Administratieve kaart/notitie betreffende marktvergunningen.
Origineel
Administratieve kaart/notitie betreffende marktvergunningen. Februari 1939. [Stempel linksboven:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 25/3/1 193 9
DOORGEZONDEN:
[Rechtsboven:]
744
[Hoofdtekst:]
D. Vischjager, pl. no 293
Alb. Cuypstraat.
2 25/3/5 3/3-'39
6 Febr '39 wegens wanbetaling
met f 10.80 schuld afgevoerd.
Het verzoek van Vischjager om
weder in het bezit van zijn plaats
op de markt aan de Alb. Cuypstraat,
welke plaats wegens wanbetaling
op 6 febr. j.l. is ingetrokken - te
worden gesteld, moet m.i. worden afgewezen.
[Marginale aantekeningen rechts:]
21/2 39 R
Hr. Vollmer
advies
22-2-39
de Boer
[Vervolg hoofdtekst:]
Vischjager is op 19 Januari (zie brief 25/3/3 M)
gewaarschuwd onverwijld het achterstallige
marktgeld aan te zuiveren waarbij hem werd
medegedeeld, dat wanneer hij in gebreke zou
blijven daaraan te voldoen, zijn plaats zou
worden ingetrokken.
(Zie verder rapport chef marktopz.)
[Rechtsonder:]
28-2-39
de Boer
[Linksonder:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document is een ambtelijk advies met betrekking tot het intrekken van een marktplaatsvergunning. De handelaar, D. Vischjager, bezat plaats nummer 293 op de Albert Cuypmarkt. Vanwege een schuld van 10,80 gulden aan marktgeld (een aanzienlijk bedrag voor die tijd) werd zijn vergunning op 6 februari 1939 ingetrokken.
Ondanks een verzoek van Vischjager om zijn plaats terug te krijgen, adviseert de ambtenaar (ondertekend door 'de Boer') dit af te wijzen. De reden hiervoor is dat de handelaar op 19 januari reeds officieel was gewaarschuwd en de kans had gekregen zijn schuld te vereffenen, met de expliciete waarschuwing dat hij bij ingebrekestelling zijn plek zou verliezen. Er wordt verwezen naar een aanvullend rapport van de chef-marktopzichter. Het document biedt een inkijkje in de strikte handhaving van marktreglementen in Amsterdam aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. De Albert Cuypmarkt was destijds, net als nu, een vitale economische plek, maar de economische omstandigheden in 1939 waren voor veel kleine handelaren zwaar.
De achternaam 'Vischjager' komt veelvuldig voor binnen de Joodse gemeenschap van Amsterdam in die periode; veel marktkooplieden op de Albert Cuypmarkt waren van Joodse afkomst. Dit document is een voorbeeld van de dagelijkse bureaucratie waarmee burgers te maken hadden wanneer zij hun financiële verplichtingen aan de gemeente niet konden nakomen. De verwijzing naar "Model No. 14" duidt op een gestandaardiseerd proces voor het afhandelen van dergelijke vergunningskwesties. D. Vischjager M. No Gemeente Amsterdam