Dienstbrief / Circulaire.
Origineel
Dienstbrief / Circulaire. 11 december 1940. De Stadsingenieur, tevens Voorzitter van de Kleine Benzinecommissie. [Stempel linksboven:] R$^0$ 100/10/22 M. 1940 12/12
D i e n s t
der
Publieke Werken .
Raadhuis, kamer 198.
S.I.3342/111 B$^I$.
Amsterdam, 11 December 1940.
[Handgeschreven in blauw:] m. Th. Beense
Aan Heeren Hoofden van Diensten en Bedrijven.
Evenals in vorige maanden, verzoek ik U hier-
mede, Uw aanvragen voor toewijzingen van benzine
over Januari 1941, echter uitsluitend ten behoeve
van verkeer te land, uiterlijk op Maandag,
16 December bij mij in te zenden.
U ontvangt dan t.z.t. weder bericht betref-
fende de toewijzingen aan Uw Dienst of Bedrijf.
vdH.
De Stadsingenieur,
Voorzitter Kleine Benzinecommissie,
[Handtekening:] WHeemskerk v d Beest.
[Rechtsonder:] loo * Onderwerp: De aanvraagprocedure voor benzinerantsoenen voor de maand januari 1941.
* Kernboodschap: De hoofden van gemeentelijke diensten en bedrijven moeten hun benzinebehoeften voor de komende maand indienen voor een strikte deadline (16 december).
* Beperking: Er wordt expliciet benadrukt dat de aanvraag uitsluitend mag gelden voor verkeer over land. Dit duidt op een scherpe scheiding in de brandstofdistributie (bijv. landverkeer versus vaartuigen).
* Ondertekening: De brief is ondertekend door W. Heemskerk van Beest, die in die periode Stadsingenieur van Amsterdam was. Dit document stamt uit de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland (mei 1940 - mei 1945). Al direct na de invasie werd de distributie van schaarse middelen, zoals brandstof, gecentraliseerd en streng gereguleerd.
De "Kleine Benzinecommissie" was een ambtelijk orgaan binnen de gemeente Amsterdam dat belast was met het beoordelen van de noodzaak van brandstofgebruik door de verschillende gemeentediensten (zoals de reinigingsdienst, de brandweer of de GVB). Omdat de bezetter het grootste deel van de brandstofvoorraden opeiste voor de eigen oorlogsmachinerie, moesten civiele instanties met minimale hoeveelheden toe. De korte termijn tussen de dagtekening (11 dec) en de deadline (16 dec) illustreert de bureaucratische druk en de noodzaak voor een strakke planning in tijden van schaarste.