maatsch.Steun Waterlooplein 751
P. Werken Waterlooplein 697

Gerelateerde Documenten 4