Archief 745
Inventaris 745-350
Pagina 265
Dossier 24
Jaar 1941
Stadsarchief

Handgeschreven brief/notitie

26 oktober 1941 Van: A. Fennema Aan: "Mijne Heeren" (waarschijnlijk de marktmeester of een gemeentelijke instantie)

Origineel

Handgeschreven brief/notitie 26 oktober 1941 A. Fennema "Mijne Heeren" (waarschijnlijk de marktmeester of een gemeentelijke instantie) Amsterdam 26-10-41
№ 25/141/1 M. 1941 29/10

Mijne Heeren

Door tijdsomstandigheden bent ik genootzaakt,
mij plaats voor (perc 97 Albert Cuystr optegeven
plaats № 97
Hierbij sluit ik hem tevens in, en verblijf
Hoogachting.

(A. Fennema In dit schrijven geeft A. Fennema aan genoodzaakt te zijn om zijn of haar staanplaats op de markt op te geven. Het betreft plaats nummer 97 aan de Albert Cuypstraat ("Albert Cuystr") in Amsterdam. De schrijver gebruikt de term "tijdsomstandigheden" als reden voor deze beslissing. Met de zin "Hierbij sluit ik hem tevens in" wordt waarschijnlijk gedoeld op het retourneren van een bewijs van vergunning of een marktpasje.

Taalkundig valt op dat de schrijver "bent ik" gebruikt in plaats van "ben ik", en "genootzaakt" in plaats van "genoodzaakt", wat duidt op een beperkte formele scholing of haast bij het schrijven. De brief is gedateerd op 26 oktober 1941, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De term "tijdsomstandigheden" werd in deze periode vaak als eufemisme gebruikt voor de moeilijke economische of politieke situatie, waaronder de toenemende beperkingen voor burgers.

De Albert Cuypmarkt was en is een centrale plek voor handel in Amsterdam. In 1941 vonden er ingrijpende veranderingen plaats op de markten; zo werden Joodse marktkooplieden vanaf september 1941 gedwongen hun nering te staken of te verplaatsen naar specifieke "Joodse markten". Of A. Fennema direct door dergelijke maatregelen werd getroffen is uit dit document niet direct op te maken, maar de administratieve stempels (met de datum 29/10, waarschijnlijk de datum van verwerking) tonen aan dat dit een formeel onderdeel was van de marktadministratie in oorlogstijd. A. Fennema

Samenvatting

In dit schrijven geeft A. Fennema aan genoodzaakt te zijn om zijn of haar staanplaats op de markt op te geven. Het betreft plaats nummer 97 aan de Albert Cuypstraat ("Albert Cuystr") in Amsterdam. De schrijver gebruikt de term "tijdsomstandigheden" als reden voor deze beslissing. Met de zin "Hierbij sluit ik hem tevens in" wordt waarschijnlijk gedoeld op het retourneren van een bewijs van vergunning of een marktpasje.

Taalkundig valt op dat de schrijver "bent ik" gebruikt in plaats van "ben ik", en "genootzaakt" in plaats van "genoodzaakt", wat duidt op een beperkte formele scholing of haast bij het schrijven.

Historische Context

De brief is gedateerd op 26 oktober 1941, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De term "tijdsomstandigheden" werd in deze periode vaak als eufemisme gebruikt voor de moeilijke economische of politieke situatie, waaronder de toenemende beperkingen voor burgers.

De Albert Cuypmarkt was en is een centrale plek voor handel in Amsterdam. In 1941 vonden er ingrijpende veranderingen plaats op de markten; zo werden Joodse marktkooplieden vanaf september 1941 gedwongen hun nering te staken of te verplaatsen naar specifieke "Joodse markten". Of A. Fennema direct door dergelijke maatregelen werd getroffen is uit dit document niet direct op te maken, maar de administratieve stempels (met de datum 29/10, waarschijnlijk de datum van verwerking) tonen aan dat dit een formeel onderdeel was van de marktadministratie in oorlogstijd.

Genoemde Personen 1

Locaties

Albert Cuypmarkt

Producten

Kruidenier (Droog): Meel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 6