Handgeschreven notitie op een klein, gescheurd of gekarteld papierfragment.
Origineel
Handgeschreven notitie op een klein, gescheurd of gekarteld papierfragment. [Bovenaan, in rode inkt:]
2 6/17/1
[In paarsblauwe inkt:]
M. J. A. Jansen
II Boezemstraat 21
idem
persoonsbewijs
medewerkt
Z. O. Z. * Persoonsgegevens: De notitie betreft een individu genaamd M.J.A. Jansen, woonachtig op het adres Boezemstraat 21. De Romeinse "II" voor de straatnaam duidt waarschijnlijk op de tweede verdieping van het pand.
* Kernbegrippen: Het woord "persoonsbewijs" is een sterke indicatie voor de periode van de Duitse bezetting in Nederland (1940-1945), aangezien dit identiteitsbewijs in 1941 werd ingevoerd.
* Status: De term "medewerkt" (of mogelijk "medewerker") kan wijzen op de arbeidsstatus van de persoon of betrokkenheid bij een specifieke organisatie of activiteit.
* Administratieve kenmerken: De rode cijferreeks bovenaan is een typisch kenmerk van een archiefcode of dossiernummer. De afkorting "Z. O. Z." (Zie Ommezijde) onderaan geeft aan dat de informatie op de achterzijde van het papier doorloopt. Dit document lijkt een administratieve fiche of een kladnotitie uit een oorlogsarchief. De Boezemstraat is een bekende straat in de Rotterdamse wijk Crooswijk. Gezien de verwijzing naar het 'persoonsbewijs' kan dit fragment afkomstig zijn uit de administratie van de bezetter, de lokale politie, of juist van een verzetsorganisatie die gegevens bijhield over bewoners in het kader van hulpverlening of observatie. Het gebruik van paarse inkt was in de eerste helft van de 20e eeuw zeer gebruikelijk voor ambtelijke en persoonlijke notities. A. Jansen M.J.A. Jansen Politie