Handgeschreven ambtelijke notitie/brief.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie/brief. 10 september 1941. Den Heer Inspecteur
v.h. Marktwezen
Alhier
Mij bestaat geen bezwaar, dat het verzoek van
S. Korper, pl. 333 AC betreffende asfithuisje door
diens verloofde Mej. N. Akerman, geb. 9 Febr. 20
wordt ingewilligd.
De onder no. 20/745 p. m. 41 verleende vergunning ten
name van S. Marcus dient alsdan gelijktijdig
bij eventueele inwilliging van het verzoek te
worden ingetrokken.
Amst. 10/9 - 41
[Onleesbare handtekening] De tekst is een interne ambtelijke verklaring van "geen bezwaar". De schrijver (waarschijnlijk een functionaris van het Marktwezen) geeft toestemming voor een verzoek van ene S. Korper. Korper wil dat een vergunning voor een "asfithuisje" (een huisje of kraam voor de verkoop van bijvoorbeeld asfaltproducten of, waarschijnlijker in deze context, een specifieke standplaatsaanduiding op een markt) op naam komt van zijn verloofde, mejuffrouw N. Akerman.
Er wordt expliciet vermeld dat indien dit verzoek wordt ingewilligd, een eerdere vergunning (nummer 20/745 p. m. 41) op naam van S. Marcus moet worden ingetrokken. Dit duidt op een overdracht van rechten op een specifieke marktlocatie (plaats 333 AC). Het document dateert van 10 september 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Deze datum is cruciaal voor de interpretatie. De namen Korper, Akerman en Marcus zijn veelvoorkomende namen binnen de Joodse gemeenschap van Amsterdam.
In 1941 voerde de bezetter steeds strengere anti-Joodse maatregelen in, ook op de Amsterdamse markten. Vanaf september 1941 werden Joodse marktkooplieden verbannen van de reguliere markten en gedwongen zich te vestigen op speciaal aangewezen "Joodse markten" (zoals het Waterlooplein, de Gaaspstraat en de Joubertstraat).
Dit document lijkt deel uit te maken van de bureaucratische afhandeling van vergunningen in deze turbulente periode. Het overschrijven van een vergunning op naam van een verloofde kan een poging zijn geweest om bedrijfsactiviteiten veilig te stellen of aan te passen aan de nieuwe, beperkende regelgeving die door het Marktwezen onder toezicht van de bezetter werd uitgevoerd. De intrekking van de vergunning van S. Marcus suggereert een verschuiving in wie er op die specifieke plek mocht staan. N. Akerman S. Korper S. Marcus Marktwezen