Administratieve lijst van openstaande schulden (waarschijnlijk van het Marktwezen).
Origineel
Administratieve lijst van openstaande schulden (waarschijnlijk van het Marktwezen). April 1940. [Bovenaan, links]
Schuld
Kraamverhuurders
[Eerste vermelding]
J. Schelvis Waterlooplein 56. [daarboven in potlood:] 7.00 betaald.
[onderstreept]
Schuld f 6.82 [dubbel onderstreept] [eronder:] bet.
[Rechts in rode inkt met accolade:] } moet bij herhaling worden aangemaand zie 85/20/2; 85/13/3; 85/8/3; 85/2/2.
[Tweede vermelding]
M. Gelder Waterlooplein 53 [daarboven:] ged. Betaald.
[onderstreept]
Schuld f 10.56 [dubbel onderstreept]
[Rechts in rode inkt:] moet bij herhaling worden aangemaand zie 85/16/2; 85/10/3; 85/1/1.
[Derde vermelding]
M. Roger Lindengracht 256
[onderstreept]
Schuld f 1.59. [erachter:] betaald.
[Rechts in rode inkt met accolade:] } heeft niet voldaan aan aanmaning dd 10-4-1940 no 85/20/3 om op 13/4 te betalen
[Onderaan rechts, instructie in zwarte inkt:]
Inge [?]
Krachtig optreden s.v.p. -
19-4-'40
[Paraaf:] PWE [?] * Inhoud: Het document betreft een overzicht van marktkooplieden (kraamverhuurders) die achterstallig zijn met het betalen van hun staangeld of huur. Er worden drie specifieke namen genoemd met hun respectievelijke adressen en schuldbedragen.
* Administratieve proces: De rode aantekeningen laten zien dat er een actieve dossieropbouw was. Er wordt verwezen naar eerdere aanmaningen (met dossiernummers zoals 85/20/2). Bij de onderste vermelding wordt expliciet geconstateerd dat een deadline (13 april 1940) is verstreken.
* Besluitvorming: De dwingende instructie onderaan ("Krachtig optreden s.v.p.") van 19 april 1940 wijst op een escalatie van het incassobeleid door de betreffende instantie.
* Handschrift: Het document is geschreven in een net, zakelijk cursief handschrift, typisch voor de eerste helft van de 20e eeuw. * Historische context: Dit document is opgesteld in april 1940, slechts drie weken voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). Het toont de normale dagelijkse gang van zaken in de Amsterdamse bureaucratie aan de vooravond van de oorlog.
* Geografische context: De Waterloopleinmarkt en de markt op de Lindengracht waren (en zijn) iconische Amsterdamse markten. Het Waterlooplein lag in het hart van de Joodse buurt; namen als Schelvis en Gelder zijn in deze context veelvoorkomend en wijzen mogelijk op Joodse markthandelaren.
* Sociaal-economisch: De bedragen (variërend van f 1,59 tot f 10,56) lijken naar moderne maatstaven klein, maar waren voor kleine zelfstandigen in 1940 aanzienlijk genoeg om onderwerp te zijn van strikte administratieve vervolging. Het geeft inzicht in de precaire economische positie van markthandelaren in die tijd. J. Schelvis M. Gelder M. Roger Marktwezen