Archief 745
Inventaris 745-356
Pagina 26
Dossier 106
Jaar 1941
Stadsarchief

Overeenkomst / Contract (Bijlage I bij een besluit van B&W).

6 december 1940.

Origineel

Overeenkomst / Contract (Bijlage I bij een besluit van B&W). 6 december 1940. Handgeschreven tekst rechtsboven:
Contract. Vatgroente

Bijlage I

Behoort bij besluit van
Burgemeester en Wethouders van
6 December 1940, No. 979 L.M. 1940
de Secretaris,

(get.) J. F. FRANKEN
.l.s.

De ondergeteekenden:
De Gemeente Amsterdam ten deze vertegenwoordigd door haar
Burgemeester, hierna te noemen: Partij ter eene zijde
en
1. W.F. Dijkstra, 3. J. Wijnschenk,
2. G. Kramer, 4. H. van Bladeren,
hierna te noemen partijen ter andere zijde,
in aanmerking nemende, dat het in het belang van de voed-
selvoorziening noodig is zorg te dragen, dat in het naderende
winterseizoen een voorraad vatgroenten op de Centrale Markt te
Amsterdam aanwezig is en wordt bewaard;
zijn overeengekomen en komen hierbij overeen als volgt.

Artikel I.

Partijen ter andere zijde zullen voor eigen rekening en
risico op de Centrale Markt te Amsterdam opslaan en aldaar ge-
durende de in artikel II te noemen periode opgeslagen houden:
1.100 vaten vatgroenten, n.l. 200 vaten snijboonen,
200 vaten spercieboonen,
200 vaten andijvie en
500 vaten zuurkool.

De in het vorige lid genoemde soorten vatgroenten moeten
zijn van goede qualiteit; partijen ter andere zijde zijn verplicht
- voor zoover dit voor het behoud van een voorraad groenten
van goede qualiteit noodig is - door vervanging van opgeslagen
groenten door eenzelfde hoeveelheid nieuw-aangevoerde groenten
van dezelfde soort en qualiteit, alsmede door regelmatige ver-
zorging der opgeslagen partijen, voor het houden van den voorraad
in goeden staat zorg te dragen.

Artikel II.

De periode, gedurende welke de in artikel I omschreven
voorraden op de Centrale Markt te Amsterdam aanwezig moeten zijn,
loopt van 15 December 1940 tot en met 31 Januari 1941, met dien
verstande, dat partij ter eene zijde bevoegd is, wanneer dit naar
haar oordeel door weersomstandigheden wenschelijk wordt gemaakt,
te bepalen, dat de bedoelde periode zal doorloopen tot uiterlijk
15 Februari 1941.

Indien ten gevolge van weers- of andere omstandigheden, de
aanvoer naar Amsterdam van vatgroenten tijdens de in het eerste
lid genoemde periode stagnatie ondervindt, waardoor, naar het
oordeel van partij ter eene zijde, gevaar voor gebrek aan deze
groenten dreigt te ontstaan, kan zij aan partijen ter andere
zijde opdragen door haar, partij ter eene zijde te bepalen hoeveel-
heden van den voorraad te verkoopen, opdat deze, zoodoende, ter
beschikking komen van de bevolking van Amsterdam. ,

--- Dit document is een formele overeenkomst tussen het stadsbestuur van Amsterdam en vier private handelaren/ondernemers. Het doel is het garanderen van een noodvoorraad van 1.100 vaten geconserveerde groenten (in zout of zuur, zoals zuurkool) voor de Amsterdamse bevolking tijdens de winter van 1940-1941.

De belangrijkste punten uit de overeenkomst zijn:
* Risico: De private handelaren dragen het financiële risico en de kosten van de opslag.
* Kwaliteitsbewaking: De handelaren zijn verplicht de groenten in goede staat te houden, inclusief het "verversen" van de voorraad indien nodig.
* Tijdsbestek: De afspraak geldt specifiek voor de koudste maanden (december tot februari).
* Interventie: De gemeente Amsterdam behoudt zich het recht voor om in te grijpen en de verkoop van deze voorraden af te dwingen als er door bijvoorbeeld weersomstandigheden (dichtgevroren waterwegen) een tekort in de stad dreigt te ontstaan.

--- Het document dateert van december 1940, slechts zeven maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De context van de vroege bezettingsjaren is cruciaal voor het begrip van dit stuk:

  1. Voedselvoorziening: Al direct na de invasie in mei 1940 werd de distributie van goederen strakker aangetrokken. Rantsoenering was al begonnen (suiker in juni 1940, gevolgd door vele andere producten). De overheid en gemeenten probeerden hamsteren te voorkomen en de basisvoedselvoorziening te stabiliseren.
  2. Betekenis van 'Vatgroenten': In een tijd zonder grootschalige koeltechnieken of mondiale aanvoerketens waren ingelegde groenten (pekel of azijn) essentieel om de winterperiode door te komen zonder vitaminegebrek (zoals scheurbuik). Zuurkool was hierbij een van de belangrijkste bronnen van vitamine C.
  3. De Centrale Markthallen: De locatie waar de voorraad moest liggen, de Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat, was het kloppend hart van de Amsterdamse voedseldistributie.
  4. Gemeentelijk beleid: De stad Amsterdam probeerde hier proactief de regie te houden over lokale voorraden om honger of sociale onrust tijdens de eerste winter onder bezetting te voorkomen. Het contract toont de samenwerking tussen de overheid en private marktpartijen in een tijd van toenemende schaarste.

Samenvatting

Dit document is een formele overeenkomst tussen het stadsbestuur van Amsterdam en vier private handelaren/ondernemers. Het doel is het garanderen van een noodvoorraad van 1.100 vaten geconserveerde groenten (in zout of zuur, zoals zuurkool) voor de Amsterdamse bevolking tijdens de winter van 1940-1941.

De belangrijkste punten uit de overeenkomst zijn:
* Risico: De private handelaren dragen het financiële risico en de kosten van de opslag.
* Kwaliteitsbewaking: De handelaren zijn verplicht de groenten in goede staat te houden, inclusief het "verversen" van de voorraad indien nodig.
* Tijdsbestek: De afspraak geldt specifiek voor de koudste maanden (december tot februari).
* Interventie: De gemeente Amsterdam behoudt zich het recht voor om in te grijpen en de verkoop van deze voorraden af te dwingen als er door bijvoorbeeld weersomstandigheden (dichtgevroren waterwegen) een tekort in de stad dreigt te ontstaan.


Historische Context

Het document dateert van december 1940, slechts zeven maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De context van de vroege bezettingsjaren is cruciaal voor het begrip van dit stuk:

  1. Voedselvoorziening: Al direct na de invasie in mei 1940 werd de distributie van goederen strakker aangetrokken. Rantsoenering was al begonnen (suiker in juni 1940, gevolgd door vele andere producten). De overheid en gemeenten probeerden hamsteren te voorkomen en de basisvoedselvoorziening te stabiliseren.
  2. Betekenis van 'Vatgroenten': In een tijd zonder grootschalige koeltechnieken of mondiale aanvoerketens waren ingelegde groenten (pekel of azijn) essentieel om de winterperiode door te komen zonder vitaminegebrek (zoals scheurbuik). Zuurkool was hierbij een van de belangrijkste bronnen van vitamine C.
  3. De Centrale Markthallen: De locatie waar de voorraad moest liggen, de Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat, was het kloppend hart van de Amsterdamse voedseldistributie.
  4. Gemeentelijk beleid: De stad Amsterdam probeerde hier proactief de regie te houden over lokale voorraden om honger of sociale onrust tijdens de eerste winter onder bezetting te voorkomen. Het contract toont de samenwerking tussen de overheid en private marktpartijen in een tijd van toenemende schaarste.

Locaties

Amsterdam.

Kooplieden in dit dossier 3

Kistenhuur is 20.000 kisten à 20 cent per kist = Uilenburg
Pand Medan

Gerelateerde Documenten 6