Administratief memorandum of registratieformulier (waarschijnlijk van de Amsterdamse Marktdienst of Politie).
Origineel
Administratief memorandum of registratieformulier (waarschijnlijk van de Amsterdamse Marktdienst of Politie). 19 juli 1939 (datumstempel). (In rode inkt:)
Losseplhouders Ten Katestraat
Buitenlanders.
(In zwarte inkt/potlood:)
I
Erich Süsswein
Ingeschreven
sedert 21-3-1928
geb: 11-4 1906 te Aplerbeck
Deutschland
wonende Holendrechtstraat 17 II
ongehuwd. Amsterdam
voorheen agenturen
(Horizontale scheidingslijn)
II Mison Eskinasie
geb. 21-10 1884 te Stamboel.
wonende Weesperplein 13 I
Amsterdam.
Hr. Vrij
Hoe lang komen deze personen
reeds op de markt?
Sinds 4 weken.
(Stempel:) 19 JULI 1939
(Paraaf/handtekening) Het document is een ambtelijke notitie betreffende twee marktkooplieden die als "losseplaatshouder" (iemand zonder vaste standplaats die per dag een plek toegewezen krijgt) werkzaam zijn op de Ten Katemarkt in Amsterdam-West.
- Erich Süsswein: Een Duitse man, geboren in 1906 in Aplerbeck. Opvallend is dat hij al sinds 1928 in Nederland ingeschreven staat, ruim voor de grote vluchtelingenstroom van de jaren '30. Zijn beroep wordt omschreven als "voorheen agenturen" (handelsagent).
- Mison Eskinasie: Een man geboren in "Stamboel" (Istanbul) in 1884. Gezien zijn naam en geboorteplaats betreft dit waarschijnlijk een persoon van Sefardisch-Joodse afkomst.
De vraag onderaan, gericht aan of afkomstig van een zekere "Hr. Vrij", informeert naar de duur van hun aanwezigheid op de markt. Het antwoord "Sinds 4 weken" duidt op een recente start van hun handelsactiviteiten op deze specifieke locatie. Dit document is gedateerd op 19 juli 1939, minder dan twee maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er in Nederland een streng toezicht op buitenlanders, in het bijzonder op Joodse vluchtelingen uit nazi-Duitsland (zoals Erich Süsswein).
De autoriteiten probeerden de economische activiteiten van vluchtelingen te monitoren en vaak te beperken om "oneerlijke concurrentie" met de Nederlandse middenstand te voorkomen. Uit externe bronnen (zoals het Digitaal Monument Joodse Gemeenschap) is bekend dat Erich Süsswein inderdaad een Joodse vluchteling was die de oorlog niet heeft overleefd; hij woonde ten tijde van zijn deportatie nog steeds op het in dit document genoemde adres in de Holendrechtstraat. De "Hr. Vrij" in de tekst verwijst vermoedelijk naar de toenmalige marktmeester of een inspecteur van de Amsterdamse Marktdienst.