Administratief bijblad / dossier-geleideformulier.
Origineel
Administratief bijblad / dossier-geleideformulier. [Linksboven in gestempeld kader]
BIJBLAD VAN:
M. No. 90/49/1, ~~1940~~ 19/4-'40
DOORGEZONDEN:
[Rechtsboven, handgeschreven in inkt]
Mooijman [onderstreept] 109
intrekken met ingang van
13/4 '40.
[Rechtsonder de eerste notitie]
Hr. v. Burg
ter kennisneming
10-4-'40
de Haas [handtekening]
[Midden rechts, grote paraaf]
15/4 '40
[Rechtsonder]
Opbergen
17/4-40
de Haas [handtekening]
[Paraaf in rood potlood]
[Linksonder, gedrukt]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document dient als bewijsstuk voor de administratieve afhandeling van een dossier betreffende een persoon genaamd Mooijman. De kern van de instructie is het "intrekken" van een niet nader gespecificeerde status, besluit of document met ingang van 13 april 1940.
De chronologie van de afhandeling is duidelijk zichtbaar:
1. 10 april 1940: De eerste aantekening door 'de Haas' (vermoedelijk een referendaris of klerk), gericht aan een 'Heer van Burg' ter kennisneming.
2. 13 april 1940: De datum waarop de intrekking effectief wordt.
3. 15 april 1940: Een tussenliggende paraaf ter controle of verwerking.
4. 17 april 1940: De definitieve opdracht "Opbergen", wederom getekend door de Haas.
5. 19 april 1940: De uiteindelijke datum die bovenaan in het kader is ingevuld, wat waarschijnlijk de datum is waarop het bijblad officieel in het archiefregister is verwerkt.
De rode paraaf linksonder de laatste handtekening is een typisch archivarisch of revisioneel kenmerk dat aangeeft dat de actie definitief is gecontroleerd. Het document dateert van net voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). De aanduiding "Alg. Zaken Model No. 14" wijst op een gestandaardiseerd formulier van de rijksoverheid. De "M" in het dossiernummer zou kunnen duiden op een militair dossier of een ministerieel besluit. In de gespannen sfeer van de mobilisatie in april 1940 werden veel administratieve statussen (zoals verloven, ontheffingen of aanstellingen) ingetrokken of herzien, wat de achtergrond van deze specifieke mutatie voor de heer Mooijman zou kunnen verklaren. M. No