Ambtelijke mededeling / intern memorandum.
Origineel
Ambtelijke mededeling / intern memorandum. Met betrekking tot voorraadvorming van stapelgroente
deelt de tweede ondergeteekende mede, dat hij reeds onlangs en
ook nog gisteren deze aangelegenheid met vertegenwoordigers van
den groothandel besprak. De bedoelde vertegenwoordigers hebben
verklaard, dat de handel in zijn eigen belang ongetwijfeld met
de mogelijkheid van stagnatie in den aanvoer bij vorst rekening
houdt, zoodat altijd wel een voorraad stapelgroente voor enkele
weken in Amsterdam aanwezig zal zijn. Verdere bijzondere [met handmatige correctie op de laatste letters]
stappen lijken dan ook voorshands niet noodig.
De Directeur van den Centralen Dienst voor
de Levensmiddelenvoorziening,
De Directeur van het Marktwezen, * Inhoud: Het document betreft een geruststellende mededeling van de Directeur van het Marktwezen (de "tweede ondergeteekende") aan zijn collega van de Voedselvoorziening. Na overleg met de groothandel wordt geconcludeerd dat er voldoende voorraad "stapelgroente" (houdbare groenten zoals aardappelen, kool en wortelen) in Amsterdam is om een periode van vorst te overbruggen. Vorst vormde een risico omdat het transport over water kon blokkeren.
* Vorm: De tekst is getypt op een doorslagvel of officieel briefpapier zonder briefhoofd. Er is een handmatige correctie zichtbaar in het woord "bijzondere" aan het einde van de eerste alinea, waarbij een typefout is doorgehaald en de juiste letter erboven is geplaatst.
* Taalgebruik: Het gebruik van de buigings-n ("den groothandel", "den aanvoer") en de dubbele klinker in "noodig" en "ondergeteekende" wijst op de spelling-De Vries en Te Winkel, die in ambtelijke stukken tot na de Tweede Wereldoorlog gebruikelijk bleef. Dit document moet geplaatst worden in de context van de gemeentelijke zorg voor de voedselzekerheid in Amsterdam. De Centrale Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening speelde een cruciale rol in tijden van crisis, zoals de economische depressie in de jaren '30 of de mobilisatie- en bezettingsjaren (1939-1945). De overheid hield nauwlettend toezicht op de private sector (de groothandel) om te voorkomen dat de stad zonder voedsel zou komen te zitten bij ongunstige weersomstandigheden of logistieke problemen. Het feit dat de groothandel "in zijn eigen belang" handelt, duidt op een marktwerking waar de overheid op dat moment op vertrouwde zonder direct in te hoeven grijpen.