Archief 745
Inventaris 745-362
Pagina 484
Dossier 17
Jaar 1941
Stadsarchief

Huurvoorwaarden/Overeenkomst betreffende het Marktwezen.

Juli 1941 (genoteerd als 7-’41).

Origineel

Huurvoorwaarden/Overeenkomst betreffende het Marktwezen. Juli 1941 (genoteerd als 7-’41). [Pagina 1]

Voorwaarden.

Artikel 1.
Indien een van partijen deze overeenkomst niet op den laatsten dag van de maand, waarvoor zij is aangegaan, opzegt, wordt zij telkens voor een maand onder dezelfde conditien verlengd, met dien verstande, dat zij in elk geval, zonder dat eenige opzegging vereischt wordt, zal eindigen op den datum, waarop 9 maanden sedert den bovenvermelden datum van ingang der overeenkomst zijn verloopen.

Artikel 2.
De Verordening op de heffing en op de invordering van markt-, standplaats- en ventgelden en de Verordening op den dienst van het Marktwezen, vastgesteld bij besluit van den Gemeenteraad, d.d. 16 Mei 1934, het bepaalde sub XII in dat Raadsbesluit, benevens het Reglement op de Centrale Markt, vastgesteld bij besluit van Burgemeester en Wethouders, d.d. 5 October 1934, zooals deze Verordeningen, dat Raadsbesluit en dat Reglement thans luiden, benevens de eventueele wijzigingen, die daarin nog zullen worden aangebracht, zijn op deze overeenkomst van toepassing. De huurder kan aan deze overeenkomst geen rechten ontleenen, die met vorenbedoelde Verordeningen en met vorenbedoeld Reglement in strijd zijn.

Artikel 3.
De huurder aanvaardt het gehuurde in den staat, waarin het zich bij den aanvang der huur bevindt.
Het is den huurder niet geoorloofd eenige leiding, vertimmering of verandering in het gehuurde aan te brengen, zonder voorafgaande goedkeuring van den Directeur van het Marktwezen.
De Regeeringscommissaris is te allen tijde bevoegd in het gehuurde die wijzigingen te doen aanbrengen, welke hij noodzakelijk of wenschelijk acht.

Artikel 4.
De huurder mag zonder schriftelijke toestemming van den Directeur van het Marktwezen, het gehuurde niet geheel of gedeeltelijk aan anderen verhuren of in gebruik geven.

Artikel 5.
Het onderhoud van het gebouw en van aan de verhuurster toebehoorenden inventaris, is voor rekening der verhuurster; het herstel van eventueel gebroken ruiten en van leidingen is voor rekening van den huurder, die voorts verplicht is het gehuurde in behoorlijken staat van reinheid te onderhouden, zulks ten genoegen van den Directeur van het Marktwezen. De huurder is aansprakelijk voor alle schade, die aan het gehuurde wordt toegebracht en is verplicht het bedrag dier schade op aanschrijving van verhuurster onmiddellijk te voldoen, tenzij hij bewijst, dat de schade niet door nalatigheid of gebrek aan toezicht zijnerzijds is veroorzaakt.

C.S. Stadhuis
A’dam, 7-’41.

[Pagina 2]

-2-

Artikel 6.
De kosten van het gebruik van gas en electriciteit zijn voor rekening van den huurder.
De kosten van waterverbruik zijn voor rekening van verhuurster.

Artikel 7.
De huurder is verplicht te allen tijde toegang te verleenen tot het gehuurde aan het personeel der Gemeentediensten, die hebben te zorgen voor het in goeden staat houden van het gehuurde en van hetgeen van Gemeentewege is aangelegd; alsmede aan de Politie en de Brandweer, mits de betreffende personen zich behoorlijk legitimeeren.

Artikel 8.
Het toezicht op het gebruik van het gehuurde en van hetgeen daarin aan Gemeente-eigendommen aanwezig is, zoowel als op de naleving der bepalingen van deze overeenkomst, berust, onder den Regeeringscommissaris, bij den Directeur van het Marktwezen. De Regeeringscommissaris, de Wethouders, de Directeur van het Marktwezen en de door dezen aan te wijzen personen hebben daartoe te allen tijde toegang tot het gehuurde.

Artikel 9.
De huurder mag geen reclamemiddel of aankondiging te zijnen behoeve of ten behoeve van derden, aan of op het gehuurde aanbrengen zonder schriftelijke toestemming van den Directeur van het Marktwezen. De Gemeente behoudt zich het recht van het aanbrengen van reclamemiddelen uitdrukkelijk voor; de huurder is verplicht, al hetgeen de Regeeringscommissaris daartoe noodig oordeelt, in, aan of op het gehuurde toe te laten, voor zoover hierdoor geen belangen van den huurder worden geschaad.

Artikel 10.
De huurder zal voor het tijdelijk gemis van het gebruik van het gehuurde of van een deel van het gehuurde, uit welke oorzaak ook, geen recht hebben op schadevergoeding van de zijde der verhuurster.

Artikel 11.
Bij wanbetaling der huurpenningen of bij nalatigheid of handeling in strijd met deze overeenkomst heeft de Gemeente het recht de huur onmiddellijk als geëindigd te beschouwen en den huurder wegens geëindigde huur tot ontruiming van het gehuurde in rechte te vervolgen, zonder dat het noodig zal zijn den huurder door een sommatie of soortgelijke akte in gebreke te stellen, zullende deze door het enkel verloop van den vastgestelden betalingstermijn of de enkele strijdige handeling reeds geacht worden in gebreke te zijn.

Artikel 12.
In alle gevallen waarin deze overeenkomst niet voorziet ligt de beslissing bij den Regeeringscommissaris, wiens uitspraak bindend is.

Artikel 13.
De huurder kiest gedurende den geheelen duur der overeenkomst domicilie in het gehuurde. * Doel: Het vastleggen van de juridische en praktische voorwaarden voor de huur van een object (vermoedelijk een marktkraam, opslagruimte of standplaats) onder het beheer van het Amsterdams Marktwezen.
* Kernpunten:
* De huur is in principe per maand opzegbaar, maar beperkt tot een totale duur van 9 maanden (Art. 1).
* Strikte onderwerping aan de gemeentelijke verordeningen van 1934 (Art. 2).
* De huurder is verantwoordelijk voor dagelijks onderhoud (schoonmaak, ruiten, leidingen), terwijl groot onderhoud bij de gemeente ligt (Art. 5).
* Er gelden strenge regels voor toegang door autoriteiten en toezicht (Art. 7 & 8).
* De gemeente behoudt zeggenschap over reclame-uitingen op het object (Art. 9).
* Taalgebruik: Formeel-juridisch Nederlands met gebruik van de destijds gangbare spelling (den, dezer, verhuurster). Dit document stamt uit juli 1941, een cruciale periode tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Een zeer belangrijk historisch detail in de tekst is de verwijzing naar de "Regeeringscommissaris" (Art. 3, 8, 9 en 12).

Na de inval van de Duitsers en het ontslag van veel democratisch gekozen bestuurders, werden gemeenteraden buiten spel gezet. In Amsterdam werd in 1941 een regeringscommissaris (Edward Voute) aangesteld door de bezetter om de stad te besturen. Hoewel het document verwijst naar verordeningen uit 1934 (de vooroorlogse democratische periode), ligt de uiteindelijke beslissingsbevoegdheid volgens dit contract bij deze door de bezetter gecontroleerde figuur. Dit weerspiegelt de overgang van een lokaal democratisch bestuur naar een autoritair bestuur onder toezicht van de bezettingsmacht. C.S. Stadhuis Gemeente Amsterdam Marktwezen Politie Stadhuis

Samenvatting

  • Doel: Het vastleggen van de juridische en praktische voorwaarden voor de huur van een object (vermoedelijk een marktkraam, opslagruimte of standplaats) onder het beheer van het Amsterdams Marktwezen.
  • Kernpunten:
    • De huur is in principe per maand opzegbaar, maar beperkt tot een totale duur van 9 maanden (Art. 1).
    • Strikte onderwerping aan de gemeentelijke verordeningen van 1934 (Art. 2).
    • De huurder is verantwoordelijk voor dagelijks onderhoud (schoonmaak, ruiten, leidingen), terwijl groot onderhoud bij de gemeente ligt (Art. 5).
    • Er gelden strenge regels voor toegang door autoriteiten en toezicht (Art. 7 & 8).
    • De gemeente behoudt zeggenschap over reclame-uitingen op het object (Art. 9).
  • Taalgebruik: Formeel-juridisch Nederlands met gebruik van de destijds gangbare spelling (den, dezer, verhuurster).

Historische Context

Dit document stamt uit juli 1941, een cruciale periode tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Een zeer belangrijk historisch detail in de tekst is de verwijzing naar de "Regeeringscommissaris" (Art. 3, 8, 9 en 12).

Na de inval van de Duitsers en het ontslag van veel democratisch gekozen bestuurders, werden gemeenteraden buiten spel gezet. In Amsterdam werd in 1941 een regeringscommissaris (Edward Voute) aangesteld door de bezetter om de stad te besturen. Hoewel het document verwijst naar verordeningen uit 1934 (de vooroorlogse democratische periode), ligt de uiteindelijke beslissingsbevoegdheid volgens dit contract bij deze door de bezetter gecontroleerde figuur. Dit weerspiegelt de overgang van een lokaal democratisch bestuur naar een autoritair bestuur onder toezicht van de bezettingsmacht.

Genoemde Personen 1

Locaties

Centrale Markt

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Kruidenier (Droog): Meel Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Paling Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Gemeente Amsterdam Marktwezen Politie Stadhuis

Kooplieden in dit dossier 10

Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg en kroeskarper
Bot, andere dan Noordzeebot *0.15* [hs]
Edelkarper (levend) *0.45* [hs]
Grossiers en personeel f 642.-
A. Geboorte f. 9.600.-
P.H. Passchier " 4.160.-
Snoek en barbeel *0.12* [hs]
Voorn en kolblei beneden 20 cm en serpeling
M. Sicma *0.20* [hs]

Gerelateerde Documenten 6