Archief 745
Inventaris 745-275
Pagina 400
Dossier 24
Jaar 1939
Stadsarchief

Ambbtelijk advies / brief.

Vermoedelijk 1939 (gebaseerd op het referentienummer "M 39"). De tekst noemt data in 1930 en 1936. Aan: De Inspecteur van het Marktwezen, Amsterdam.

Origineel

Ambbtelijk advies / brief. Vermoedelijk 1939 (gebaseerd op het referentienummer "M 39"). De tekst noemt data in 1930 en 1936. De Inspecteur van het Marktwezen, Amsterdam. Advies op No. 25/27/1 M 39.

Den Heer Inspecteur
v/h Marktwezen
Alhier.

Naar aanleiding van bijgaand verzoek van R. Ensel,
pl. 260 AC. bericht ik U het volgende:
De heer Ensel heeft een vaste plaats op de oude
markt Albert Cuypstraat, nl. de hoekplaats
1e Sweelinckstraat/Albert Cuypstraat, welke hem,
volgens de alhier aanwezige gegevens, op 24 Febr. 36 is
toegewezen.
Voordien bezette Ensel bedoelde plaats een aantal
jaren als losseplaatser.
De heer Andriessen, een vischbakker, heeft een
vaste plaats naast de heer Ensel, welke hij sinds
21 Febr. 30 bezet.
De stank, die het vischbakken veroorzaakt, is
bijzonder hinderlijk voor den heer Ensel, zoodat
het zaakje in schildersbenoodigdheden dreigt vernietigd
te worden.
M.i. is er slechts één oplossing, nl. op Zaterdagen
den heer Andriessen het vischbakken te doen verbieden,
omreden dien dag de omliggende kooplieden, zelfs zij
die veel oudere rechten hebben dan de heer Andriessen,
daarvan de, meesten, last ondervinden.
Andere marktdagen is deze aangelegenheid minder
urgent, omreden daar gedeelte markt slechts zeer matig Dit document is een ambtelijk advies over een conflict tussen twee marktkooplieden op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. De heer R. Ensel, die handelt in schildersbenodigdheden, klaagt over de heer Andriessen, een visbakker die naast hem staat.

De kern van het probleem is de "stank" van het visbakken. Volgens de rapporteur tast deze geur de handelswaar van Ensel aan, waardoor zijn nering ("zaakje") gevaar loopt. Hoewel Andriessen al langer op die plek staat (sinds 1930) dan Ensel (vaste plek sinds 1936), weegt het belang van de omgeving zwaarder.

De voorgestelde oplossing is pragmatisch: een verbod op visbakken specifiek op zaterdagen. Op deze drukste dag van de week hebben namelijk ook andere omringende kooplieden last van de geur, van wie sommigen over "oudere rechten" (een langere standplaatsgeschiedenis) beschikken dan Andriessen. De Albert Cuypmarkt, opgericht in 1905, was in de jaren '30 al een centrale plek voor de Amsterdamse handel. Uit dit document blijkt hoe strikt het Marktwezen de standplaatsen reguleerde (met registratienummers zoals "pl. 260 AC").

Het taalgebruik is formeel en typerend voor de vooroorlogse bureaucratie ("Mijns inziens", "omreden", "alhier"). Het document illustreert de eeuwige spanning op een markt tussen verschillende soorten handel: de sterke geuren van etenswaren versus kwetsbare non-food artikelen. Het principe van 'oudere rechten' was destijds een doorslaggevend argument in het marktrecht; wie er het langst stond, had doorgaans de sterkste positie, tenzij het algemeen belang (of de overlast voor de meerderheid) zwaarder woog.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk advies over een conflict tussen twee marktkooplieden op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. De heer R. Ensel, die handelt in schildersbenodigdheden, klaagt over de heer Andriessen, een visbakker die naast hem staat.

De kern van het probleem is de "stank" van het visbakken. Volgens de rapporteur tast deze geur de handelswaar van Ensel aan, waardoor zijn nering ("zaakje") gevaar loopt. Hoewel Andriessen al langer op die plek staat (sinds 1930) dan Ensel (vaste plek sinds 1936), weegt het belang van de omgeving zwaarder.

De voorgestelde oplossing is pragmatisch: een verbod op visbakken specifiek op zaterdagen. Op deze drukste dag van de week hebben namelijk ook andere omringende kooplieden last van de geur, van wie sommigen over "oudere rechten" (een langere standplaatsgeschiedenis) beschikken dan Andriessen.

Historische Context

De Albert Cuypmarkt, opgericht in 1905, was in de jaren '30 al een centrale plek voor de Amsterdamse handel. Uit dit document blijkt hoe strikt het Marktwezen de standplaatsen reguleerde (met registratienummers zoals "pl. 260 AC").

Het taalgebruik is formeel en typerend voor de vooroorlogse bureaucratie ("Mijns inziens", "omreden", "alhier"). Het document illustreert de eeuwige spanning op een markt tussen verschillende soorten handel: de sterke geuren van etenswaren versus kwetsbare non-food artikelen. Het principe van 'oudere rechten' was destijds een doorslaggevend argument in het marktrecht; wie er het langst stond, had doorgaans de sterkste positie, tenzij het algemeen belang (of de overlast voor de meerderheid) zwaarder woog.

Locaties

Hoek Albert Cuypstraat / 1e Sweelinckstraat Amsterdam.

Gerelateerde Documenten 6