Officiële brief van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Officiële brief van de Gemeente Amsterdam. De Burgemeester van Amsterdam (namens deze: De Administrateur der Afdeeling Militaire Zaken). De Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en Schoonmaak-, Bad- en Zweminrichtingen. [Stempel boven aan]: $N^o$ 404 L.M. 1940 $^{10}/_6$
GEMEENTE AMSTERDAM
AFD. M.Z.
No. 26/129$^b$ M.Z.
BIJLAGEN 1 [handgeschreven]
AMSTERDAM, 10 Juni 1940. [dagtekening '10' handgeschreven]
MEN WORDT VERZOCHT BIJ HET ANTWOORD NAUWKEURIG HET NUMMER VAN DIT SCHRIJVEN EN DE AFDEELING TE VERMELDEN.
Ten vervolge op mijn schrijven van 6 Mei j.l., nr. 26/129$^a$ M.Z., heb ik de eer U hierbij te doen toekomen een afschrift van een missive van Gedeputeerde Staten van Noordholland, handelende over de wijze, waarop aanvragen om schadeloosstelling voor het gebruik van terreinen e.d., door het militaire gezag gevorderd, behooren te worden ingediend.
Mijnerzijds bestaat er geen bezwaar tegen, dat de afwikkeling van de aanhangig gemaakte vorderingszaak – terrein van $\pm$ 500 M2 Centrale Markthallen – rechtstreeks door of namens U met het Departement van Defensie wordt geregeld.
De Burgemeester van Amsterdam,
Voor den Burgemeester,
De Administrateur der Afdeeling Militaire Zaken,
[Handtekening]: J.F. [onleesbaar, wsl. Ramaer]
[Stempel linksbeneden met handgeschreven toevoeging]:
De Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en Schoonmaak-, Bad- en Zweminrichtingen stelt deze in handen van den Heer Directeur van het Marktwezen ~~om advies~~: ter verdere behandeling.
A’dam, 11 Juni 1940.
[Stempel onderaan]: $N^o$ 90/3/6 M. 1940 $^{11}/_6$
Aan
den Heer Wethouder voor de
Levensmiddelen, Wasch- en Schoonmaak-,
Bad- en Zweminrichtingen.
A l h i e r .
[Voetnoot]: Model G.A. 6 - 25.000—I—’40 Dit document is een ambtelijke correspondentie binnen het bestuur van de Gemeente Amsterdam, gedateerd kort na de Nederlandse capitulatie in mei 1940. De kern van de brief betreft de administratieve afhandeling van een schadevergoeding ("schadeloosstelling") voor terreinen die door het militair gezag gevorderd zijn.
In dit specifieke geval gaat het om een terrein van ongeveer 500 vierkante meter bij de Centrale Markthallen. De Administrateur van de Afdeling Militaire Zaken (M.Z.) geeft de betreffende wethouder toestemming om deze claim rechtstreeks met het Departement van Defensie af te wikkelen. De stempel linksbeneden toont de interne doorgeleiding van het document naar de Directeur van het Marktwezen voor de uitvoering ("ter verdere behandeling"). De datum van de brief, 10 juni 1940, is historisch relevant. Nederland was op dat moment net een maand bezet door nazi-Duitsland (de capitulatie vond plaats op 15 mei 1940). Hoewel het militaire gezag waarnaar verwezen wordt in de brief waarschijnlijk betrekking heeft op de Nederlandse mobilisatieperiode of de gevechtsdagen in mei, vond de administratieve afwikkeling plaats onder het beginnende bezettingsbestuur.
Het feit dat er gesproken wordt over "vorderingen door het militaire gezag" bij de Centrale Markthallen is typerend voor de logistieke chaos en de noodzaak tot inkwartiering of opslag die gepaard gaat met oorlogsvoering en bezetting. De bureaucratie van de gemeente Amsterdam bleef in deze vroege fase van de bezetting grotendeels intact en functioneerde volgens de bestaande regels en procedures. M.Z. Gemeente Amsterdam Marktwezen