Archief 745
Inventaris 745-343
Pagina 36
Dossier 82
Jaar 1941
Stadsarchief

Ambtelijke brief/memorandum (doorslag).

Van: Onbekend (mogelijk een afdelingshoofd of directeur binnen de gemeentelijke organisatie). Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier.

Origineel

Ambtelijke brief/memorandum (doorslag). Onbekend (mogelijk een afdelingshoofd of directeur binnen de gemeentelijke organisatie). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier. [Handgeschreven, rechtsboven:]
ter. d. Dir. C.D.L.V.

[Handgeschreven, linksboven:]
(200)

[Getypt:]
D/HG.

20/1/12 N.

[Handgeschreven, diagonaal:]
Verzonden 24/12

24 December 1940.

Voorraadvorming van vat-
groenten in den aanstaanden
winter.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat ingevolge Uw opdracht de directeur van den Centralen Dienst voor de levensmiddelenvoorziening en ondergeteekende met vertegenwoordigers van den groothandel in vatgroenten overleg hebben gepleegd omtrent de vraag of buiten de reeds getroffen maatregelen nog moest worden overgegaan tot het vormen van een voorraad vatgroenten voor de periode van 1 Januari 1941 tot einde April 1941. Van de bedoelde besprekingen, welke op 14, 19 en 20 December jl. hebben plaats gehad, zijn korte notities gemaakt, welke hierbij in afschrift worden overgelegd (bijlagen A, B en C).

In de bespreking van 20 December jl. werd tenslotte een voorloopig voorstel geformuleerd, dat in de notities onder het hoofd "Opslag van vatgroente" is opgenomen. De daarbij bedoelde prijsopgave werd op 23 dezer door den handel ingediend; hiervan doe ik U in bijlage dezes afschrift toekomen (bijlage D).

De daarin gevraagde vergoedingen zijn mijns inziens zeer aan den hoogen kant; dit geldt eveneens voor de prijzen, waarvoor de per 1 Mei 1941 onverkochte vaten groente door de Gemeente zouden moeten worden overgenomen. Mijn Ambtgenoot van den Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening onderschrijft deze meening volkomen. Dit document betreft de voorbereiding op mogelijke voedseltekorten tijdens de eerste winter van de Duitse bezetting in Nederland. De kern van de brief is de discussie over het aanleggen van een noodvoorraad "vatgroenten" (groenten die in zout of azijn in vaten zijn ingelegd, zoals zuurkool of zoute snijbonen).

De brief toont een spanningsveld tussen drie partijen:
1. De Gemeente/Overheid: Wil de voedselvoorziening voor de burgers veiligstellen (januari t/m april 1941).
2. De Groothandel: Is bereid voorraad aan te leggen, maar vraagt hiervoor (volgens de schrijver) te hoge prijzen en vergoedingen.
3. De Ambtenarij: De schrijver en de directeur van de Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening adviseren de wethouder kritisch te zijn op de financiële eisen van de handel, met name over de garantie dat de gemeente de onverkochte voorraden tegen een vooraf vastgestelde prijs moet opkopen. In december 1940 was Nederland ruim zeven maanden bezet. Hoewel de extreme honger (zoals in de Hongerwinter van '44) nog ver weg was, werd de schaarste al merkbaar en was de distributie van levensmiddelen reeds in volle gang.

Vatgroenten waren in die tijd een cruciaal onderdeel van de wintervoorraad, omdat verse groenten buiten het seizoen nauwelijks beschikbaar waren en conservenblikken schaars werden door metaaltekorten. De "Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening" (CDLV) speelde een sleutelrol in het beheersen van de markt en het voorkomen van woekerprijzen, hoewel uit deze brief blijkt dat de handel nog steeds probeerde gunstige voorwaarden te bedingen bij de overheid. Het document illustreert de overgang van een vrije markteconomie naar een strak geleide distributie-economie onder toezicht van de bezetter en lokale overheden.

Samenvatting

Dit document betreft de voorbereiding op mogelijke voedseltekorten tijdens de eerste winter van de Duitse bezetting in Nederland. De kern van de brief is de discussie over het aanleggen van een noodvoorraad "vatgroenten" (groenten die in zout of azijn in vaten zijn ingelegd, zoals zuurkool of zoute snijbonen).

De brief toont een spanningsveld tussen drie partijen:
1. De Gemeente/Overheid: Wil de voedselvoorziening voor de burgers veiligstellen (januari t/m april 1941).
2. De Groothandel: Is bereid voorraad aan te leggen, maar vraagt hiervoor (volgens de schrijver) te hoge prijzen en vergoedingen.
3. De Ambtenarij: De schrijver en de directeur van de Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening adviseren de wethouder kritisch te zijn op de financiële eisen van de handel, met name over de garantie dat de gemeente de onverkochte voorraden tegen een vooraf vastgestelde prijs moet opkopen.

Historische Context

In december 1940 was Nederland ruim zeven maanden bezet. Hoewel de extreme honger (zoals in de Hongerwinter van '44) nog ver weg was, werd de schaarste al merkbaar en was de distributie van levensmiddelen reeds in volle gang.

Vatgroenten waren in die tijd een cruciaal onderdeel van de wintervoorraad, omdat verse groenten buiten het seizoen nauwelijks beschikbaar waren en conservenblikken schaars werden door metaaltekorten. De "Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening" (CDLV) speelde een sleutelrol in het beheersen van de markt en het voorkomen van woekerprijzen, hoewel uit deze brief blijkt dat de handel nog steeds probeerde gunstige voorwaarden te bedingen bij de overheid. Het document illustreert de overgang van een vrije markteconomie naar een strak geleide distributie-economie onder toezicht van de bezetter en lokale overheden.

Kooplieden in dit dossier 32

A 46 kg p. 100 stuks Nieuwmarkt niet opgenomen
Andijvie - vaten 40
B 38 kg p. 100 stuks
T.H. Roelofs 17.33
C 30 kg p. 100 stuks
E. Kool 600
E. Kool 600
I 20-25 cm ø Nieuwmarkt niet opgenomen
I A 16 à 20 kg p. 100 stuks 0,12 0,10 0,06
II 16-20 cm ø
KG Blikgroenten 64300
KG. Koolrapen 215300
Daniel Kool 250200
K.G. Savoie 353800
V. Tuien 270900
KG. Wortelen 413100
G.W.J. Bos idem
R. Kool 250.200
R. Kool 0,20 0,15 0,12
R. Kool 250.200
Salomon Kool 353.800
Salomon Kool 353.800
Salomon Kool Nieuwmarkt niet opgenomen
Boonen 30
Stuks groene " 600
A. Witte 0,30 0,20 0,12
W. Kool 7.000
Alle 32 kooplieden →