Dienstbrief / Vergunningsbericht
Origineel
Dienstbrief / Vergunningsbericht 8 oktober 1940 Gemeentelijk Materialenbureau, Amsterdam (Oudezijds Achterburgwal 213) Den Heer Directeur van het Marktwezen, Amsterdam (Alhier) [Stempel linksboven: Wapen van Amsterdam]
[Stempel middenboven, paars]: N$\underline{o}$ $\underline{100/16/3}$ M. 1940 $\frac{9}{10}$
[Handgeschreven rechtsboven]: No. 5710 G.M.B.
Telefoon 43321, 43130
Toestellen 483, 568, 569, 576
Verzoeke bij beantwoording datum en
nummer van dezen brief te vermelden
Amsterdam, 8 October 1940.
Gemeentelijk Materialenbureau
Oudezijds Achterburgwal 213 Amsterdam (Centrum)
Aan: den Heer Directeur van het
Marktwezen,
Alhier.
[Handgeschreven in de rechterkantlijn: uittr 30/11; Hs [onleesbaar]; rood potlood: 9/10; groen vinkje]
Ten vervolge op mijn schrijven van 19
September 1940, No. 5/18 G.M.B., deel ik U
mede, dat het Gemeentelijk Materialenbureau
van het Rijksbureau voor Aardolieproducten
vergunning heeft ontvangen voor verbruik door
Uw Dienst of Bedrijf uit den geblokkeerden
voorraad gedurende de periode van 10 tot en
met 31 October 1940 tot een maximum van
tien ( 10 ) liter petroleum.
Br.
Het Hoofd van het Gemeentelijk
Materialenbureau,
[Signatuur: Ed de Kruijff]
[Linksonder in de voet]: 1000-8-'40 Dit document is een officiële kennisgeving van het Amsterdams Gemeentelijk Materialenbureau aan de directeur van het Marktwezen. De kern van de brief is de toekenning van een vergunning voor het gebruik van een zeer beperkte hoeveelheid petroleum (10 liter) uit de "geblokkeerde voorraad" voor een specifieke periode in oktober 1940.
Opvallende details zijn:
* Rationering: De tekst verwijst expliciet naar het "Rijksbureau voor Aardolieproducten", de centrale instantie die de distributie van brandstoffen beheerde.
* Bureaucratie: De brief is een vervolg op een eerdere correspondentie uit september, wat duidt op een stroperig administratief proces voor zelfs kleine hoeveelheden brandstof.
* Uiterlijk: Het gebruik van paars typelint en de specifieke stempels zijn typerend voor de Nederlandse gemeentelijke administratie uit deze periode. De datum van de brief, 8 oktober 1940, plaatst het document in de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Direct na de inval in mei 1940 werden schaarse goederen, waaronder brandstoffen zoals petroleum, onder strikt toezicht geplaatst en gerantsoeneerd.
Het "Marktwezen" was verantwoordelijk voor de exploitatie en het toezicht op de Amsterdamse markten. De 10 liter petroleum was waarschijnlijk bedoeld voor verlichting of kleinschalige verwarming in dienstgebouwen of marktkramen. Het feit dat er voor een dergelijke kleine hoeveelheid een officiële vergunning van een Rijksbureau nodig was, illustreert de toenemende schaarste en de totale controle van de overheid (onder toezicht van de bezetter) op de economie. De handgeschreven aantekeningen wijzen op de verdere administratieve verwerking (het maken van uittreksels voor de boekhouding) binnen de ontvangende afdeling. G.M.B. Marktwezen Rijksbureau