Begeleidende brief bij een huurcontract.
Origineel
Begeleidende brief bij een huurcontract. 14 februari 1941. Directie van het Marktwezen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam-West. Den Heer N. den Rooyen, Centrale Markt D 9, Amsterdam-West. (Handgeschreven: Verzonden 14/2-'41-)
DIRECTIE VAN HET MARKTWEZEN.
No. 37/7/4 M.
Amsterdam-West, 14 Februari 1941.
Jan van Galenstraat 14.
Aan den Heer N.den Rooyen,
Centrale Markt D 9,
Amsterdam-West.
In bijlage dezes heb ik de eer U het geregistreerde huurcontract betreffende een door U gehuurde pakhuisafdeeling op de Centrale Markt te doen toekomen.
Ik verzoek U beleefd rekening te houden met het feit, dat, ingevolge het bepaalde in artikel 1619 van het Burgerlijk Wetboek reparatiën, zooals van rolluiken, ruiten, sloten, enz., voor Uw rekening zijn.
Tevens breng ik, voor zoo ver noodig, in herinnering, dat artikel 8 van het contract verbiedt om reclamemiddelen of aankondigingen te Uwen behoeven of ten behoeve van derden aan of op het gehuurde aan te brengen, zonder mijn schriftelijke toestemming. U gelieve zich in alle gevallen, waarin U tot het aanbrengen van eenig bord of andere aanduiding wenscht over te gaan, vóóraf met mij te verstaan.
De Directeur, Deze zakelijke brief van de Directie van het Marktwezen is gericht aan de heer N. den Rooyen, een huurder van een pakhuisruimte op de Centrale Markt in Amsterdam. De kern van het schrijven is de officiële toezending van het huurcontract.
De directeur benut de gelegenheid om de huurder expliciet te wijzen op twee specifieke contractuele en wettelijke plichten:
1. Onderhoud: Kleine herstellingen aan het pand (zoals het vervangen van ruiten of repareren van sloten) vallen onder de verantwoordelijkheid en kosten van de huurder, conform artikel 1619 van het toenmalige Burgerlijk Wetboek.
2. Uitingen: Het is verboden om zonder schriftelijke toestemming reclameborden of andere aanduidingen op het gehuurde pand te plaatsen. De brief is geschreven op 14 februari 1941, ruim negen maanden na de start van de Duitse bezetting van Nederland. De Centrale Markthallen in Amsterdam-West (tegenwoordig het Food Center Amsterdam) vormden destijds het logistieke hart van de voedseldistributie in de stad.
Het document illustreert hoe het dagelijks bestuur en de bureaucratie van de gemeente Amsterdam bleven functioneren onder de bezetting. Reguliere zaken zoals pakhuisverhuur en het handhaven van marktreglementen werden volgens vaste administratieve procedures afgehandeld. De verwijzing naar het Burgerlijk Wetboek toont aan dat het civielrechtelijke kader voor huur en verhuur ongewijzigd van kracht bleef voor dit soort commerciële transacties. M. Gemeente Amsterdam Marktwezen