Conceptbrief / Administratieve notitie.
Origineel
Conceptbrief / Administratieve notitie. 17 juli 1941 (17/7 '41). 25 / 80 / 2 17/7 '41 118
Naar aanleiding van Uw brief,
dd 4 dezer bericht ik U, dat aan
het daarin vervatte verzoek niet
kan worden voldaan, daar U,
sedert U een vaste plaats op
de markt t.l.st. is verleend
op 10 Maart jl, nog
nimmer van deze plaats
hebt gebruik gemaakt.
U dient voortaan regelmatig
d.w.z. drie dagen per
week ~~van~~ de U verleende
plaats ~~ge~~ te bezetten,
daar deze anders
ingevolge de desbetr.
bepalingen
~~[onleesbaar doorgehaald]~~
zal worden
ingetrokken.
ST [initialen] In dit document wordt een verzoek van een burger (waarschijnlijk een marktkoopman) afgewezen. De reden voor de afwijzing is dat de betrokkene de vaste marktplaats die hem op 10 maart 1941 is toegewezen, sindsdien nooit heeft gebruikt.
De autoriteit (mogelijk de marktmeester of een gemeentelijke afdeling) stelt een ultimatum: de koopman moet de plaats voortaan minstens drie dagen per week bezetten. Indien dit niet gebeurt, zal de toewijzing van de plaats worden ingetrokken op basis van de geldende reglementen. Het document bevat diverse correcties die typerend zijn voor een conceptversie (doorgestrekte woorden en aanpassingen in de zinsbouw). Het document dateert uit juli 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de controle op de distributie van goederen en de inrichting van markten zeer streng. Marktplaatsen waren schaars en essentieel voor de voedselvoorziening van de lokale bevolking.
De strikte handhaving van de aanwezigheidsplicht ("drie dagen per week") was bedoeld om te voorkomen dat schaarse marktlocaties onbenut bleven terwijl er mogelijk andere gegadigden waren of om de economische activiteit onder controle te houden. De afkorting "t.l.st." in de tekst staat waarschijnlijk voor "te laatst" of een vergelijkbare administratieve term voor de meest recente toewijzing.