Brief (Doorslag/Kopie)
Origineel
Brief (Doorslag/Kopie) 4 maart 1941 De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt te Amsterdam) Den Heer J. Postma, Muiderstraatweg 69a, Diemen [Linkerbovenhoek, handgeschreven:]
Genoteerd op
lijst 1940
G.
[Midden boven, getypt:]
M/HG.
[Linksboven, getypt:]
37/4/19 M.
[Rechterbovenhoek, handgeschreven naam:]
W. Müller
[Rechterbovenhoek, stempel:]
(onleesbaar rond stempeltje)
4 Maart 1941.
den Heer J. Postma,
Muiderstraatweg 69a,
D i e m e n .
Naar aanleiding van Uw verzoek om ontheffing van het betalen van plaatsgeld voor het bezetten van een tuindersplaats op de Centrale Markt en de door U ter zake dezer ontheffing geteekende verklaring bericht ik U hiermede, dat Burgemeester en Wethouders hebben goedgevonden, dat aan U op grond van het feit, dat Uw tuin geïnundeerd is geweest en U daardoor Uw plaats op de Centrale Markt niet heeft kunnen bezetten ontheffing van plaatsgeld wordt verleend over 4 maanden van het jaar 1940 ten bedrage van .............................. f 30,-
Bovendien hebben Burgemeester en Wethouders bepaald, dat aan U restitutie van entréegeld kan worden verleend over 4 maanden van het jaar 1940 ten bedrage van .............................. " 3,33
---------
Restitutie en ontheffing totaal ................... f 33,33
=========
Uw schuld bedroeg op 1 Januari 1941 f 90,-, zoodat U thans over 1940 nog verschuldigd is f 56,67.
De Directeur, * Inhoud: De brief informeert de heer Postma dat zijn verzoek om ontheffing van marktgeld is toegewezen door het college van Burgemeester en Wethouders. De reden hiervoor is dat zijn tuin in 1940 "geïnundeerd" (onder water gezet) is geweest, waardoor hij geen gebruik kon maken van zijn vaste plek op de Centrale Markt. Er wordt een bedrag van 30 gulden aan plaatsgeld en 3,33 gulden aan entréegeld in mindering gebracht op zijn openstaande schuld van 90 gulden.
* Taalgebruik: Het document is opgesteld in een formele, ambtelijke stijl, kenmerkend voor correspondentie van overheidsinstellingen uit die tijd. De spelling "geteekende" en "entréegeld" is conform de toen geldende spelling.
* Bijzonderheden: De handgeschreven notitie linksboven lijkt te verwijzen naar een administratieve lijst voor slachtoffers van de inundaties. De naam "W. Müller" rechtsboven is mogelijk een paraaf van de behandelend ambtenaar. Dit document stamt uit de vroege oorlogsjaren in Nederland. De genoemde "inundatie" in 1940 verwijst naar de strategische onderwaterzettingen die het Nederlandse leger uitvoerde tijdens de Duitse inval in mei 1940 (onderdeel van de Hollandse Waterlinie en de stelling van Amsterdam). Veel tuinders en boeren in de omgeving van Amsterdam (zoals in Diemen) werden hierdoor zwaar getroffen omdat hun land onbruikbaar werd. De brief toont de administratieve afhandeling van de financiële gevolgen voor deze gedupeerden door de gemeente Amsterdam, die eigenaar was van de Centrale Markt. Het feit dat de afhandeling pas in maart 1941 plaatsvindt, duidt op de bureaucratische processen die gepaard gingen met de schadeafwikkeling na de meidagen.