Concept-brief/rapportage (handgeschreven).
Origineel
Concept-brief/rapportage (handgeschreven). 13 februari 1939. [Links boven:]
Concept
MNr. 20/5/2
Irregelmatigheden bij het
bezetten van marktplaatsen
[Midden boven in rood potlood:]
15 doorgez[onden]
20/5/2
[Rechts boven:]
A’dam, 13 Februari 1939.
W.e.M.
28/2 '39 [stempel/paraaf]
Onder terugzending van den met Uw missive d.d. 20 Januari jl. (No. 89 Hulp 1939) om advies ontvangen brief van Uw Ambtgenoot voor de Arbeidszaken d.d. 10 Januari jl. (No. 19/3 A.V.) heb ik de eer U te berichten, dat ik naar de in laatstgenoemden brief vermelde feiten, waaromtrent ik had verzocht op de hoogte te worden gesteld, een nauwkeurig onderzoek deed instellen. Daarbij is het navolgende gebleken:
I Geval B.M. Ledegang:
Ledegang voornoemd liet zich op 19 October 1932 inschrijven op de sollicitantenlijst voor de markt Lindengracht. Hiermede gaf hij te kennen, dat hij als gegadigde voor een vaste plaats op de bedoelde markt wenschte te worden aangemerkt. De inschrijving beteekende echter geenszins, dat hem ook een plaats op de markt werd verleend; dit zou eerst het geval zijn, wanneer alle ~~be-~~ personen, die zich eerder dan Ledegang lieten inschrijven in de gelegenheid waren gesteld om een vaste plaats te aanvaarden, aangezien de toewijzing der plaatsen ~~in de~~ in de volgorde van inschrijving op de sollicitantenlijst geschiedt.
Tot dat bij Besluit van B. en W. d.d. 24 Juli 1936 (No. 330 Hulp 1936) het Reglement op de Markten o.a. ook met nadere bepalingen hieromtrent werd aangevuld, was de gang van zaken na de inschrijving aldus, dat de sollicitanten ~~na de inschrijving~~ niets anders hadden te doen dan te wachten, totdat een ~~vaste~~ marktplaats ~~vrij~~ vrij kwam, waarvoor zij ~~dan~~ naar de anciënniteit der inschrijving in aanmerking kwamen. Sedert bovengenoemde wijziging, waarbij de "voorkeurskaarten" werden ingevoerd (art. 8 van het Reglement), worden degenen, die het langste op de sollicitantenlijst zijn ingeschreven, verplicht om de markt regelmatig te bezoeken, [Invoeging linkerkantlijn:] door daar een losse plaats te bezetten; doen zij dat niet, dan vervalt hun inschrijving als sollicitant. Deze maatregel heeft ten gevolge gehad, dat de gegadigden tegenwoordig, in het bijzonder voor markten waar veel meer sollicitanten dan beschikbare plaatsen zijn...
--- Dit document is een ambtelijk verslag over een onderzoek naar mogelijke onregelmatigheden bij de toewijzing van marktplaatsen in Amsterdam. Het focust op de casus van de heer B.M. Ledegang, die sinds 1932 op de wachtlijst stond voor de markt aan de Lindengracht.
De kern van de rapportage is de uitleg van de veranderde regelgeving:
1. Vóór 1936: Men hoefde zich alleen in te schrijven op een sollicitantenlijst en te wachten op basis van anciënniteit.
2. Na het besluit van 24 juli 1936: De introductie van "voorkeurskaarten" stelde strengere eisen. Sollicitanten moesten sindsdien de markt regelmatig bezoeken en daar als "losse" koopman staan om hun recht op een toekomstige vaste plaats te behouden.
De tekst suggereert dat er onduidelijkheid of een klacht was over waarom Ledegang nog geen vaste plaats had, of dat zijn inschrijving mogelijk was komen te vervallen door de nieuwe regels.
--- De Lindengrachtmarkt in de Jordaan was (en is) een van de belangrijkste markten van Amsterdam. In de jaren '30, een periode van economische crisis, was de druk op de marktplaatsen groot. Veel werklozen probeerden als marktkoopman een inkomen te genereren.
De wijziging in het Reglement op de Markten in 1936 was bedoeld om de "slapende" wachtlijsten op te schonen. Door van sollicitanten te eisen dat zij de markt daadwerkelijk fysiek bezochten (door "losse plaatsen" te bezetten), werd gewaarborgd dat alleen actieve handelaren in aanmerking kwamen voor de schaarse vaste plekken. Dit document illustreert de bureaucratische afhandeling van individuele gevallen die ontstonden door deze overgang naar strengere marktregulering aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog.