Ambtelijke notitie / Conceptbrief
Origineel
Ambtelijke notitie / Conceptbrief 11 juli 1941 (afgeleid van de stempel/notitie "11/7/41") Onderwerp: verzoek Ned. Agrarisch Front
37/58/2 W. l. M.
11/7/41 148
In bijlage dezes heb ik de eer U een afschrift te doen toekomen van een op 24 Juni j.l. tot mij gerichten brief door het Nederlandsch Agrarisch Front, houdende het verzoek een lijst te verstrekken van alle hier in Amsterdam gevestigde winkeliers in aardappelen, groenten en fruit, zoo mogelijk met een afzonderlijke opgave van alle Joodsche winkeliers.
Een verzoek van gelijke strekking (door het Ned. Boerenfront) is reeds vroeger door het Gemeentebestuur afgewezen (vide brief d.d. 7 December 1940 van Uw Ambtsvoorganger en het besluit van B. en W. d.d. 29 November 1940 no. 6666 M. 1940).
Naar ik aanneem, zal de opdracht, waarvan in den brief van het Nederlandsch Agrarisch Front wordt gesproken, niet door de Gemeentelijke Overheid zijn gegeven.
Beleefd verzoek ik U mij te willen berichten of er onder de gegevene omstandigheden aanleiding bestaat, het vroeger genomen standpunt te herzien. Dit document is een intern schrijven waarin een ambtenaar rapporteert over een verzoek van het Nederlandsch Agrarisch Front (NAF). Het NAF wilde een overzicht van alle groente- en fruithandelaren in Amsterdam, waarbij expliciet werd gevraagd om de Joodse winkeliers apart te identificeren.
De schrijver van de brief herinnert de ontvanger eraan dat een soortgelijk verzoek in november/december 1940 nog werd afgewezen door het College van Burgemeester en Wethouders (B. en W.). De kernvraag in dit document is of de gemeente, gezien de "gegevene omstandigheden" (de voortschrijdende bezetting en anti-Joodse maatregelen in juli 1941), moet vasthouden aan die eerdere weigering of dat het standpunt moet worden herzien. * Nederlandsch Agrarisch Front (NAF): Dit was een nationaalsocialistische organisatie die tijdens de bezetting alle bestaande landbouworganisaties moest vervangen. Het was een instrument van de bezetter om de agrarische sector gelijk te schakelen.
* Periode: Juli 1941 was een kantelpunt. De uitsluiting van Joodse burgers uit het economische leven was in volle gang. Terwijl de gemeente Amsterdam in november 1940 blijkbaar nog weigerde mee te werken aan het verstrekken van dergelijke lijsten, werd de druk van de bezetter en collaborerende instanties in de loop van 1941 steeds groter.
* Administratieve collaboratie: Dit document toont het ambtelijke proces achter de Jodenvervolging: de registratie en de identificatie door middel van adreslijsten was een noodzakelijke eerste stap voor latere onteigening (door de Omnia-Treuhand) en uiteindelijke deportatie. Gemeente Amsterdam Omnia