Krantenknipsel (fragment).
Origineel
Krantenknipsel (fragment). Onbekend, maar op basis van de spelling (bijv. 'eenige', 'oogenschouw', 'landsche') te dateren in de eerste helft van de 20e eeuw (vóór 1947). [fragment bovenkant: lijk uit]
van het Boven-Rijngebied, waarvan veel voor-
beelden werden gegeven.
In de pauze hadden de aanwezigen gelegen-
heid, eenige der hier te lande aanwezige
kunstwerken in oogenschouw te nemen, welke
in de tentoonstellingszaal van het K.O.G.
waren opgesteld. Daaronder bevonden zich
ook enkele stukken, die door het Aarts-
bisschoppelijk Museum te Utrecht en door
het Bisschoppelijk Museum te Haarlem voor
dezen avond welwillend in bruikleen waren
afgestaan.
Na de pauze gaf spr. nog een reeks beeld-
houwwerken te zien van andere Noord-Neder-
landsche meesters, die om hun uitnemende
qualiteit zijn aandacht hadden getrokken, o.a.
een groot reliëf, voorstellende den Kerstnacht,
hetwelk spr. veronderstellenderwijs met den
wereldberoemden Haarlemmer Claus Sluter in
verband bracht. Deze beeldhouwwerken wer-
den vooral beschouwd in verband met de tal-
rijke afbeeldingen van sculptuur, welke op
de schilderijen der Nederlandsche „primitie-
ven” voorkomen [fragment onderkant] * Inhoud: Het tekstfragment doet verslag van een avond waarbij een spreker (afgekort als 'spr.') onderzoek presenteert naar beeldhouwkunst. Er is sprake van een tijdelijke tentoonstelling in de zaal van het K.O.G. met bruiklenen uit Utrechtse en Haarlemse bisschoppelijke musea.
* Kunsthistorische focus: De spreker legt een link tussen een specifiek reliëf van de "Kerstnacht" en de beroemde beeldhouwer Claus Sluter. Daarnaast wordt de wisselwerking tussen fysieke sculptuur en de geschilderde representatie daarvan op panelen van de Nederlandse Primitieven besproken.
* Terminologie: De term „primitieven” staat tussen aanhalingstekens, wat destijds gebruikelijk was voor de vroege Nederlandse schilderkunst (15e en 16e eeuw). Dit fragment is afkomstig uit een verslag van een wetenschappelijke bijeenkomst, waarschijnlijk van het in Amsterdam gevestigde Koninklijk Oudheidkundig Genootschap. Dergelijke verslagen verschenen vaak in dagbladen of vaktijdschriften zoals het 'Oud Holland' of jaarverslagen van genootschappen. Het benadrukt de nauwe banden tussen museumcollecties en privégrootheden in het kunsthistorisch onderzoek van die tijd. De toeschrijving van werken aan Claus Sluter was (en is) een belangrijk onderwerp in de studie naar de herkomst van de realistische stijl in de Noord-Europese kunst.