Archief 745
Inventaris 745-353
Pagina 271
Dossier 37
Jaar 1941
Stadsarchief

Administratieve notitie/voorblad (Model Algemene Zaken No. 14).

Origineel

Administratieve notitie/voorblad (Model Algemene Zaken No. 14). [Kader linksboven]
BIJBLAD VAN:
M. No. 66/16/1 1940
DOORGEZONDEN: w/v [initialen]

[Midden boven, handgeschreven]
Verzoek van Gecomb. Tuinbouw-
organisaties afwijzen.
Zie rapport controleur v. Leeuwen
van 17 aug 1940

[Datumstempel in blauw/paars]
20 AUG. 1940

[Linksonder, in rode cirkel]
Hr. Müller
Is hier geen analogie met de
vrijstelling van de andere
tuinders, die gemobiliseerd waren.
De vraag, wat zij met de producten deden,
werd daarbij niet in aanmerking genomen.
9/9 '40 Whan [handtekening]

[Rechtsonder, deels doorgehaald]
~~Secr~~
~~Verzoek afwijzen op grond~~
~~rapport controleur Leeuwen.~~
~~WH [initialen]~~

Hr. Boerse
Zijn wederom presentielijsten noodig?
Zoo ja, in welken (vereenvoudigden) vorm?
5-9-40 Whan [handtekening]

[Voetnoot linksonder]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document illustreert de ambtelijke besluitvorming kort na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Centraal staat een verzoek van tuinbouworganisaties. In eerste instantie wordt geadviseerd dit verzoek af te wijzen op basis van een rapport van controleur Van Leeuwen.

Vervolgens ontstaat er intern discussie. Een ambtenaar (mogelijk 'Whan') wijst de heer Müller op een precedent: andere tuinders die gemobiliseerd waren (tijdens de meidagen van 1940 of daarvoor) kregen wel vrijstellingen, waarbij de bestemming van hun producten niet relevant werd geacht. Dit suggereert een pleidooi voor gelijke behandeling.

Tegelijkertijd wordt aan de heer Boerse gevraagd naar de noodzaak van 'presentielijsten' en of deze vereenvoudigd kunnen worden, wat duidt op een behoefte aan administratieve efficiëntie of een reactie op nieuwe regelgeving onder de bezetter. De doorgehaalde tekst aan de rechterkant laat zien dat het oorspronkelijke besluit tot afwijzing werd heroverwogen. In de zomer van 1940 bevond de Nederlandse overheid zich in een overgangsfase. Terwijl de bezetting een feit was, draaide de bestaande bureaucratie (zoals de afdeling Algemene Zaken) door, maar moest zij zich aanpassen aan de nieuwe realiteit. De tuinbouw was een cruciale sector voor de voedselvoorziening. Verzoeken om vrijstellingen waren waarschijnlijk gerelateerd aan de inzet van arbeidskrachten of het beheer van schaarse middelen. De verwijzing naar de mobilisatie herinnert aan de recente militaire strijd en de impact daarvan op de civiele bevolking en beroepsgroepen.

Samenvatting

Dit document illustreert de ambtelijke besluitvorming kort na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Centraal staat een verzoek van tuinbouworganisaties. In eerste instantie wordt geadviseerd dit verzoek af te wijzen op basis van een rapport van controleur Van Leeuwen.

Vervolgens ontstaat er intern discussie. Een ambtenaar (mogelijk 'Whan') wijst de heer Müller op een precedent: andere tuinders die gemobiliseerd waren (tijdens de meidagen van 1940 of daarvoor) kregen wel vrijstellingen, waarbij de bestemming van hun producten niet relevant werd geacht. Dit suggereert een pleidooi voor gelijke behandeling.

Tegelijkertijd wordt aan de heer Boerse gevraagd naar de noodzaak van 'presentielijsten' en of deze vereenvoudigd kunnen worden, wat duidt op een behoefte aan administratieve efficiëntie of een reactie op nieuwe regelgeving onder de bezetter. De doorgehaalde tekst aan de rechterkant laat zien dat het oorspronkelijke besluit tot afwijzing werd heroverwogen.

Historische Context

In de zomer van 1940 bevond de Nederlandse overheid zich in een overgangsfase. Terwijl de bezetting een feit was, draaide de bestaande bureaucratie (zoals de afdeling Algemene Zaken) door, maar moest zij zich aanpassen aan de nieuwe realiteit. De tuinbouw was een cruciale sector voor de voedselvoorziening. Verzoeken om vrijstellingen waren waarschijnlijk gerelateerd aan de inzet van arbeidskrachten of het beheer van schaarse middelen. De verwijzing naar de mobilisatie herinnert aan de recente militaire strijd en de impact daarvan op de civiele bevolking en beroepsgroepen.

Kooplieden in dit dossier 5

P.J. de Meer ja 20/7 '40 f 59.-
J.A. Burgers ja per 26/11 40 f 57=
J. Brockhoff ja geen schuld
N.A. Steenvoorden ja f 90.-

Gerelateerde Documenten 6