Officiële brief/besluit van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Officiële brief/besluit van de Gemeente Amsterdam. 20 februari 1940. Wethouder voor de Levensmiddelen e.a., namens Burgemeester en Wethouders. GEMEENTE AMSTERDAM
AFD. L.M.
No. 600 -1939-
AMSTERDAM, 20 Februari 1940.
[Groot paars stempel:] Nº 64 / 4 / 2 M. 1940 20/2
MEN WORDT VERZOCHT BIJ HET ANTWOORD NAUWKEURIG HET NUMMER EN DE AFDEELING VAN DIT SCHRIJVEN TE VERMELDEN.
In antwoord op Uw desbetreffend verzoek deel ik U mede, dat Burgemeester en Wethouders in hun vergadering van 16 dezer hebben besloten U op gronden van billijkheid kwijtschelding van marktgeld te verleenen tot een bedrag van f 15.-.
vm
De Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen,
(get.) F. VAN MEURS [paars stempel van handtekening]
[Handgeschreven aantekeningen links:]
Memorial 1940
Post 28 f 15.-
Tuinder met 66-klemmen [of: klemmen / kleinen]
[Handgeschreven aantekeningen rechts, gedeeltelijk rood omkaderd:]
Deze restitutie berust blijkbaar op de overweging, dat de tuinder Burgers 2 maanden in militairen dienst is geweest.
W Haas [handtekening]
Ja. Destijds door Mej. Reitsma zoo met mij besproken. 23-2-'40 [paraaf]
afboeken van Reserve deel Bel.
Aan den heer J.A. Burgers,
Osdorperweg 785 hs.,
AMSTERDAM.
Postadr. Halfweg.
Model G.A. 5
25.000-1-'39 Dit document betreft een formeel besluit van het college van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam om een burger tegemoet te komen in zijn marktkosten. De heer J.A. Burgers, een tuinder uit het toenmalige landelijke Osdorp, krijgt een kwijtschelding (restitutie) van 15 gulden.
De handgeschreven kanttekeningen geven een inkijkje in de administratieve afhandeling en de motivatie:
1. Reden: De belangrijkste toevoeging (in het rode kader) onthult dat de kwijtschelding werd verleend omdat de tuinder twee maanden lang in militaire dienst was opgeroepen.
2. Besluitvorming: De beslissing lijkt te zijn voorbereid door een ambtenaar genaamd Mej. Reitsma en is geaccordeerd door W. Haas.
3. Boekhouding: De post is administratief verwerkt in het 'Memorial 1940' en afgeboekt van een 'Reserve deel'. Het document is gedateerd op 20 februari 1940, slechts enkele maanden voor de Duitse inval in Nederland. De Nederlandse krijgsmacht was op dat moment volledig gemobiliseerd. Voor kleine zelfstandigen, zoals tuinders die hun waar op de markt verkochten, betekende een oproep voor militaire dienst vaak een acuut verlies van inkomsten.
De gemeente Amsterdam hanteerde in deze periode blijkbaar een beleid van 'billijkheid' om dergelijke economische schade voor gemobiliseerde burgers te beperken door belastingen of leges (zoals marktgeld) kwijt te schelden. De ondertekenaar, Frits van Meurs, was een invloedrijke SDAP-wethouder die gedurende de mobilisatieperiode een centrale rol speelde in de sociale en logistieke organisatie van de stad.