Handgeschreven conceptbrief met diverse doorhalingen en correcties.
Origineel
Handgeschreven conceptbrief met diverse doorhalingen en correcties. Onbekend (waarschijnlijk een functionaris binnen de gemeente Amsterdam of een aanverwante voedselcommissie). Concept
Den Heer Regeringscommissaris
voor de Groente- en Fruitteelt
Lange Voorhout 11
's-Gravenhage.
- Groentepositie in den a.s. winter.
Met belangstelling nam de Commiss. van de vertrouwelijke mededeelingen, die door U op 15 dezer zijn gedaan aan vertegenwoordigers van een aantal Gemeenten, waarbij de stad Amsterdam vertegenwoordigd was door de Directeuren van het Marktwezen en van den Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening. Deze mededeelingen hebben bij mij den indruk gevestigd, dat de groentepositie van Nederland in den a.s. winter ~~zoodanig is, dat~~ waarschijnlijk geen algemeene distributie noodig zal zijn. Kan men te dezen opzichte dus min of meer gerust zijn, ~~zijn er betreffende mededeelingen is toch~~ van mij niet meen ik toch vast te staan, dat de voorziening met groente ~~niet~~ onder alle omstandigheden gewaarborgd zal zijn. ~~Zelfs al name men de bekende transportmoeilijkheden~~ meen ik, dat voor een eventueele periode van nijpende koude niet een zoodanige zekerheid bestaat, dat men ~~daarmee volledig verantwoord zou zijn. Althans~~ dezerzijds is reeds bij overleg met enkele vertegenwoordigers van den groothandel ~~bewezen vast door dezen~~ verklaard, dat de handel in zijn eigen belang met de mogelijkheid van stagnatie in den aanvoer bij vorst rekening houdt, zoodat in Amsterdam altijd wel een zekere voorraad stapelgroente in Amsterdam aanwezig is, doch of deze voorraad steeds voldoende zal zijn om aan alle ~~mogelijk~~ moeilijkheden, het hoofd te bieden, waag ik ernstig te betwijfelen. ~~Evenzeer waag ik te betwijfelen of de Overheid wel voldoende verantwoord is op [onleesbaar]~~ meen ik daarom het volgende onder Uwe aandacht te moeten brengen. Van de zijde van de Nederlandsche Akkerbouwcentrale is aan de plaatselijke organisatie van den Groothandel in Aardappelen... Het document is een kladversie van een ambtelijke brief. De talrijke doorhalingen en toevoegingen tussen de regels tonen aan dat de schrijver zorgvuldig zocht naar de juiste formulering om een punt van zorg over te brengen zonder de Regeringscommissaris direct af te vallen.
De kern van de brief is een waarschuwing: hoewel de officiële lijn is dat de groente-voorraden in Nederland groot genoeg zijn om algemene rantsoenering (distributie) te voorkomen, maakt de schrijver zich grote zorgen over de logistiek. Specifiek wordt de "stagnatie in den aanvoer bij vorst" genoemd. Men is bang dat Amsterdam zonder verse groenten komt te zitten als het transport door kou wordt platgelegd, ondanks de private voorraden van de groothandel. De schrijver pleit indirect voor een meer proactieve houding van de overheid ("stapelgroente") om crisissituaties in de winter te voorkomen. De brief moet geplaatst worden in de context van de vroege bezettingsjaren in Nederland (ca. 1940-1941). De termen "Regeringscommissaris voor de Groente- en Fruitteelt" en de "Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening" (CDL) duiden op de bureaucratie die tijdens de mobilisatie en bezetting werd opgetuigd om de schaarste te beheersen.
In deze periode was de voedselvoorziening een cruciaal politiek instrument. Amsterdam, als grote stad, was extra kwetsbaar voor haperingen in de aanvoerlijnen vanuit het platteland. De "Nederlandsche Akkerbouwcentrale" was een van de crisisinstellingen die toezagen op de productie en distributie van landbouwproducten. De discussie over "stapelgroenten" (houdbare groenten zoals kolen, wortelen en uien) was essentieel om de winter door te komen wanneer het transport over water vaak bevroor.