Administratieve tabel (grootboekblad) met visserijstatistieken.
Origineel
Administratieve tabel (grootboekblad) met visserijstatistieken. Het document beslaat het kalenderjaar 1940. Vanwege de enorme hoeveelheid numerieke data volgt hier de transcriptie van de koppen, de rijnamen (vissoorten) en de totalen.
Koptekst:
Overzicht van de in den Afslag verkochte visch + de bruto-opbrengst.
Kolomkoppen (horizontaal):
1940 | Januari | Februari | Maart | April | Mei | Juni | Juli | Augustus | September | October | November | December | Totaal
(Per maand onderverdeeld in: H.G. | Bruto-opbrengst)
Rijnamen (vissoorten verticaal):
1. Aal en paling
2. Baars
3. Bot
4. Elft
5. Garnalen
6. Grep (stok: 3.33 kg)
7. Griet
8. Heilbot
9. Kabeljauw
10. Koolvisch
11. Leng
12. Makreel
13. Poon
14. Rog
15. Schar
16. Schelvisch
17. Schol
18. Snoek
19. Spiering
20. Tarbot
21. Tong
22. Tongscharre
23. Wijting
24. Walvis (gecorrigeerd/doorgestreept)
25. Zeewolf
26. Overige vischsoorten
27. Versche haring
28. Bokking (hangen)
29. Kruitharing
30. Lever
31. Haring (kaken)
32. (diverse handgeschreven toevoegingen onderaan, o.a. 'Groot' en 'Klein')
Totalen (onderste rij):
De totalen per maand fluctueren sterk, met een jaartotaal rechtsonder vermeld als: 476131 1/2 H.G. en een totale bruto-opbrengst die boven de 100.000 gulden uitstijgt (sommatie van de maandtotalen). * Administratieve nauwkeurigheid: Het document vertoont tekenen van een actieve boekhouding. De rode aantekeningen en vinkjes wijzen op een audit of controlefase door een archivaris of boekhouder.
* Seizoenspatronen: De data laten duidelijk de seizoensgebondenheid van de visserij zien. Bijvoorbeeld: 'Aal en paling' piekt in de vroege zomer (juni), terwijl de haringvangst geconcentreerd is in het najaar.
* Terminologie: Het gebruik van "H.G." (hectogram) als standaardmaatstaf is typerend voor de Nederlandse visserij-administratie van die tijd. Eén H.G. staat gelijk aan 100 gram; de getallen in de tabel moeten dus door 10 gedeeld worden voor het aantal kilo's.
* Status: Het document is een primaire bron voor economische geschiedschrijving van de visserijsector aan het begin van de Tweede Wereldoorlog. * Historische periode: 1940 is een kanteljaar in de Nederlandse geschiedenis. Ondanks de Duitse inval in mei 1940, lijkt de visserij-administratie in deze tabel zonder grote hiaten te zijn voortgezet, wat duidt op de continuïteit van de voedselvoorziening tijdens de eerste maanden van de bezetting.
* Locatie: Hoewel een specifieke haven niet wordt genoemd, wijst de variëteit aan vissoorten (zowel zoutwatervis zoals kabeljauw en schol als zoetwatervis zoals baars en snoek) op een locatie met toegang tot zowel de Noordzee als de binnenwateren of het IJsselmeer (bijv. een haven als Amsterdam, Monnickendam of een Zuiderzeehaven die nog profiteerde van de overgangssituatie na de afsluiting van de Afsluitdijk).
* Economisch belang: De "Afslag" was de centrale plek waar prijzen werden bepaald door middel van veiling. Dit overzicht diende waarschijnlijk voor het berekenen van havengelden, belastingen of de verdeling van de opbrengst onder de visserscoöperaties.