Brief (handgeschreven)
Origineel
Brief (handgeschreven) 15 februari 1939 Een marktkoopman (naam niet vermeld op deze zijde) [Stempel/Kenmerk: № 25/3/4 M. 1939 10/2]
A’dam 15/2 ’39
Den WEdel. Heer
Direkteur v. h.
Marktwezen
Alhier
M. H.
Heden vervoegde mijn
vrouw zich naar de markt
Albert cuyp. om onze plaats
weder te bezetten
waar vernam zij dat de
plaats is ingetrokken.
Ik ben zoo vrij UEdl. erop
te wijzen dat ik na Uw
antwoord op mijn schrijven
dato 2 Jan. 39 ik (Uw antwoord 19 Jan)
UEdl. op 22 Jan. verzocht om
mijn verzoek van op 2 Jan. nogmaals
in behandeling te willen
nemen en uitstel van betaling.
waarop ik verder niets meer
vernam.
Ik had mij Mijnheer de
Direkteur het marktwezen * Inhoud: De schrijver beklaagt zich over het feit dat de marktplaats van hem en zijn vrouw op de Albert Cuypmarkt is ingetrokken. De vrouw wilde de plek weer innemen ("bezetten"), maar kreeg daar te horen dat deze niet langer voor hen beschikbaar was.
* Kern van het conflict: De brief wijst op een lopende correspondentie over een betalingsachterstand. De schrijver heeft op 22 januari 1939 verzocht om uitstel van betaling, volgend op een eerdere brief van 2 januari. Hij stelt dat hij op dit laatste verzoek geen reactie heeft ontvangen, maar dat de sanctie (intrekking van de plaats) wel is uitgevoerd.
* Toon: De brief is geschreven in een formele, eerbiedige toon ("WEdel. Heer", "UEdl."), kenmerkend voor de gezagsverhoudingen van die tijd, maar bevat een duidelijke ondertoon van onmacht en urgentie.
* Taalgebruik: Er wordt gebruikgemaakt van de spelling van voor de grote spellingwijzigingen (zoals "zoo", "marktwezen"). Dit document stamt uit februari 1939, de late periode van de crisisjaren dertig in Nederland. Voor veel kleine zelfstandigen en marktkooplieden was het economisch een zware tijd. De Albert Cuypmarkt was toen (net als nu) een cruciaal economisch centrum in Amsterdam.
De afdeling 'Marktwezen' van de gemeente Amsterdam hield streng toezicht op het betalen van de marktgelden. Het intrekken van een standplaats was een zware maatregel die direct het inkomen van een gezin trof. De brief illustreert de bureaucratische realiteit waarbij een verzoek om uitstel van betaling soms 'ingehaald' werd door de uitvoering van sancties. Het document biedt hiermee een inkijkje in de sociaal-economische problematiek van Amsterdammers vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. H. Gemeente Amsterdam Marktwezen