Officiële brief/correspondentie
Origineel
Officiële brief/correspondentie 22 Maart 1941 De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten of een vergelijkbare gemeentelijke instantie in Amsterdam) Den Heer J.C. Soederhuysen, Bilderdijkkade 83 hs, Amsterdam-West 27/19/2 M.
Extra (handgeschreven in potlood)
HG.
22 Maart 1941.
den Heer J.C. Soederhuysen,
Bilderdijkkade 83 hs,
Amsterdam-West.
Wijk 12.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 1 Maart jl.
verleen ik U hierby tot wederopzegging toestemming zich op Uw
plaats op de markt(en) Ten Katestraat
te laten bystaan - niet vervangen - door Uw zoon F.J. Soederhuysen,
geboren 26 Maart 1912.
De Directeur, Deze brief is een formeel besluit van een gemeentelijke directeur aan een markthandelaar, de heer J.C. Soederhuysen. Het document bevestigt dat de heer Soederhuysen toestemming heeft gekregen om zich op zijn marktplaats aan de Ten Katestraat te laten bijstaan door zijn zoon, F.J. Soederhuysen.
Belangrijke details in de tekst zijn:
* Beperking: Er wordt expliciet benadrukt dat het gaat om "bijstaan" en uitdrukkelijk "niet vervangen". Dit wijst op een streng toezicht op de persoonlijke uitoefening van het marktrecht.
* Geldigheid: De toestemming is verleend "tot wederopzegging", wat betekent dat de overheid het recht behoudt om dit besluit op elk moment te herroepen.
* Identificatie: Van de zoon wordt de geboortedatum (26 Maart 1912) vermeld, wat essentieel was voor de administratieve controle door de marktplasmeesters of politie.
* Locatie: De markt in de Ten Katestraat is een bekende dagmarkt in Amsterdam-Oud-West, vlakbij het woonadres van de ontvanger op de Bilderdijkkade. De brief dateert van 22 maart 1941, ruim tien maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode werd de bureaucratie steeds dwingender.
De marktsector stond onder streng toezicht. Voor elke wijziging in de bezetting van een marktkraam was officiële goedkeuring nodig. Deze specifieke brief valt in een roerige tijd in Amsterdam; slechts een maand eerder, in februari 1941, had de Februaristaking plaatsgevonden als protest tegen de Jodenvervolging. Hoewel de brief zelf een routineuze administratieve handeling lijkt, toont het de mate van controle die de autoriteiten uitoefenden op het dagelijks economisch leven van de burgers. Het vermelden van exacte persoonsgegevens en de nadruk op 'bijstaan versus vervangen' is typerend voor de ordelijke, maar strikte administratie uit die tijd. F.J. Soederhuysen J.C. Soederhuysen M. Politie